Beleidsregel voor het plaatsen van windturbines op, in of over waterstaatswerken of wegen in beheer bij het Rijk

Huidige tekst

Artikel 5 Beleidsregel voor het plaatsen van windturbines op, in of over waterstaatswerken of wegen in beheer bij het Rijk

Geldt sinds 1 januari 2024

De territoriale zee 1 Plaatsing van windturbines in het gemeentelijk ingedeelde deel van de territoriale zee wordt slechts toegestaan op locaties waarvoor geldt dat windturbines: a.geen negatieve invloed hebben op de veiligheid van de kust; b.geen negatieve morfologische ontwikkeling van de bodem veroorzaken; c.geen negatieve effecten op de natuurlijke dynamiek van de bodem hebben; d.niet leiden tot verweking van de bodem; e.geen negatieve invloed hebben op de kustlijnligging; f.het uitvoeren van zandsuppleties en onderwatersuppleties niet in onaanvaardbare mate bemoeilijken; g.niet de veiligheid van het scheepvaartverkeer aantasten. 2 Voor vaarwegen in de territoriale zee is artikel 4 van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.