Aanhef
Gedeputeerde Staten van provincie Flevoland
Overwegende dat de provincie als bevoegd gezag voor complexe bedrijven als bedoeld in het Besluit activiteiten leefomgeving verantwoordelijk is voor de toepassing van het geurhinderbeleid bij de vergunningverlening, het stellen van maatwerkvoorschriften en het toezicht (waaronder het toezicht op de specifieke zorgplicht);
Dat het uit oogpunt van rechtszekerheid gewenst is inzicht te bieden in de aard en wijze waarop Gedeputeerde Staten van Flevoland voor complexe bedrijven als bedoeld in het Bal de geurhinder beoordelen bij de omgevingsvergunningverlening en bij de toepassing van de specifieke zorgplicht;
Dat eerder op 17 juni 2008 de Beleidsregels voor de beoordeling van geurhinder 2008 door Gedeputeerde Staten zijn vastgesteld, die op 1 juli 2008 in werking zijn getreden;
Dat de onderhavige beleidsregel inhoudelijk een voortzetting is van de Beleidsregels voor de beoordeling van geur 2008 en dat wijziging hiervan enkel is ingegeven door de nieuwe grondslag in de Omgevingswet;
Dat gelet op het feit, dat voor de vergunningverlening voor bedrijven geen inhoudelijke wijzigingen zijn doorgevoerd, is afgezien van het opnieuw ter inzage leggen van deze beleidsregel;
Gelet op artikel 4:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 5.1 en 18.18 Omgevingswet en artikel 2.11 en 2.13 van het Besluit activiteiten leefomgeving,
Gelezen het voorstel van 22 augustus 2022 met kenmerk 2855346.
Besluiten:
Vast te stellen de navolgende beleidsregel:
Beleidsregel voor de beoordeling van geurhinder
Artikel 1 Uitgangspunten geurbeleid
Gedeputeerde Staten gaan bij de vergunningverlening voor milieubelastende activiteiten als bedoeld in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en voor het toezicht op die activiteiten (waaronder het toezicht op de specifieke zorgplicht) uit van het uitgangspunt dat nieuwe hindersituaties moeten worden voorkomen en bestaande oorzaken van (ernstige) geurhinder moeten worden gesaneerd. Ernstige geurhinder mag in het geheel niet meer voorkomen.
Artikel 2 Onderscheid gevoelige, minder gevoelige en niet-gevoelige bestemmingen
Gedeputeerde Staten onderscheiden gevoelige bestemmingen, minder gevoelige bestemmingen en niet-gevoelige bestemmingen.
1Gevoelige bestemmingen zijn gebieden waar grote aantallen mensen veelal langdurig verblijven. Hiertoe behoren woon- en leefgebieden, ziekenhuizen, verpleeghuizen, scholen, dagverblijven, winkelcentra, dag- en verblijfrecreatie (kampeerterreinen, volkstuinen met verblijfsaccommodatie, recreatiebungalows, drukbezochte recreatieobjecten) en kantoren gevestigd in algemene woon- en leefgebieden (niet op bedrijventerreinen). Daarbij geldt voor nieuwe gevoelige bestemmingen een strengere norm dan voor bestaande situaties.
2Minder gevoelige bestemmingen zijn:
a.agrarische bedrijfswoningen en op bedrijventerreinen gelegen (bedrijfs)woningen;
b.natuurterreinen, volkstuinen zonder verblijfsaccommodatie, sportterreinen, extensieve recreatieterreinen en vergelijkbare gebieden gekenmerkt door een lage bevolkingsdichtheid en de daar gevestigde bedrijfswoningen, en verspreid liggende (niet aaneengesloten) overige woningen;
c.bedrijven, kantoren, winkels op bedrijventerreinen tot en met categorie 3 als bedoeld in de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering van 2009, bijgevoegd in bijlage 1 bij deze beleidsregel.
3Niet gevoelige bestemmingen zijn:
a.agrarisch buitengebied;
b.Bedrijven, kantoren en winkels op bedrijventerreinen waarop bedrijven van categorie 4 (als bedoeld in de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering van 2009, bijgevoegd in bijlage 1 bij deze beleidsregel) en hoger zijn toegestaan.
Artikel 3 Onderscheid bestaande en nieuwe situaties
1Toetsing als nieuwe situatie betreft:
a.vergunningaanvragen of melding van nieuwe milieubelastende activiteiten
b.vergunningaanvraag of melding van toename geuremissie bij bestaande milieubelastende activiteiten
2Toetsing als bestaande situatie: indien sprake is van een vergunningaanvraag of melding voor een milieubelastende activiteit en geen sprake is van een nieuwe situatie als hiervoor omschreven.
Artikel 4 Toetsingscriteria
Gedeputeerde Staten beoordelen bij de toetsing van geurhinder de volgende aspecten:
•de (mogelijke) hinderlijkheid van de geur (hedonische waarde);
•de (mogelijke) tijdsduur van de geurhinder;
•het type omgeving waar (mogelijk) geurhinder optreedt en de mate van geurgevoeligheid daarvan;
•onderscheid tussen bestaande en nieuwe situaties.
Gedeputeerde Staten hanteren een algemene basistoetsing voor continue emissies en een aanvullende toetsing gericht op hinder door piekconcentraties.
a.Basistoetsing
Gevoelige bestemming
Minder gevoelige bestemming
Nieuwe situatie
Maximale geurconcentratie overeenkomend met H=-1 (uurgemiddeld; 99,5 percentiel)
•Geurreductie volgens BBT
•Maximale geurconcentratie overeenkomend met H=-1 (uurgemiddeld, 95 percentiel)
•H=-2 (uurgemiddeld, 98-percentiel) mag niet voorkomen = ernstige hinder
Bestaande situatie
•Geurreductie volgens ALARA;
•Maximale geurconcentratie overeenkomend met H=-1 (uurgemiddeld, 98-percentiel)
•Geurreductie volgens BBT;
•Maximale geurconcentratie overeenkomend met H=-1 (uurgemiddeld, 95-percentiel)
•H=-2 (uurgemiddeld, 98-percentiel) mag niet voorkomen = ernstige hinder
Voor de niet-gevoelige bestemmingen geldt slechts de minimumeis dat ernstige hinder (H= -2 uur gemiddeld, 98-percentiel) voorkomen moet worden. Wel dienen de eisen altijd op de BBT te worden gebaseerd.
b.Toetsing hinderlijke piekconcentraties (aanvullende toetsing)
De toetsing van hinderlijke piekconcentraties is een aanvulling op de basistoetsing. Geurhinder door piekconcentraties kan met name ontstaan bij discontinue bronnen en nabij hoge schoorstenen. Bij discontinue bronnen toetsen Gedeputeerde Staten de geurimmissie aan de waarde van meerdere percentielen. Daarbij geldt dat hoe minder vaak een piek optreedt hoe hoger de toelaatbare waarde kan zijn voor eenzelfde mate van hinder.
De verhouding tussen de waarden van de maximale geurconcentratie bij verschillende percentielen ligt daarbij als volgt:
Percentielwaarde
Verhouding normstelling
95
0,6
98
1
99,5
2
99,9
4
99,99
10
De relatief hoogste waarde van enig percentiel van de berekende geurimmissie geldt als maatgevend. Dit met uitzondering van de 99,99 percentiel, die wordt altijd slechts als indicatief bij de beoordeling betrokken.
Beoordeling op kortstondige piekconcentraties vindt plaats bij:
•geurbronnen die minder dan 5% van het aantal uren per jaar (dat wil dus zeggen 438 uur) actief zijn;
•geuremissie via een hoge schoorsteen.
Als een geurbron kortdurende pieken (minder dan een uur) in de omgeving veroorzaakt dan kunnen de piekwaarden niet met het gebruikelijke rekenmodel op basis van uurgemiddelde waarden worden bepaald. Deze kortdurende pieken kunnen met name optreden in de omgeving van hoge schoorstenen of specifieke processen. In dat geval wordt per situatie beoordeeld of de kortdurende pieken toelaatbaar zijn, afhankelijk van de sterkte (hedonische waarde) en frequentie van optreden alsmede de gevoeligheid van het ontvangende gebied.
Artikel 5 Eisen aan de mate van zekerheid dat geurhinder wordt voorkomen
Gedeputeerde Staten verlangen in nieuwe situaties bij de toetsing van gevoelige bestemmingen dat voldoende zekerheid bestaat dat geurhinder wordt voorkomen.
•De provincie verlangt bij toetsingen inzicht in het onbetrouwbaarheidsinterval van geuronderzoek. De initiatiefnemer moet aantonen dat ten minste 90% zekerheid bestaat dat aan de toetsingswaarde wordt voldaan. De soms forse onzekerheid van geurhinderonderzoek mag door een initiatiefnemer niet worden afgewenteld op de gevoelige bestemming. Bij de gebruikelijke metingen en berekeningen van de geurimmissie geeft deze vereiste zekerheid een verschil van een factor twee met de gemiddeld berekende waarden. Bij berekeningen met een grotere onzekerheid zal deze betrouwbaarheidseis tot een hogere veiligheidsfactor leiden.
•De provincie verlangt voorts dat de initiatiefnemer aan de hand van ervaringen in vergelijkbare situaties elders (referentie) aannemelijk maakt dat de te toetsen geurblootstelling in de praktijk technisch en financieel daadwerkelijk haalbaar is.
