Huidige tekst
Artikel 10 Beleidsregels Protocollaire Basisadministratie
Recht van kennisneming 1 DPG deelt op verzoek van een geprivilegieerde aan hem mee: a.of hij in PROBAS voorkomt; b.welke persoonsgegevens over hem in het register zijn opgenomen; c.aan wie of aan welke instanties persoonsgegevens over hem zijn verstrekt. 2 Een schriftelijk verzoek, bedoeld in het eerste lid, dient gericht te worden aan de Minister door tussenkomst van DPG. 3 Een verzoek, bedoeld in het eerste lid, kan, onder overlegging van een bijzondere daartoe strekkende schriftelijke machtiging, namens de geprivilegieerde worden gedaan door diens gemachtigde. 4 Op een verzoek, bedoeld in het eerste lid, wordt binnen vier weken, nadat het verzoek is ontvangen, schriftelijk beslist.