Algemene wet bestuursrecht

Awb

Huidige tekst

Artikel 2:18 Awb

Geldt sinds 1 januari 2026

  1. 1

    Aan het vereiste van ondertekening is voldaan door een elektronische handtekening, indien de methode die daarbij voor ondertekening is gebruikt, voldoende betrouwbaar is, gelet op de aard en inhoud van het elektronische bericht en het doel waarvoor het is gebruikt.

  2. 2

    Indien de veiligheid en de betrouwbaarheid van het elektronische bericht en het doel waarvoor het wordt gebruikt dit noodzakelijk maken, kan bij wettelijk voorschrift het gebruik worden voorgeschreven van een bepaald type elektronische handtekening als bedoeld in artikel 3, onder 10, van Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 (PbEU 2014, L 257). Daarbij kunnen aanvullende eisen worden gesteld, tenzij het gaat om een geavanceerde elektronische handtekening als bedoeld in artikel 3, onder 11, of een gekwalificeerde elektronische handtekening als bedoeld in artikel 3, onder 12, van die verordening.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2026:5800Raad van State, 30 september 2026 (omgevingsrecht)

    Dama dama heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door het college van burgemeester en wethouders van Vijfheerenlanden. Dama dama heeft op 13 december 2022 een…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:19047Rechtbank Den Haag, 8 juli 2026 (vreemdelingenrecht)

    Kennisgeving artikel 6a Vw, en wordt geacht mede een beroep tegen de toegangsweigering te omvatten. De rechtbank is van oordeel dat er sprake is van een rechtsgeldige ondertekening van de…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.