Artikel 6 Cumulatie van geurbronnen
Indien meerdere geurbronnen in hetzelfde gebied de luchtkwaliteit aantasten, worden deze bronnen gecumuleerd door afzonderlijke bijdragen op te tellen met een weging van de hinderlijkheid van de geur.
Artikel 7 Geuronderzoek
Een geuronderzoek wordt uitgevoerd overeenkomstig de NTA 9065.
Artikel 8 Werkingsgebied van deze beleidsregel
Deze beleidsregel is niet van toepassing op de beoordeling van geur:
–vanwege het houden van landbouwhuisdieren en paarden en pony’s voor het berijden in een dierenverblijf als aangegeven in paragraaf 22.3.6.2 van het omgevingsplan van de betreffende gemeente;
–vanwege andere agrarische activiteiten als aangegeven in paragraaf 22.3.6.4 van het omgevingsplan van de betreffende gemeente;
–vanwege het exploiteren van een zuiveringtechnisch werk als bedoeld in artikel 3.173 van het Besluit activiteiten leefomgeving.
Artikel 9 Intrekking en overgangsrecht
De ‘Beleidsregels voor de beoordeling van geur 2008’ wordt ingetrokken. Deze beleidsregels blijven van toepassing op gevallen die onder het overgangsrecht van de Omgevingswet vallen.
Artikel 10 Inwerkingtreding
Deze beleidsregel treedt in werking op het tijdstip waarop de Omgevingswet in werking treedt.
Artikel 11 Citeertitel
Deze beleidsregel wordt aangehaald als ‘Beleidsregel voor de beoordeling van geurhinder’.
TOELICHTING
1Aanleiding
Vervangen van de Beleidsregels voor de beoordeling van geurhinder 2008 van de Gedeputeerde Staten van Flevoland
Gedeputeerde Staten van Flevoland hebben in 2008 de Beleidsegels voor de beoordeling van geurhinder 2008 vastgesteld. Deze beleidsregels werden in de praktijk ook door de gemeenten in Flevoland gehanteerd bij de vergunningverlening op grond van de Wet algemene bepalingen milieubeheer en bij het vaststellen van maatwerkvoorschriften geur. De beleidsregels uit 2008 zijn opgesteld met als grondslag de Wet milieubeheer. De betreffende bepalingen van de Wet milieubeheer vervallen na inwerkingtreding van de Omgevingswet. De nu voorgelegde beleidsregel geur vervangt de uit 2008 stammende beleidsregels.
Inwerkingtreding Omgevingswet met ingang van 1 januari 2023
Op 1 januari 2023 zal de Omgevingswet in werking treden. Vanaf dat moment zal het beleid voor geur moeten zijn gebaseerd op de Omgevingswet. De nu voorgelegde beleidsregel geur is dan ook gebaseerd op de Omgevingswet.
Het ligt in de lijn der verwachting dat onder de Omgevingswet de regelgeving over geur geheel of gedeeltelijk in het nog door de gemeenten op te stellen omgevingsplannen zal worden vastgelegd. Het Besluit kwaliteit leefomgeving bevat spelregels voor het opstellen van regels omtrent geur onder de Omgevingswet.
In het door de gemeente op te stellen omgevingsplan zal de gemeente een afweging maken omtrent de toegestane geurbelasting op de verschillende locaties. De gemeente kan dit doen door een en ander uit te werken in het, nog op te stellen, omgevingsplan, of door in dat omgevingsplan te verwijzen naar gemeentelijke beleidsregels geur.
Omgevingsplan van rechtswege en geur onder de Omgevingswet
De gemeenten hebben bij de inwerkingtreding van deze beleidsregel, te weten het moment van inwerkingtreding van de Omgevingswet, nog geen eigen omgevingsplan opgesteld. Op dat moment beschikken de gemeenten wel over een omgevingsplan van rechtswege (waaronder de bruidsschat). Het omgevingsplan van rechtswege / de bruidsschat bevat slechts heel beperkt inhoudelijke bepalingen omtrent geur.
In artikel 22.44 van het omgevingsplan van rechtswege is de specifieke zorgplicht opgenomen. Deze specifieke zorgplicht omvat geur.
Een uitgewerkte regeling voor geur in het omgevingsplan van rechtswege is alleen opgenomen voor geur vanwege een aantal agrarische activiteiten (het houden van landbouwhuisdieren, het houden van paarden en pony’s voor het berijden in een dierenverblijf, andere agrarische activiteiten als aangegeven in paragraaf 22.3.6.4 van dit omgevingsplan) en voor geur vanwege het exploiteren van een zuiveringtechnisch werk, bedoeld in artikel 3.173 van het Besluit activiteiten leefomgeving. Omdat de geur vanwege deze activiteiten al is geregeld in het omgevingsplan van rechtswege, ziet de onderhavige beleidsregel niet op deze activiteiten.
Voor de invulling van de specifieke zorgplicht die is opgenomen in art. 22.44 van het omgevingsplan van rechtswege wordt in de nota van toelichting bij het Invoeringsbesluit (waarin de bruidsschat is opgenomen) verwezen naar onder andere het “de bestaande toetsingskaders, waaronder lokaal geurbeleid” (nota van toelichting bij het Invoeringsbesluit Omgevingswet, Staatsblad 2020, 400, p. 855). Het reeds bestaande geurbeleid vormt dus een invulling van de specifieke zorgplicht voor het aspect geur.
Voortzetting van bestaand geurbeleid totdat de gemeente in het nog op te stellen omgevingsplan een afweging heeft gemaakt omtrent geur
Totdat de gemeenten de regeling omtrent geur in het omgevingsplan van rechtswege hebben vervangen door een zelf opgesteld omgevingsplan, bestaat de behoefte om de bestaande praktijk, te weten hantering van de provinciale beleidsregels geur, voort te zetten. Omdat de bestaande beleidsregels geur zijn gebaseerd op regelgeving die met inwerkingtreding van de Omgevingswet zal zijn vervallen, worden de bestaande beleidsregels geur opnieuw vastgesteld, nu met een verwijzing naar de Omgevingswet. De gemeente stelt nu de beleidsregel zelf ook vast. De gemeenten binnen Flevoland hebben de tekst van deze beleidsregel geur met elkaar afgestemd. Het betreft geen nieuw beleid of geheel nieuwe tekst, maar een voortzetting van de bestaande beleidsregels geur.
Het is niet de bedoeling om voor de overgangsperiode (van het moment van inwerkingtreding van de Omgevingswet tot het moment dat de gemeente een eigen omgevingsplan opstelt) een belangrijke inhoudelijke wijziging in het te hanteren geurbeleid aan te brengen. De afweging van de vraag of het lokale geurbeleid zal worden aangepast, zal plaatsvinden bij de voorbereiding van het nieuw op te stellen omgevingsplan.
De onderhavige beleidsregel betreft dan ook voortzetting van het bestaande geurbeleid. Een en ander betekent niet dat er in het geheel niets is gewijzigd aan de tekst van de beleidsregel. Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om hier en daar verouderde begrippen te vervangen door nieuwe begrippen. Zie verder paragraaf 2 van deze toelichting.
Hiervoor is al aangegeven dat in het omgevingsplan dat van rechtswege geldt, slechts voor enkele specifieke activiteiten concrete beoordelingsregels voor de toetsing van geur vanwege milieubelastende activiteiten zijn opgenomen. De gemeenten hebben de mogelijkheid om in het door hen nog zelf op te stellen omgevingsplan, of in op te stellen beleidsregel waarnaar dit omgevingsplan verwijst, meer uitgebreide beoordelingsregels geur op te nemen waaraan voor milieubelastende activiteiten kan worden getoetst bij de vergunningverlening, bij het stellen van maatwerkvoorschriften of bij het toezicht op de specifieke zorgplicht.
Voor de periode dat de gemeenten nog geen nieuw omgevingsplan hebben vastgesteld, hebben de gemeenten ervoor gekozen om een beleidsregel vast te stellen ter invulling van de beleidsvrijheid in het kader van de vergunningverlening, het stellen van maatwerkvoorschriften en het toezicht op de specifieke zorgplicht bij milieubelastende activiteiten waarvoor de gemeenten het bevoegd gezag vormen. De provincie Flevoland stelt inhoudelijk dezelfde beleidsregel vast ter invulling van de beleidsvrijheid voor de milieubelastende activiteiten waarvoor de provincie het bevoegd gezag vormt (de complexe bedrijven).
Deze beleidsregel is aan intrekking dan wel herziening toe nadat de gemeenten in hun omgevingsplan een invulling hebben gegeven aan de in de gemeenten te stellen regels omtrent geur. Op dat moment zullen zowel de gemeente als de provincie in het kader van de vergunningverlening, het stellen van maatwerkvoorschriften en het toezicht op de specifieke zorgplicht voor de milieubelastende activiteiten, rekening moeten houden met de nieuwe geurregels in het omgevingsplan.
In de nog op te stellen omgevingsplannen zal uiteindelijk een keuze worden gemaakt voor het beoordelingskader geur. In afwachting van de nog te nemen beleidsbeslissingen is er voor gekozen om in de tussentijd het bestaande geurbeleid voort te zetten. Dit geurbeleid is vastgelegd in de onderhavige beleidsregel. Deze beleidsregel betreft geen nieuw beleid maar een voortzetting van het bestaande geurbeleid als vastgelegd in de Beleidsregels voor de beoordeling van geurhinder 2008 van de provincie Flevoland.
