Huidige tekst
Artikel 4 Beleidsregel reclame commerciële media-instellingen 2022
Duidelijk onderscheid 1 Reclame- en telewinkelboodschappen zijn duidelijk onderscheiden van het overige programma-aanbod ( artikel 3.7, eerste lid van de wet ). Hieraan is in ieder geval voldaan als in de omlijsting gebruik wordt gemaakt van: a.een zichtbare en/of hoorbare vermelding van ‘reclame’, ‘advertentie’, ‘telewinkelboodschap’, of woorden van gelijke strekking; of b.een andere zichtbare en/of hoorbare vermelding die naar zijn aard of inhoud de reclame- en telewinkelboodschappen voldoende duidelijk afscheidt van het overige programma-aanbod, mede gelet op het publiek waarvoor de reclame- en telewinkelboodschappen zijn bestemd. 2 Reclame- en telewinkelboodschappen in de vorm van splitscreen of binnen een kader op een teletekstpagina zijn duidelijk onderscheiden van het overige programma-aanbod indien: a.deze worden geplaatst in een afzonderlijk stilstaand kader dat bij splitscreen maximaal tweederde van het totaal beschikbare beeld beslaat, en bij teletekst maximaal twintig procent van de pagina; b.deze zijn voorzien van een voortdurende zichtbare duidelijke vermelding van ‘reclame’, ‘advertentie’, ‘telewinkelboodschap’, dan wel woorden van gelijke strekking; en c.het redactionele deel van het programma-aanbod volledig zichtbaar blijft en onverkort en zonder onderbreking wordt doorgegeven. 3 Reclame- en telewinkelboodschappen in de vorm van splitscreen zijn alleen toegestaan tijdens het programma-aanbod voor zover dat aanbod bestaat uit de live verslaggeving van een evenement of uit het verslag of de weergave van een sportevenement. 4 Het aandeel reclame- en telewinkelboodschappen in de vorm van splitscreen telt mee voor de berekening van de maximale hoeveelheid reclame die is bepaald bij of krachtens de wet.