Berner Conventie tot bescherming van letterkundige en kunstwerken van 9 september 1886, herzien te Berlijn op 13 november 1908 en te Rome op 2 juni 1928

Huidige tekst

Artikel 26 Berner Conventie tot bescherming van letterkundige en kunstwerken van 9 september 1886, herzien te Berlijn op 13 november 1908 en te Rome op 2 juni 1928

Geldt sinds 1 augustus 1931

(1) Elk der landen van het Verbond kan steeds schriftelijk aan de Regeering van den Zwitserschen Bondsstaat mededeelen, dat dit Verdrag toepasselijk is op alle of op een gedeelte van zijn koloniën, protectoraten, mandaatsgebieden of alle andere gebieden onderworpen aan zijn souvereiniteit of zijn gezag of op alle gebieden onder suzereiniteit, en het Verdrag zal alsdan toepasselijk zijn op alle gebieden die in die kennisgeving zijn aangegeven. Bij gebreke van deze kennisgeving zal het Verdrag niet op die gebieden toepasselijk zijn. (2) Elk der landen van het Verbond kan steeds schriftelijk aan de Regeering van den Zwitserschen Bondsstaat mededeelen dat dit Verdrag ophoudt toepasselijk te zijn op alle of op een deel der gebieden waarover de mededeeling als bedoeld in het vorig lid handelde, en het Verdrag zal twaalf maanden na ontvangst van die mededeeling, gericht aan de Regeering van den Zwitserschen Bondsstaat, ophouden toepasselijk te zijn in de gebieden aangewezen in die mededeeling. (3) Alle mededeelingen, die overeenkomstig de bepalingen der leden 1 en 2 van dit artikel aan de Regeering van den Zwitserschen Bondsstaat gedaan zijn, zullen door die Regeering ter kennis van alle landen van het Verbond worden gebracht.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.