2Geen inhoudelijke wijziging beleidsregel ten opzichte van de ‘Beleidsregels voor de beoordeling van geurhinder 2008’ van Gedeputeerde Staten van Flevoland
De beleidsregel is alleen voor zover strikt noodzakelijk aangepast aan de nieuwe wetgeving. Zo wordt er in deze beleidsregel nog steeds gebruik gemaakt van het begrip bedrijf (maar niet van het begrip ‘inrichting’). Ook wordt (net als voorheen) gebruik gemaakt van de begrippen gevoelige bestemmingen, minder gevoelige bestemmingen en niet-gevoelige bestemmingen. De bedoeling is om de huidige praktijk zoveel mogelijk beleidsneutraal voort te zetten totdat in het nieuw op te stellen omgevingsplan een andere beleidskeuze wordt gemaakt.
Om diezelfde reden wordt in artikel 2 ook nog verwezen naar bedrijven, kantoren en winkels op bedrijventerreinen waarop bedrijven van categorie 4 en hoger zijn toegestaan. De eind 2022 geldende bestemmingsplannen zullen op het moment van inwerkingtreding van de Omgevingswet van rechtswege onderdeel uitmaken van het omgevingsplan van rechtswege. In deze bestemmingsplannen wordt nog gebruik gemaakt van de oude categorie-indeling van bedrijven. De onderhavige beleidsregel sluit hierbij aan (totdat door de gemeenten een nieuw omgevingsplan is opgesteld).
Hiervoor is al aangegeven dat de onderhavige beleidsregel aan intrekking dan wel herziening toe is nadat de gemeenten in het nog op te stellen omgevingsplan een invulling hebben gegeven aan de te stellen regels omtrent geur. In het nieuw op te stellen omgevingsplan zal ook rekening moeten worden gehouden met de instructieregels van het Besluit kwaliteit leefomgeving voor het opstellen van een omgevingsplan (zie voor geur paragraaf 5.1.4.6 Bkl).
Eén inhoudelijke wijziging ten opzichte van de oude beleidsregels geur
In de oude provinciale beleidsregels geur was ook een toetsingskader ruimtelijke ordening voor de provincie opgenomen. Daarin werd aangegeven waarnaar de provincie keek in het kader van de ruimtelijke ordeningstoets van de provincie bij de vaststelling van gemeentelijke omgevingsplannen (ten tijde van het vaststellen van de beleidsregels ging het om wel of niet goedkeuring door gedeputeerde staten van het bestemmingsplan, nadien ging het om het indienen van zienswijzen met betrekking tot het ontwerpbestemmingsplan en het al dan niet instellen van beroep door gedeputeerde staten tegen het vastgestelde bestemmingsplan). De provincie heeft ervoor gekozen om in de nieuw vastgestelde provinciale beleidsregel geur deze toets niet terug te laten komen. Naar de aard der zaak nemen de gemeenten in de door hen vastgestelde beleidsregel geur deze toets niet op.
Enkele niet-inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van de oude beleidsregels geur
In de loop der tijd is de regelgeving op diverse punten aangepast. Ook de Omgevingswet bevat nieuwe regels. Daardoor zijn sommige delen van de beleidsregels van 2008 en van de toelichting bij die beleidsregels verouderd. Enkele wijzigingen die daarom wel zijn doorgevoerd:
–Er wordt niet meer gesproken over beleidsregel 1, beleidsregel 2 etc. De nieuwe beleidsregel is onderverdeeld in artikel 1, artikel 2 etc. Dit sluit aan bij de indeling van andere beleidsregels;
–Enkele begrippen zijn aangepast, soms met het oog op Omgevingswet (onder die wet kan er bijvoorbeeld niet meer van een ‘inrichting’ worden gesproken) soms ook om een reeds langer verouderd begrippenkader aan te passen. Zo is er geen sprake meer van geureenheden (begrip wordt niet meer gebruikt) meer maar van odour units met bijbehorende nieuwe maatvoering, is het begrip ‘ALARA’ vervangen door ‘BBT’ en is er geen verwijzing meer naar de NeR (omdat die is vervallen);
–De toelichting bij de beleidsregel is ingekort. Verouderde teksten (waarin bijvoorbeeld exclusief wordt verwezen naar vergunningverlening terwijl het geurbeleid ook voor meldingsplichtige bedrijven van belang is of waarin wordt ingegaan op de werkwijze opstellen en beoordelen van ruimtelijke plannen door de provincie) zijn geschrapt. Het gaat hier vooral om paragraaf 4 van de oude toelichting bij de beleidsregels. Een deel daarvan (de relatie tussen hedonische waarde en concentratie odour units) is verplaatst naar paragraaf 5 ‘Toetsingskader’ (de oude paragraaf 3) van de nieuwe toelichting.
3Overgangsrecht Wabo – Omgevingswet (2023)
Ingevolge het algemene overgangsrecht blijft het oude recht van toepassing op reeds voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet ingediende aanvragen om een omgevingsvergunning of om een besluit tot het stellen van maatwerkvoorschriften (art. 4.3 Invoeringswet Omgevingswet, respectievelijk art. 8.3 Invoeringsbesluit Omgevingswet).
Indien sprake is van een aanvraag die is ingediend voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet, blijft de oude ‘Beleidsregel voor de beoordeling van geurhinder 2008’ van toepassing. Hiervoor is al aangegeven dat er inhoudelijk geen sprake is van een gewijzigd toetsingskader.
4Overgangsrecht beleidsregel geur nieuw en vaststelling omgevingsplan nieuw door de gemeente
Hiervoor is aangegeven dat naar verwachting op termijn de geurregels in het omgevingsplan zelf zullen worden opgenomen of dat in het op te stellen omgevingsplan zal worden verwezen naar een nieuwe beleidsregel geur. Welke regels zijn dan van toepassing op aanvragen die voor de inwerkingtreding van het nieuwe omgevingsplan zijn ingediend: de onderhavige beleidsregel of het nieuw vastgestelde omgevingsplan? Dat zal de gemeente bepalen bij het opstellen van het nieuwe omgevingsplan. De gemeente zal bij het nieuw op te stellen omgevingsplan zich ook moeten buigen over het daarin op te nemen overgangsrecht. De gemeente zal dan een keuze maken welk recht van toepassing is op aanvragen die zijn ingediend voor de inwerkingtreding van het nieuwe omgevingsplan.
5Toetsingskader
Om te kunnen bepalen of geurhinder op zal kunnen treden dan wel optreedt, moet een toetsingskader worden gedefinieerd. Hierbij spelen de volgende aspecten een rol die in de achtereenvolgende paragrafen zullen worden behandeld:
•de hinderlijkheid van een geur (hedonische waarde);
•de tijd dat een bepaalde geur (mogelijk) waarneembaar is;
•de locatie waar (mogelijke) geurhinder optreedt (wel of geen zogenaamd geurgevoelige bestemming);
•of sprake is van een bestaande of een nieuwe situatie.
Hedonische waarden
Bij het vaststellen van geurhinder speelt zowel de concentratie van de geurstoffen als de aard van de geur een rol. Via het vaststellen van een zogenaamde hedonische waarde van een geur, wordt de gemiddelde hinderlijkheid van een geur vastgelegd. Dit gebeurt door een gecertificeerd geurpanel te laten bepalen bij welke geurconcentratie (uitgedrukt in odour units/m3) een bepaalde geur nauwelijks hinderlijk is en vanaf welke geurconcentratie deze wel hinderlijk begint te worden. Het spreekt vanzelf dat de geur van een slachthuis al bij lagere concentraties als hinderlijk wordt beschouwd dan de geur van versgebakken brood.
Voor de hedonische waarde (H) hanteert de provincie de landelijk overeengekomen schaalverdeling:
Hedonische waarde (H)
Omschrijving
Hinderniveau
-4
Uiterst onaangenaam
ernstige hinder te verwachten
-3
Zeer onaangenaam
ernstige hinder te verwachten
-2
Onaangenaam
ernstige hinder te verwachten
-1
Licht onaangenaam
hinder te verwachten
0
Neutraal
geen hinder te verwachten
1
Licht aangenaam
2
Aangenaam
3
Zeer aangenaam
4
Uiterst aangenaam
Bij geurconcentraties met een hedonische waarde gelijk aan of negatiever dan –1 is geurhinder te verwachten en bij een hedonische waarde gelijk aan of negatiever dan –2 is zelfs ernstige hinder te verwachten.
Via bestaand onderzoek wordt de relatie tussen hedonische waarde en concentratie odour units vastgesteld. Wanneer de relatie tussen de geurconcentratie en de hedonische waarde nog niet bekend is, wordt in eerste instantie uitgegaan van een “standaard” onaangename geur met een hedonische waarde H= -1 van 0,5 odour unit per kubieke meter.
