Besluit bewapening en uitrusting politie

Huidige tekst

Artikel 26 Besluit bewapening en uitrusting politie

Geldt sinds 1 juli 2018

  1. 1

    De korpschef draagt er zorg voor dat de volgende ambtenaren van politie slechts over bewapening beschikken indien zij voldoen aan de bij ministeriële regeling gestelde eisen van bekwaamheid: a.de ambtenaar van politie, bedoeld in artikel 2, onderdelen a en c, van de Politiewet 2012, die is aangesteld voor de uitvoering van de politietaak; b.de ambtenaar van politie, bedoeld in artikel 2, onderdeel b, van de Politiewet 2012, die op grond van artikel 7, negende lid, van die wet de bevoegdheid heeft geweld te gebruiken.

  2. 2

    Het College van procureurs-generaal draagt er zorg voor dat de ambtenaar van de rijksrecherche die is aangesteld voor de uitvoering van de politietaak slechts over bewapening beschikt indien hij voldoet aan de bij ministeriële regeling gestelde eisen van bekwaamheid.

  3. 3

    De regeling, bedoeld in het eerste en tweede lid, bevat in ieder geval regels over de jaarlijkse toetsing terzake van geweldsbeheersing, aanhoudings- en zelfverdedigingsvaardigheden en schietvaardigheid.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.