Huidige tekst
Artikel 120 Algemeen Reglement van de Wereldpostunie
Lidmaatschap van de Adviescommissie 1 De Adviescommissie bestaat uit: 1.1. niet-gouvernementele organisaties (waaronder organisaties die cliënten, leveranciers van distributiediensten, werknemers bij de post of werkgevers bij de post vertegenwoordigen), filantropische entiteiten, normalisatieorganisaties, financiële en ontwikkelingsorganisaties, leveranciers van goederen en diensten die voor de postdienstensector werkzaam zijn, vervoersentiteiten, universitaire instellingen en onderzoeksinstituten, denktanks en soortgelijke kennisinstellingen en -organen die belang hebben bij het bijdragen aan de verwezenlijking van de missie en doelen van de Unie; 1.2. hoge vertegenwoordigers uit de postsector die worden aanbevolen door lidstaten of organen van de Unie, met inbegrip van de Adviescommissie. 2 Alle leden van de Adviescommissie hebben hun hoofdvestiging (en zijn, indien vereist door de betrokken lidstaat, naar behoren geregistreerd) of, in het geval van een hoge vertegenwoordiger als bedoeld in punt 1.2, hun vaste verblijfplaats in een lidstaat van de Unie. 3 De operationele kosten van de Adviescommissie worden over de leden van de Adviescommissie omgeslagen, tenzij de Raad van Bestuur anders bepaalt. In dit verband, en zoals uiteengezet in het Reglement van Orde van de Adviescommissie, kunnen verschillende lidmaatschapsgelden van toepassing zijn, afhankelijk van de juridische aard en de specifieke financiële mogelijkheden van de leden van de Adviescommissie. 4 De leden van de Adviescommissie krijgen geen enkele vergoeding of beloning.