Tijdsaspect
De geursterkte zal op een bepaalde plek niet constant zijn. Door veranderende weersomstandigheden (die tot een verslechterde verdunning van luchtverontreiniging en dus tot hogere geurconcentraties leiden), maar ook door veranderende productie omstandigheden, zal de uurgemiddelde geurconcentratie op een bepaalde plek fluctueren. In berekeningen wordt gerekend met een uurgemiddelde concentratie. Om aan te geven in hoeverre kortstondige overschrijding van deze gemiddelde waarde kan worden toegestaan, wordt een percentiel aangegeven. Deze percentielwaarde geeft aan welk percentage van de uren van een jaar geen overschrijding van, in dit geval, die bepaalde geurconcentratie op zal treden. Bij een 98-percentiel waarde zal 98% van de uren in een jaar geen overschrijding van die bepaalde geurconcentratie optreden, 2 % van de uren in een jaar (= 175 uur per jaar) zal wel overschrijding van die bepaalde geurconcentratie optreden. In situaties waarin hoge (hinderlijke) piekconcentraties ontstaan, blijkt rekenkundig bij uurgemiddelde waarden soms aan de 98-percentielwaarde respectievelijk 99,5-percentielswaarde te zijn voldaan, terwijl toch onmiskenbaar geurhinder ontstaat. Daarom wordt bij de beoordeling bijzondere aandacht besteed aan het optreden van geurpieken (piekconcentraties). Daarbij worden twee soorten geurpieken onderscheiden:
•Geurpieken die afkomstig zijn van niet-continue bronnen die minder dan 5% van het aantal uren per jaar actief zijn. Deze worden opgespoord en beoordeeld aan de hand van de hogere percentielwaarden (tussen P98 en P99,99). Een hinderlijke discontinue bron levert vergeleken met een continue bron een herkenbare afwijking van de nagenoeg vaste logaritmische concentratieverdeling van de hogere concentraties tijdens ongunstige meteorologische omstandigheden.
•Geurpieken binnen een uurgemiddelde concentratie ten gevolge van emissie via een hoge schoorsteen. Deze pieken zijn afhankelijk van de aard van de geurbron, of sprake is van een puntbron, lijnbron of oppervlaktebron, de schoorsteenhoogte, de ruwheid van het terrein en de afstand tussen ontvanger en bron.
Deze beide piekvormen kunnen uiteraard ook in combinatie voorkomen.
Omgevingstype
Naast de vaststelling van geurcontouren rond bedrijven is het van belang te bepalen welke bestemmingen in welke mate moeten worden beschermd tegen mogelijke geurhinder.
Bij geurgevoelige bestemmingen kan in principe geen geurhinder worden toegelaten. Geurgevoelige bestemmingen zijn in de eerste plaats de bestemde woongebieden en vergelijkbare bestemmingen waar langere tijd grotere aantallen mensen aanwezig zijn. Gedacht wordt aan woongebieden inclusief de woonomgeving binnen de bebouwde kom, ziekenhuizen, verpleeghuizen, scholen, dagverblijven, winkelcentra, dag- en verblijfrecreatie (kampeerterreinen, volkstuinen met verblijfsaccommodatie, recreatiebungalows). Geurgevoelige bestemmingen betreft bij woonhuizen, verpleeghuizen, ziekenhuizen (etc.) ook de bijbehorende tuin en bij scholen ook het speelplein.
Voor sportterreinen in de bebouwde kom, volkstuinen zonder verblijfsaccommodatie en vergelijkbare bestemmingen waar mensen doorgaans hooguit enkele uren per week doorbrengen, alsmede recreatieve bestemmingen die zelf geur veroorzaken zoals dierentuinen, kinderboerderijen en maneges binnen de te beschermen woon- en leefomgeving wordt een lichte mate van geurhinder toelaatbaar geacht tot een niveau overeenkomend met bestaande situaties. Dit maakt het mogelijk dergelijke gebieden in meer of mindere mate als bufferzone rond geurbronnen te gebruiken voor een betere bescherming van de woongebieden en efficiënt ruimtegebruik.
Buiten de aangewezen aaneengesloten woongebieden en andere geurgevoelige bestemmingen geldt een soepeler toetsingskader. Indien geurhinder in de omgeving is te verwachten dienen BBT-maatregelen naar redelijkheid te worden getroffen, maar bij de toetsing van de resterende geuruitworp wordt in de minder gevoelige gebieden een zekere mate van geurhinder toelaatbaar geacht. Het gaat hierbij om (bedrijfs-)woningen en verspreide woningen buiten de aaneengesloten woongebieden, natuurterreinen, extensieve recreatieterreinen en vergelijkbare gebieden gekenmerkt door een lage bevolkingsdichtheid en tot slot bedrijven, kantoren, winkels, horeca etc. welke zijn gevestigd op (of in) bedrijventerreinen tot categorie 3.
Onder natuurterreinen wordt in dit verband verstaan bossen en natuurgebieden, die onderdeel uitmaken van de ecologische hoofdstructuur, met uitzondering van de smalle delen van ecologische verbindingen, die als niet-gevoelig worden aangemerkt.
Het agrarisch buitengebied en de “zwaardere” bedrijventerreinen van categorie 4 en hoger gelden als niet-geurgevoelige bestemming. Voor niet-geurgevoelige bestemmingen geldt slechts een marginaal beschermingsniveau in de zin dat alleen ernstige geurhinder moet worden voorkomen. Bedrijventerreinen van categorie 4 en hoger zijn immers bestemd voor de vestiging van milieuhinderlijke bedrijven.
Voor bedrijven die zelf in de omgeving geurhinder veroorzaken kan een grotere mate van geurhinder door andere geurbronnen toelaatbaar worden geacht om clustering van stinkende bedrijven mogelijk te maken. Clustering biedt het voordeel dat ruimtelijk de geurcontouren grotendeels overlappen hetgeen in totaal leidt tot wezenlijk minder ruimtebeslag door geurhinder. Daar komt bij dat naar verwachting stinkende bedrijven minder snel gehinderd zullen worden door de geurbijdrage van andere geurbronnen. Bij de bescherming van de omgeving wordt rekening gehouden met cumulatie van de geuremissies, zoals hierna onder het kopje “Cumulatie” aangegeven.
Nieuwe/Bestaande situatie
De normstelling bij gevoelige bestemmingen is voor nieuwe situaties strenger dan voor bestaande situaties. Hier heeft het voorkomen van hinder en bereiken van een goed woon- en leefklimaat de hoogste prioriteit. Bij minder gevoelige bestemmingen is er geen verschil in normstelling voor nieuwe en bestaande situaties omdat hier de balans in de belangenafweging tussen geurbron en ontvanger anders ligt.
De manier waarop de in de beleidsregel gegeven normstelling moet worden toegepast is bij nieuwe situaties strenger dan bij bestaande situaties.
Bij nieuwe situaties moet direct en volledig aan de in de beleidsregel gestelde norm voor nieuwe situaties worden voldaan. Bij bestaande situaties gelden de in de beleidsregel gestelde norm voor bestaande situaties als het te bereiken saneringsniveau. In bestaande situaties moeten altijd geurmaatregelen conform BBT worden toegepast om onnodige emissie van geur te voorkomen. Na een zo goed mogelijke sanering conform BBT wordt een eventuele resterende normoverschrijding (en dus geurhinder) voorlopig aanvaardbaar geacht. Totdat het saneringsniveau is bereikt, blijft er een saneringsplicht in de vorm van een inspanningsverplichting verdere maatregelen te treffen zodra dit voor het bedrijf redelijkerwijs (BBT) haalbaar is.
Een toename van de geuremissie door uitbreiding of wijziging van een bestaande en onherroepelijk vergunde bedrijfssituatie geldt als een nieuwe situatie die getoetst moet worden. Het gaat immers om een toename van de reeds toegestane geuremissie. Bij deze toetsing staat centraal of een grotere geuremissie dan eerder bij vergunning of maatwerkvoorschrift toegestaan, op de betreffende locatie mogelijk is. Overigens blijkt het meestal mogelijk bij uitbreiding van de activiteit de geuremissie gelijk te houden of zelfs terug te dringen dankzij de voortschrijdende stand-der-techniek.
In alle gevallen geldt dat ernstige geurhinder nooit toelaatbaar is, ook niet na sanering volgens BBT. Ernstige hindersituaties dienen beëindigd te worden door het treffen van bovenmatige voorzieningen, uitplaatsen of sluiten van de inrichting. Hiervoor zijn landelijke schadevergoedingsregelingen beschikbaar.
Toetsingscriteria
De hiervoor beschreven 4 aspecten leveren de toetsingstabel op zoals weergegeven bij de basistoetsing volgens artikel 4.
Voor de niet-gevoelige bestemmingen geldt slechts dat ernstige hinder (H= -2 P98) voorkomen moet worden.
In nieuwe situaties wordt geurhinder in de woon- en leefomgeving voor de gehele bevolking voorkomen indien op jaarbasis 99,5% van de uurgemiddelde concentraties lager is dan de uurgemiddelde geurconcentratie overeenkomend met H=-1. Incidenteel kan uit onderzoek of ervaringen blijken dat er een andere relatie bestaat tussen de rekenwaarde en het ontstaan van geurhinder. Omdat de uitvoering van het geurbeleid draait om het begrip geurhinder, kan zo nodig van deze rekenwaarde gemotiveerd worden afgeweken, bijvoorbeeld indien uit aanvullend onderzoek blijkt dat geurhinder ook bij hogere rekenwaarden wordt voorkomen of omgekeerd dat bij de genoemde rekenwaarde in vergelijkbare situaties toch geurhinder ontstaat. Opgemerkt wordt dat nieuwe situaties niet volledig geurvrij hoeven te zijn. Geringe geurconcentraties zijn toelaatbaar mits deze niet tot geurhinder leiden Het ontbreken van klachten is hierbij overigens niet geschikt als bewijs voor het ontbreken van geurhinder.
