Aanvullend Protocol bij het Algemeen Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de Raad van Europa

Huidige tekst

Artikel 2 Aanvullend Protocol bij het Algemeen Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de Raad van Europa

Geldt sinds 11 juli 1956

a) De bepalingen van Titel IV van het Verdrag zijn van toepassing op de vertegenwoordigers, die vergaderingen van de Plaatsvervangers der Ministers bijwonen. b) De bepalingen van Titel IV van het Verdrag zijn van toepassing op de vertegenwoordigers (met uitsluiting van de vertegenwoordigers in de Raadgevende Vergadering), die vergaderingen bijwonen welke bijeengeroepen zijn door de Raad van Europa en gehouden worden buiten de zittingen van het Comité van Ministers en van de Plaatsvervangers der Ministers; de vertegenwoordigers, die deze vergaderingen bijwonen, kunnen echter deze immuniteit niet doen gelden bij aanhouding of gerechtelijke vervolging volgend op ontdekking op heterdaad.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.