Aanvullingswet natuur Omgevingswet

Huidige tekst

Artikel 2.9 Aanvullingswet natuur Omgevingswet

Eerbiedigend overgangsrecht procedures

Geldt sinds 1 januari 2024

  1. 1

    Als voor de inwerkingtreding van deze wet een aanvraag om een besluit op grond van de Wet natuurbescherming is ingediend, blijft het oude recht van toepassing: a.als tegen het besluit beroep openstaat, tot het besluit onherroepelijk is, b.als tegen het besluit geen beroep open staat, tot het besluit van kracht is.

  2. 2

    Als voor de inwerkingtreding van deze wet een ontwerp ter inzage is gelegd van een besluit op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is, blijft het oude recht van toepassing: a.als tegen het besluit beroep openstaat, tot het besluit onherroepelijk is, b.als tegen het besluit geen beroep openstaat, tot het besluit van kracht is.

  3. 3

    Als voor de inwerkingtreding van deze wet voor een ambtshalve te nemen besluit toepassing is gegeven aan artikel 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht of het besluit is bekendgemaakt, blijft het oude recht van toepassing: a.als tegen het besluit beroep openstaat, tot het besluit onherroepelijk is, b.als tegen het besluit geen beroep openstaat, tot het besluit van kracht is.

  4. 4

    Wanneer voor de inwerkingtreding van deze wet een overtreding plaatsvond of is aangevangen of het gevaar klaarblijkelijk dreigde voor een overtreding van het bepaalde bij en krachtens de Wet natuurbescherming, en voor die overtreding een bestuurlijke sanctie is opgelegd of een schriftelijk voornemen daartoe is verzonden aan een belanghebbende, is het oude recht van toepassing tot het tijdstip waarop: a.de beschikking onherroepelijk is geworden en ten uitvoer is gelegd, b.de beschikking is ingetrokken, of c.als de beschikking de oplegging van een last onder dwangsom betreft: 1°. de dwangsom is ingevorderd, of 2°. de bij de beschikking opgelegde last onder dwangsom is opgeheven.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2026:6202Raad van State, 21 oktober 2026 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 19 juni 2024 heeft het college van gedeputeerde staten van Gelderland aan Nijhuis Bouw B.V. een ontheffing verleend van het verbod in artikel 3.10, eerste lid, aanhef en onder b, van…

  • ECLI:NL:RVS:2026:6203Raad van State, 21 oktober 2026 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 19 juni 2024 heeft het college van gedeputeerde staten van Gelderland aan Nijhuis Bouw B.V. een ontheffing verleend van het verbod in artikel 3.10, eerste lid, aanhef en onder b, van…

  • ECLI:NL:RVS:2026:6084Raad van State, 14 oktober 2026 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 1 februari 2023 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant aan [bedrijf] een ontheffing verleend van de verboden in artikel 3.5, tweede en vierde lid, van de Wet…

  • ECLI:NL:RVS:2026:5486Raad van State, 16 september 2026 (omgevingsrecht)

    Bij tussenuitspraak van 25 juni 2025, ECLI:NL:RVS:2025:2855, heeft de Afdeling de raad van de gemeente Beuningen en het college van burgemeester en wethouders van Beuningen opgedragen om binnen 20…

  • ECLI:NL:RVS:2026:5173Raad van State, 2 september 2026 (bestuursrecht)

    Bij besluiten van 30 maart 2021 heeft het college van gedeputeerde staten van Utrecht het door de Stichting de Faunabescherming, Stichting Fauna4Life en Stichting Animal Rights daartegen gemaakte…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:20031Rechtbank Den Haag, 17 juli 2026 (omgevingsrecht)

    Beroep tegen een ontheffing op grond van de Wet natuurbescherming om, ten behoeve van het aanleggen van een ecologische structuur, nesten en rustplaatsen van de ransuil opzettelijk te beschadigen, te…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:18643Rechtbank Den Haag, 9 juli 2026 (omgevingsrecht)

    Opdracht om de omvang van de populatie damherten in de Hoeksche Waard te beperken tot nul exemplaren. Het college heeft onvoldoende onderbouwd dat de populatie damherten in de Hoeksche Waard…

  • ECLI:NL:RBNHO:2026:7512Rechtbank Noord-Holland, 9 juli 2026 (bestuursrecht)

    Het beroep is gericht tegen de afwijzing van het verzoek van de Stichting aan het college om handhavend op te treden tegen het zonder natuurvergunning op grond van artikel 2.7, tweede lid, van de Wet…

129 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.