In een nieuwe situatie is bij (geurgevoelige) bestemmingen buiten de aaneengesloten woon- en leefgebieden in beginsel op grond van de afweging van maatschappelijke belangen meer geurhinder aanvaardbaar. Het rijksbeleid en in navolging hiervan ook het provinciaal beleid richten zich immers vooral op de bescherming van de bevolking in de aaneengesloten (dichtbevolkte) woon- en leefgebieden. Geurbronnen moeten derhalve elders in dunbevolkt gebied ingepast kunnen worden. Ernstige geurhinder is echter in geen enkel geval toegestaan. In nieuwe situaties wordt ook buiten de aaneengesloten woon- en leefgebieden in lijn met het rijksbeleid er naar gestreefd door toepassing van BBT-maatregelen geurhinder zo goed mogelijk tegen te gaan.
In het geval van bestaande situaties is het te bereiken saneringsniveau bij geurgevoelige bestemmingen het 98-percentiel van de geurconcentratie behorend bij de hedonische waarde van H=-1.
Buiten de aaneengesloten woon- en leefgebieden is de grenswaarde zowel in nieuwe als in bestaande situaties het 95-percentiel van uurgemiddelde concentraties behorend bij de met een hedonische waarde H= -1. De P95-waarde laat een aanzienlijke mate van geurhinder toe. De concentraties zijn dan ongeveer drie keer zo hoog als bij de P98-waarde. Het is daarom van belang ook in minder gevoelige gebieden onnodige geurhinder te beperken. Het is gewenst bij minder gevoelige bestemmingen niet blindelings te toetsen aan de P95-waarde, maar in de afweging te streven naar de P98-waarde. Dit is met name van belang voor het agrarisch buitengebied en natuurgebieden vanwege het recreatief medegebruik.
Toetsing hinderlijke piekconcentraties
In de praktijk komen regelmatig problemen voor bij piekconcentraties omdat deze vaak tot klachten leiden. Daarom is ook hiervoor een toetsingsmodel ontwikkeld, waarin ervan wordt uitgegaan dat, naarmate de geurbelasting in pieken gedurende minder uren wordt ondervonden - en dus de percentielwaarde hoger is – in deze pieken een hogere geurbelasting kan worden aanvaard om over het geheel een zelfde mate van hinder te bereiken. In de tabel is de verhouding van de normstelling in de verschillende percentielen gegeven. Als bijvoorbeeld voor een bepaalde geur de hedonische waarde H = -1 overeenkomt met een norm van 1,5 odour units per kubieke meter en deze norm wordt gesteld als 95 percentiel (bijvoorbeeld bij een bedrijfswoning), dan wordt voor dezelfde geur in dezelfde situatie door deze bedrijfswoning een vergelijkbare mate van hinder ondervonden bij een geurbelasting van 2,5 odour units per kubieke meter als 98 percentiel en 5 odour units per kubieke meter / als 99,5 percentiel. Of in uren per jaar uitgedrukt: om het gewenste algemene beschermingsniveau van H=-1 als 95-percentiel te verkrijgen mag dan een geurbelasting van 1,5 odour units per kubieke meter maximaal gedurende 438 uur (= 5%) voorkomen, daarvan mag gedurende maximaal 175 uur (= 2%) de geurbelasting 2,5 odour units per kubieke meter bedragen en slechts gedurende 43,8 uur (0,05%) per jaar 5 odour units per kubieke meter. Door zo aan verschillende percentielen te toetsen wordt voorkomen dat de geurbelasting in de pieken afbreuk doet aan het acceptabele hinderniveau.
Voor die gevallen waarin de pieken zo kort zijn dat het rekenmodel met uurgemiddelden niet kan worden toegepast dient maatwerk te worden geleverd. Dat valt buiten het bestek van deze beleidsregel.
Van een “hoge schoorsteen” is sprake wanneer de schoorsteen duidelijk hoger is dan de omliggende bebouwing en de hoogste immissies op enige afstand van de bron plaatsvinden.
Zekerheidsvereiste bij gevoelige bestemmingen in nieuwe situaties
In paragraaf 9.3.2 van de NTA 9065 (Omvang onzekerheid) is aangegeven dat het meetresultaat (van geurmetingen) verminderd moet worden met de meetonnauwkeurigheid. De meetonnauwkeurigheid bij geurmetingen is bepaald op een factor 2. De onnauwkeurigheid komt ten gunste van de bron, en dus ten laste van de omgeving.
Het berekenen (vooraf) en meten (achteraf) van de sterkte en verspreiding van geur kent een tamelijk grote onnauwkeurigheid. Dit leidt er toe dat de werkelijk ervaren geurhinder behoorlijk af kan wijken van de berekende en gemeten waarden. Zowel bij berekende als gemeten geursterkten kan meestal pas bij een overschrijding met een factor 2 met voldoende (circa 90%) zekerheid worden gesteld dat de geconstateerde waarde daadwerkelijk afwijkt van de gestelde norm. Het gevolg is dat overschrijdingen van de norm achteraf pas “hard” zijn te maken als de norm met meer dan een factor twee wordt overschreden. Bij overschrijdingen net onder deze grens kan er wel overlast worden ervaren zonder dat het mogelijk is daar tegen op te treden.
Bij gevoelige bestemmingen in nieuwe situaties heeft het voorkómen van overlast een hoge prioriteit. De hierboven beschreven onoplosbare overlast moet zo veel mogelijk worden voorkomen door bij de toetsing vooraf deze onnauwkeurigheid te verrekenen ten gunste van de omgeving, dus ten laste van de bron. Daarom is in de beleidsregel opgenomen dat in nieuwe situaties bij gevoelige bestemmingen met 90% zekerheid aan de gestelde norm moet kunnen worden voldaan. Aan dit zekerheidsvereiste kan in de meeste situaties worden voldaan door bij de toetsing de emissie te verdubbelen of de immissienorm te halveren.
De in het voorgestelde beleid gebruikte zekerheid betreft niet zonder meer een verdubbeling van de zwaarte van de norm. Alleen bij berekeningen en metingen voorafgaand aan de vergunningverlening of het opstellen van een maatwerkvoorschrift geur moet met 90% zekerheid worden aangetoond dat aan de norm kan worden voldaan. Bij controles achteraf wordt op de gebruikelijke manier aan de gewone (dus niet verzwaarde) norm getoetst.
NTA 9065
De NTA 9065 verschaft inzicht in de opzet en uitvoering van kwalitatieve en kwantitatieve geuronderzoeken en is een hulpmiddel om in Nederland het geurbeleid uit te voeren, de aanpak van geurhinder te ondersteunen, en de naleving van het beleid te waarborgen. Het document bevat een stappenplan voor het complete geurtraject met verwijzingen naar bestaande en nog op te stellen normen en documenten.
Na inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn het Activiteitenbesluit milieubeheer en de Activiteitenregeling milieubeheer vervallen en daarmee zijn ook de verwijzingen naar de NTA 9065 in deze regelingen vervallen. Onder de Omgevingswet is ervoor gekozen om alleen bepalingsmethoden voor te schrijven als ook een kwantitatieve norm is opgenomen. Voor geur is alleen een kwantitatieve norm gesteld in het omgevingsplan van rechtswege (opgenomen in het Invoeringsbesluit Omgevingswet) en wel voor veehouderijen en voor zuiveringtechnisch werken. In de Omgevingsregeling is vervolgens voor deze activiteiten alleen voor de procesonderdelen van een zuiveringtechnische werk waarvoor in de bijlage bij de Omgevingsregeling geen emissiefactor is vastgesteld, een geuronderzoek volgens NTA 9065 voorgeschreven.
Voor andere activiteiten die geur kunnen veroorzaken is het aan de gemeenten hoe ze dat willen regelen in het omgevingsplan. In afwachting van een regeling in de nog op te stellen omgevingsplannen, is de verwijzing naar de NTA 9065 (nu) opgenomen in de onderhavige Beleidsregel voor de beoordeling van geurhinder.
Cumulatie
Als er meerdere geurbronnen zijn dan kan een geurgevoelig object in de omgeving ook van meerdere objecten hinder ondervinden. Dit verschijnsel wordt cumulatie genoemd. Afhankelijk van de weersomstandigheden en de ligging van het geurgevoelige object ten opzichte van de bronnen zal de hinder van meerdere bronnen gelijktijdig of apart van elkaar optreden. Daarbij heeft de geur van elke bron een eigen mate van hinderlijkheid. Dit maakt het berekenen van cumulatie moeilijk. Cumulatie van geurbronnen kan daarom alleen worden uitgevoerd via een complex rekenmodel. In zo’n rekenmodel wordt rekening gehouden met alle relevante aspecten, zodat op een bepaald punt de daadwerkelijke blootstelling in de tijd aan elk van de geurbronnen kan worden berekend. In combinatie met de hinderlijkheid (hedonische waarde) van elk van de geuren kan zo de gecumuleerde hindergrens worden bepaald, dus het totaal aantal uren per jaar dat bijvoorbeeld de hedonische waarde van –1 wordt overschreden.
