Arbeidsomstandighedenregeling

Huidige tekst

Artikel 8.20 Arbeidsomstandighedenregeling

Geldt sinds 1 januari 2007

Algemene vereisten inzake de mondelinge mededeling 1 De mondelinge mededeling vindt plaats tussen een spreker of zender en een of meer toehoorders, en wel in de vorm van korte teksten, woordgroepen of afzonderlijke woorden, eventueel gecodeerd. 2 De mondelinge boodschappen zijn zo kort, eenvoudig en duidelijk mogelijk. 3 De taalvaardigheid van de spreker en het gehoorvermogen van de toehoorder zijn voldoende om een ondubbelzinnige communicatie tot stand te brengen. 4 De mondelinge mededeling is direct door middel van gebruik van de menselijke stem of indirect door middel van de menselijke stem of spraaksynthese, verspreid door een middel ad hoc. 5 Indien de mondelinge mededeling wordt gebruikt in plaats van of ter aanvulling van hand- of armseinen en er geen codes worden gebruikt, worden met name de volgende woorden gebruikt: a.start, om het begin van een commando aan te duiden; b.stop, om een beweging te onderbreken of te beëindigen; c.einde, om de werkzaamheden stop te zetten; d.hijsen, om een last te doen hijsen; e.vieren, om een last te doen vieren; f.vooruit, achteruit, naar rechts, naar links, in combinatie met het juiste hand- of armsein, om een beweging in een bepaalde richting te doen plaatsvinden; g.gevaar, om een noodstop af te dwingen; h.snel, om een beweging te versnellen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.