BIJLAGE 1 Richtafstandenlijsten
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
01
01
-
LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V.DE LANDBOUW
0111, 0113
011, 012, 013
Akkerbouw en fruitteelt (bedrijfsgebouwen)
10
10
30C
10
30
2
0112
011, 012, 013,016
0
Tuinbouw:
0112
011, 012, 013
1
-bedrijfsgebouwen
10
10
30C
10
30
2
0112
011, 012, 013
2
-kassen zonder verwarming
10
10
30C
10
30
2
0112
011, 012, 013
3
-kassen met gasverwarming
10
10
30C
10
30
2
0112
0113
4
-champignonkwekerijen (algemeen)
30
10
30C
10
30
2
0112
0113
5
-champignonkwekerijen met mestfermentatie
100
10
30C
10
100
3.2
0112
0163
6
-bloembollendroog- en prepareerbedrijven
30
10
30C
10
30
2
0112
011
7
-witlofkwekerijen (algemeen)
30
10
30C
10
30
2
0121
0141, 0142
Fokken en houdenvan rundvee
100
30
30C
0
100
3.2
0122
0143, 0145
0
Fokken en houdenvan overige graasdieren:
0122
0143
1
-paardenfokkerijen
50
30
30C
0
50
3.1
0122
0145
2
-overige graasdieren
50
30
30C
0
50
3.1
0123
0146
Fokken en houdenvan varkens
200
30
50C
0
200D
4.1
0124
0147
0
Fokken en houdenvan pluimvee:
0124
0147
1
-legkippen
200
30
50C
0
200D
4.1
0124
0147
2
-opfokkippen en mestkuikens
200
30
50C
0
200
4.1
0124
0147
3
-eenden en ganzen
200
50
50C
0
200
4.1
0124
0147
4
-overig pluimvee
100
30
50C
0
100D
3.2
0125
0149
0
Fokken en houdenvan overige dieren:
0125
0149
1
-nertsen en vossen
200
30
30C
0
200
4.1
0125
0149
2
-konijnen
100
30
30C
0
100
3.2
0125
0149
3
-huisdieren
30
0
50C
10
50
3.1
0125
0149
4
-maden, wormene.d.
100
0
30C
10
100
3.2
0125
0149
5
-bijen
10
0
30C
10
30
2
0125
0149
6
-overige dieren
30
10
30C
0
30D
2
0130
0150
Akker-en/of tuinbouw in combinatie methet fokken en houden van dieren (nietintensief)
100
30
30C
0
100
3.2
014
016
0
Dienstverlening t.b.v. de landbouw:
014
016
1
-algemeen (o.a.loonbedrijven): b.o. > 500 m²
30
10
50
10
50D
3.1
014
016
2
-algemeen (o.a.loonbedrijven): b.o.<= 500 m²
30
10
30
10
30
2
014
016
3
-plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. > 500 m²
30
10
50
10
50
3.1
014
016
4
-plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. <= 500 m²
30
10
30
10
30
2
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
0142
0162
KI-stations
30
10
30C
0
30
2
02
02
-
02
02
-
BOSBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. BOSBOUW
020
021, 022, 024
Bosbouwbedrijven
10
10
50
0
50
3.1
05
03
-
05
03
-
VISSERIJ- EN VISTEELTBEDRIJVEN
0501.1
0311
Zeevisserijbedrijven
100
0
100C
50R
100
3.2
0501.2
0312
Binnenvisserijbedrijven
50
0
50C
10
50
3.1
0502
032
0
Vis- en schaaldierkwekerijen
0502
032
1
-oester-, mossel- en schelpenteeltbedrijven
100
30
50C
0
100
3.2
0502
032
2
-visteeltbedrijven
50
0
50C
0
50
3.1
10
08
-
10
08
-
TURFWINNING
103
089
Turfwinningbedrijven
50
50
100C
10
100
3.2
11
06
-
11
06
-
AARDOLIE- EN AARDGASWINNING
111
061, 062
0
Aardolie- en aardgaswinning:
111
061
1
-aardoliewinputten
100
0
200C
200R
200
4.1
111
062
2
-aardgaswinning incl.gasbeh.inst.: < 10.000.000 N m3/d
30
0
500C
200R
500
5.1
111
062
3
-aardgaswinning incl.gasbeh.inst.: >= 10.000.000 N m3/d
50
0
700C Z
200R
700
5.2
14
08
-
14
08
-
WINNING VAN ZAND, GRIND, KLEI, ZOUT, E.D.
1421
0812
0
Steen-, grit- en krijtmalerijen (openlucht):
1421
0812
1
-algemeen
10
100
200
10
200D
4.1
1421
0812
2
-steenbrekerijen
10
200
700Z
10
700
5.2
144
0893
Zoutwinningbedrijven
50
10
100C
30
100
3.2
145
0899
Mergel- en overige delfstoffenwinningbedrijven
10
200
500C
50
500
5.1
15
10, 11
-
15
10, 11
-
VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN
151
101, 102
0
Slachterijen en overige vleesverwerking:
151
101, 102
1
-slachterijen en pluimveeslachterijen
100
0
100C
50R
100D
3.2
151
101
2
-vetsmelterijen
700
0
100C
30
700
5.2
151
101
3
-bewerkingsinrichting vandarmen en vleesafval
300
0
100C
50R
300
4.2
151
101
4
-vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o.> 1000 m²
100
0
100C
50R
100
3.2
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
151
101
5
-vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o.<= 1000 m²
50
0
50C
30
50
3.1
151
101
6
-vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o.<= 200 m²
30
0
50
10
50
3.1
151
101, 102
7
-loonslachterijen
50
0
50
10
50
3.1
151
108
8
-vervaardiging van snacks en vervaardiging van kant-en-klaar-maaltijden metp.o. < 2.000
m²
50
0
50
10
50
3.1
152
102
0
Visverwerkingsbedrijven:
152
102
1
-drogen
700
100
200C
30
700
5.2
152
102
2
-conserveren
200
0
100C
30
200
4.1
152
102
3
-roken
300
0
50C
0
300
4.2
152
102
4
-verwerken anderszins: p.o.> 1000 m²
300
10
50C
30
300D
4.2
152
102
5
-verwerken anderszins: p.o. <= 1000m²
100
10
50
30
100
3.2
152
102
6
-verwerken anderszins: p.o. <= 300 m²
50
10
30
10
50
3.1
1531
1031
0
Aardappelprodukten fabrieken:
1531
1031
1
-vervaardiging van aardappelproducten
300
30
200C
50R
300
4.2
1531
1031
2
-vervaardiging vansnacks met p.o.< 2.000 m²
50
10
50
50R
50
3.1
1532, 1533
1032, 1039
0
Groente- en fruitconservenfabrieken:
1532, 1533
1032, 1039
1
-jam
50
10
100C
10
100
3.2
1532, 1533
1032, 1039
2
-groente algemeen
50
10
100C
10
100
3.2
1532, 1533
1032, 1039
3
-met koolsoorten
100
10
100C
10
100
3.2
1532, 1533
1032, 1039
4
-met drogerijen
300
10
200C
30
300
4.2
1532, 1533
1032, 1039
5
-met uienconservering (zoutinleggerij)
300
10
100C
10
300
4.2
1541
104101
0
Vervaardiging van ruweplantaardige en dierlijke oliën en vetten:
1541
104101
1
-p.c. < 250.000 t/j
200
30
100C
30R
200
4.1
1541
104101
2
-p.c. >=250.000 t/j
300
50
300C Z
50R
300
4.2
1542
104102
0
Raffinage van plantaardige en dierlijke oliënen vetten:
1542
104102
1
-p.c. < 250.000 t/j
200
10
100C
100R
200
4.1
1542
104102
2
-p.c. >=250.000 t/j
300
10
300C Z
200R
300
4.2
1543
1042
0
Margarinefabrieken:
1543
1042
1
-p.c. < 250.000 t/j
100
10
200C
30R
200
4.1
1543
1042
2
-p.c. >=250.000 t/j
200
10
300C Z
50R
300
4.2
1551
1051
0
Zuivelprodukten fabrieken:
1551
1051
1
-gedroogde produkten, p.c. >= 1,5 t/u
200
100
500C Z
50R
500
5.1
1551
1051
2
-geconcentreerde produkten, verdamp. cap. >=20t/u
200
30
500C Z
50R
500
5.1
1551
1051
3
-melkprodukten fabrieken v.c. < 55.000 t/j
50
0
100C
50R
100
3.2
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
1551
1051
4
-melkprodukten fabrieken v.c. >= 55.000 t/j
100
0
300C Z
50R
300
4.2
1551
1051
5
-overige zuivelprodukten fabrieken
50
50
300C
50R
300
4.2
1552
1052
1
Consumptie-ijsfabrieken: p.o. >200 m²
50
0
100C
50R
100
3.2
1552
1052
2
-consumptie-ijsfabrieken: p.o.<= 200 m²
10
0
30
0
30
2
1561
1061
0
Meelfabrieken:
1561
1061
1
-p.c. >=500 t/u
200
100
300C Z
100R
300
4.2
1561
1061
2
-p.c. <500 t/u
100
50
200C
50R
200
4.1
1561
1061
Grutterswarenfabrieken
50
100
200C
50
200D
4.1
1562
1062
0
Zetmeelfabrieken:
1562
1062
1
-p.c. <10 t/u
200
50
200C
30R
200
4.1
1562
1062
2
-p.c. >=10 t/u
300
100
300C Z
50R
300
4.2
1571
1091
0
Veevoerfabrieken:
1571
1091
1
-destructiebedrijven
700
30
200C
50
700D
5.2
1571
1091
2
-beender-, veren-,vis-, en vleesmeelfabriek
700
100
100C
30R
700D
5.2
1571
1091
3
-drogerijen (gras,pulp, groenvoeder, veevoeder) cap. < 10 t/u water
300
100
200C
30
300
4.2
1571
1091
4
-drogerijen (gras,pulp, groenvoeder, veevoeder) cap. >= 10 t/u water
700
200
300C Z
50
700
5.2
1571
1091
5
-mengvoeder, p.c.< 100 t/u
200
50
200C
30
200
4.1
1571
1091
6
-mengvoeder, p.c.>= 100 t/u
300
100
300C Z
50R
300
4.2
1572
1092
Vervaardiging van voer voor huisdieren
200
100
200C
30
200
4.1
1581
1071
0
Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen:
1581
1071
1
-v.c. <7500 kg meel/week, bij gebruik vancharge-ovens
30
10
30C
10
30
2
1581
1071
2
-v.c. >= 7500 kg meel/week
100
30
100C
30
100
3.2
1582
1072
Banket, biscuit- en koekfabrieken
100
10
100C
30
100
3.2
1583
1081
0
Suikerfabrieken:
1583
1081
1
-v.c. <2.500 t/j
500
100
300C
100R
500
5.1
1583
1081
2
-v.c. >=2.500 t/j
1000
200
700C Z
200R
1000
5.3
1584
10821
0
Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk:
1584
10821
1
-Cacao- en chocoladefabrieken: p.o. > 2.000m²
500
50
100
50R
500
5.1
1584
10821
2
-cacao-en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. < 2.000 m²
100
30
50
30
100
3.2
1584
10821
3
-cacao-en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. <= 200 m²
30
10
30
10
30
2
1584
10821
4
-Suikerwerkfabrieken met suiker branden
300
30
50
30R
300
4.2
1584
10821
5
-Suikerwerkfabrieken zondersuiker branden: p.o.> 200 m²
100
30
50
30R
100
3.2
1584
10821
6
-suikerwerkfabrieken zondersuiker branden: p.o.<= 200 m²
30
10
30
10
30
2
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
1585
1073
Deegwarenfabrieken
50
30
10
10
50
3.1
1586
1083
0
Koffiebranderijen en theepakkerijen:
1586
1083
1
-koffiebranderijen
500
30
200C
10
500D
5.1
1586
1083
2
-theepakkerijen
100
10
30
10
100
3.2
1587
108401
Vervaardiging van azijn,specerijen en kruiden
200
30
50
10
200
4.1
1589
1089
Vervaardiging van overige voedingsmiddelen
200
30
50
30
200D
4.1
1589.1
1089
Bakkerijgrondstoffenfabrieken
200
50
50
50R
200
4.1
1589.2
1089
0
Soep- en soeparomafabrieken:
1589.2
1089
1
-zonder poederdrogen
100
10
50
10
100
3.2
1589.2
1089
2
-met poederdrogen
300
50
50
50R
300
4.2
1589.2
1089
Bakmeel- en puddingpoederfabrieken
200
50
50
30
200
4.1
1591
110101
Destilleerderijen en likeurstokerijen
300
30
200C
30
300
4.2
1592
110102
0
Vervaardiging van ethylalcohol door gisting:
1592
110102
1
-p.c. < 5.000 t/j
200
30
200C
30R
200
4.1
1592
110102
2
-p.c. >=5.000 t/j
300
50
300C
50R
300
4.2
1593 t/m 1595
1102 t/m 1104
Vervaardiging van wijn,cider e.d.
10
0
30C
0
30
2
1596
1105
Bierbrouwerijen
300
30
100C
50R
300
4.2
1597
1106
Mouterijen
300
50
100C
30
300
4.2
1598
1107
Mineraalwater- en frisdrankfabrieken
10
0
100
50R
100
3.2
16
12
-
16
12
-
VERWERKING VAN TABAK
160
120
Tabakverwerkende industrie
200
30
50C
30
200
4.1
17
13
-
17
13
-
VERVAARDIGING VAN TEXTIEL
171
131
Bewerken en spinnen van textielvezels
10
50
100
30
100
3.2
172
132
0
Weven van textiel:
172
132
1
-aantal weefgetouwen < 50
10
10
100
0
100
3.2
172
132
2
-aantal weefgetouwen >= 50
10
30
300Z
50
300
4.2
173
133
Textielveredelingsbedrijven
50
0
50
10
50
3.1
174, 175
139
Vervaardiging van textielwaren
10
0
50
10
50
3.1
1751
1393
Tapijt-, kokos- en vloermattenfabrieken
100
30
200
10
200
4.1
176, 177
139, 143
Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffenen artikelen
0
10
50
10
50
3.1
18
14
-
18
14
-
VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT
181
141
Vervaardiging kleding van leer
30
0
50
0
50
3.1
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
182
141
Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer)
10
10
30
10
30
2
183
142, 151
Bereiden en vervenvan bont; vervaardiging van artikelen vanbont
50
10
10
10
50
3.1
19
19
-
19
15
-
VERVAARDIGING VAN LEER EN LEDERWAREN (EXCL. KLEDING)
191
151,152
Lederfabrieken
300
30
100
10
300
4.2
192
151
Lederwarenfabrieken (excl. kleding en schoeisel)
50
10
30
10
50D
3.1
193
152
Schoenenfabrieken
50
10
50
10
50
3.1
20
-
20
16
-
HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT,RIET, KURK E.D.
2010.1
16101
Houtzagerijen
0
50
100
50R
100
3.2
2010.2
16102
0
Houtconserveringsbedrijven:
2010.2
16102
1
-met creosootolie
200
30
50
10
200
4.1
2010.2
16102
2
-met zoutoplossingen
10
30
50
10
50
3.1
202
1621
Fineer- en plaatmaterialenfabrieken
100
30
100
10
100
3.2
203, 204, 205
162
0
Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout
0
30
100
0
100
3.2
203, 204, 205
162
1
Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout,p.o. < 200 m2
0
30
50
0
50
3.1
205
162902
Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken
10
10
30
0
30
2
21
17
-
21
17
-
VERVAARDIGING VAN PAPIER, KARTON EN PAPIER- EN KARTONWAREN
2111
1711
Vervaardiging van pulp
200
100
200C
50R
200
4.1
2112
1712
0
Papier- en kartonfabrieken:
2112
1712
1
-p.c. <3 t/u
50
30
50C
30R
50
3.1
2112
1712
2
-p.c. 3 - 15 t/u
100
50
200C Z
50R
200
4.1
2112
1712
3
-p.c. >=15 t/u
200
100
300C Z
100R
300
4.2
212
172
Papier- en kartonwarenfabrieken
30
30
100C
30R
100
3.2
2121.2
17212
0
Golfkartonfabrieken:
2121.2
17212
1
-p.c. <3 t/u
30
30
100C
30R
100
3.2
2121.2
17212
2
-p.c. >=3 t/u
50
30
200C Z
30R
200
4.1
22
58
-
22
58
-
UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN OPGENOMEN MEDIA
221
581
Uitgeverijen (kantoren)
0
0
10
0
10
1
2221
1811
Drukkerijen van dagbladen
30
0
100C
10
100
3.2
2222
1812
Drukkerijen (vlak- en rotatie-diepdrukkerijen)
30
0
100
10
100
3.2
2222.6
18129
Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen
10
0
30
0
30
2
2223
1814
A
Grafische afwerking
0
0
10
0
10
1
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
2223
1814
B
Binderijen
30
0
30
0
30
2
2224
1813
Grafische reproduktie en zetten
30
0
10
10
30
2
2225
1814
Overige grafische aktiviteiten
30
0
30
10
30D
2
223
182
Reproduktiebedrijven opgenomen media
0
0
10
0
10
1
23
19
-
23
19
-
AARDOLIE-/STEENKOOLVERWERK. IND.; BEWERKING SPLIJT-/KWEEKSTOFFEN
231
191
Cokesfabrieken
1000
700
1000 C Z
100R
1000
5.3
2320.1
19201
Aardolieraffinaderijen
1500
100
1500 C Z
1500 R
1500
6
2320.2
19202
A
Smeeroliën- en vettenfabrieken
50
0
100
30R
100
3.2
2320.2
19202
B
Recyclingbedrijven voor afgewerkte olie
300
0
100
50R
300
4.2
2320.2
19202
C
Aardolieproduktenfabrieken n.e.g.
300
0
200
50R
300D
4.2
233
201, 212, 244
Splijt- en kweekstoffenbewerkingsbedrijven
10
10
100
1500
1500 D
6
24
20
-
24
20
-
VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN
2411
2011
0
Vervaardiging van industriële gassen:
2411
2011
1
-luchtscheidingsinstallatie v.c. >= 10 t/d lucht
10
0
700C Z
100R
700
5.2
2411
2011
2
-overige gassenfabrieken, niet explosief
100
0
500C
100R
500
5.1
2411
2011
3
-overige gassenfabrieken, explosief
100
0
500C
300R
500
5.1
2412
2012
Kleur- en verfstoffenfabrieken
200
0
200C
200R
200D
4.1
2413
2012
0
Anorg. chemische grondstoffenfabrieken:
2413
2012
1
-niet vallendonder "post-Seveso-richtlijn"
100
30
300C
300R
300D
4.2
2413
2012
2
-vallend onder"post-Seveso-richtlijn"
300
50
500C
700R
700D
5.2
2414.1
20141
A0
Organ. chemische grondstoffenfabrieken:
2414.1
20141
A1
-niet vallendonder "post-Seveso-richtlijn"
300
10
200C
300R
300D
4.2
2414.1
20141
A2
-vallend onder"post-Seveso-richtlijn"
1000
30
500C
700R
1000 D
5.3
2414.1
20141
B0
Methanolfabrieken:
2414.1
20141
B1
-p.c. < 100.000 t/j
100
0
200C
100R
200
4.1
2414.1
20141
B2
-p.c. >=100.000 t/j
200
0
300C Z
200R
300
4.2
2414.2
20149
0
Vetzuren en alkanolenfabrieken (nietsynth.):
2414.2
20149
1
-p.c. < 50.000 t/j
300
0
200C
100R
300
4.2
2414.2
20149
2
-p.c. >=50.000 t/j
500
0
300C Z
200R
500
5.1
2415
2015
Kunstmeststoffenfabrieken
500
300
500C
500R
500
5.1
2416
2016
Kunstharsenfabrieken e.d.
700
30
300C
500R
700
5.2
242
202
0
Landbouwchemicaliënfabrieken:
242
202
1
-fabricage
300
50
100C
1000 R
1000
5.3
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
242
202
2
-formulering en afvullen
100
10
30C
500R
500D
5.1
243
203
Verf, lak en vernisfabrieken
300
30
200C
300R
300D
4.2
2441
2110
0
Farmaceutische grondstoffenfabrieken:
2441
2110
1
-p.c. < 1.000 t/j
200
10
200C
300R
300
4.2
2441
2110
2
-p.c. >=1.000 t/j
300
10
300C
500R
500
5.1
2442
2120
0
Farmaceutische produktenfabrieken:
2442
2120
1
-formulering en afvullen geneesmiddelen
50
10
50
50R
50
3.1
2442
2120
2
-verbandmiddelenfabrieken
10
10
30
10
30
2
2451
2041
Zeep-, was- en reinigingsmiddelenfabrieken
300
100
200C
100R
300
4.2
2452
2042
Parfumerie- en cosmeticafabrieken
300
30
50C
50R
300
4.2
2461
2051
Kruit-, vuurwerk-, en springstoffenfabrieken
30
10
50
1000 V
1000
5.3
2462
2052
0
Lijm- en plakmiddelenfabrieken:
2462
2052
1
-zonder dierlijke grondstoffen
100
10
100
50
100
3.2
2462
2052
2
-met dierlijke grondstoffen
500
30
100
50
500
5.1
2464
205902
Fotochemische produktenfabrieken
50
10
100
50R
100
3.2
2466
205903
A
Chemische kantoorbenodigdhedenfabrieken
50
10
50
50R
50
3.1
2466
205903
B
Overige chemische produktenfabrieken n.e.g.
200
30
100C
200R
200D
4.1
247
2060
Kunstmatige synthetische garen-en vezelfabrieken
300
30
300C
200R
300
4.2
25
22
-
25
22
-
VERVAARDIGING VAN PRODUKTEN VAN RUBBER EN KUNSTSTOF
2511
221101
Rubberbandenfabrieken
300
50
300C
100R
300
4.2
2512
221102
0
Loopvlakvernieuwingsbedrijven:
2512
221102
1
-vloeropp. < 100 m2
50
10
30
30
50
3.1
2512
221102
2
-vloeropp. >= 100 m2
200
50
100
50R
200
4.1
2513
2219
Rubber-artikelenfabrieken
100
10
50
50R
100D
3.2
252
222
0
Kunststofverwerkende bedrijven:
252
222
1
-zonder fenolharsen
200
50
100
100R
200
4.1
252
222
2
-met fenolharsen
300
50
100
200R
300
4.2
252
222
3
-productie van verpakkingsmateriaal en assemblage van kunststofbouwmaterialen
50
30
50
30
50
3.1
26
23
-
26
23
-
VERVAARDIGING VANGLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUKTEN
261
231
0
Glasfabrieken:
261
231
1
-glas en glasprodukten, p.c.< 5.000 t/j
30
30
100
30
100
3.2
261
231
2
-glas en glasprodukten, p.c.>= 5.000 t/j
30
100
300C Z
50R
300
4.2
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
261
231
3
-glaswol en glasvezels, p.c.< 5.000 t/j
300
100
100
30
300
4.2
261
231
4
-glaswol en glasvezels, p.c.>= 5.000 t/j
500
200
300C Z
50R
500
5.1
2615
231
Glasbewerkingsbedrijven
10
30
50
10
50
3.1
262, 263
232, 234
0
Aardewerkfabrieken:
262, 263
232, 234
1
-vermogen elektrische ovens totaal < 40 kW
10
10
30
10
30
2
262, 263
232, 234
2
-vermogen elektrische ovens totaal >=40 kW
30
50
100
30
100
3.2
264
233
A
Baksteen en baksteenelementenfabrieken
30
200
200
30
200
4.1
264
233
B
Dakpannenfabrieken
50
200
200
100R
200
4.1
2651
2351
0
Cementfabrieken:
2651
2351
1
-p.c. < 100.000 t/j
10
300
500C
30R
500
5.1
2651
2351
2
-p.c. >=100.000 t/j
30
500
1000 C Z
50R
1000
5.3
2652
235201
0
Kalkfabrieken:
2652
235201
1
-p.c. < 100.000 t/j
30
200
200
30R
200
4.1
2652
235201
2
-p.c. >=100.000 t/j
50
500
300Z
50R
500
5.1
2653
235202
0
Gipsfabrieken:
2653
235202
1
-p.c. < 100.000 t/j
30
200
200
30R
200
4.1
2653
235202
2
-p.c. >=100.000 t/j
50
500
300Z
50R
500
5.1
2661.1
23611
0
Betonwarenfabrieken:
2661.1
23611
1
-zonder persen, triltafels en bekistingtrille
10
100
200
30
200
4.1
2661.1
23611
2
-met persen, triltafels of bekistingtrillers, p.c.< 100 t/d
10
100
300
30
300
4.2
2661.1
23611
3
-met persen, triltafels of bekistingtrillers, p.c.>= 100 t/d
30
200
700Z
30
700
5.2
2661.2
23612
0
Kalkzandsteenfabrieken:
2661.2
23612
1
-p.c. < 100.000 t/j
10
50
100
30
100
3.2
2661.2
23612
2
-p.c. >=100.000 t/j
30
200
300Z
30
300
4.2
2662
2362
Mineraalgebonden bouwplatenfabrieken
50
50
100
30
100
3.2
2663, 2664
2363, 2364
0
Betonmortelcentrales:
2663, 2664
2363, 2364
1
-p.c. <100 t/u
10
50
100
10
100
3.2
2663, 2664
2363, 2364
2
-p.c. >=100 t/u
30
200
300Z
10
300
4.2
2665, 2666
2365, 2369
0
Vervaardiging van produkten van beton, (vezel)cement en gips:
2665, 2666
2365, 2369
1
-p.c. <100 t/d
10
50
100
50R
100
3.2
2665, 2666
2365, 2369
2
-p.c. >=100 t/d
30
200
300Z
200R
300
4.2
267
237
0
Natuursteenbewerkingsbedrijven:
267
237
1
-zonder breken,zeven en drogen: p.o. > 2.000m²
10
30
100
0
100D
3.2
267
237
2
-zonder breken,zeven en drogen: p.o. <= 2.000m²
10
30
50
0
50
3.1
267
237
3
-met breken, zeven of drogen, v.c. <100.000 t/j
10
100
300
10
300
4.2
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
267
237
4
-met breken, zeven of drogen, v.c. >=100.000 t/j
30
200
700Z
10
700
5.2
2681
2391
Slijp- en polijstmiddelen fabrieken
10
30
50
10
50D
3.1
2682
2399
A0
Bitumineuze materialenfabrieken:
2682
2399
A1
-p.c. <100 t/u
300
100
100
30
300
4.2
2682
2399
A2
-p.c. >=100 t/u
500
200
200Z
50
500
5.1
2682
2399
B0
Isolatiematerialenfabrieken (excl. glaswol):
2682
2399
B1
-steenwol, p.c.>= 5.000 t/j
100
200
300C Z
30
300
4.2
2682
2399
B2
-overige isolatiematerialen
200
100
100C
50
200
4.1
2682
2399
C
Minerale produktenfabrieken n.e.g.
50
50
100
50
100D
3.2
2682
2399
D0
Asfaltcentrales: p.c.< 100 ton/uur
100
50
200
30
200
4.1
2682
2399
D1
-asfaltcentrales, p.c. >= 100 ton/uur
200
100
300Z
50
300
4.2
27
24
-
27
24
-
VERVAARDIGING VAN METALEN
271
241
0
Ruwijzer- en staalfabrieken:
271
241
1
-p.c. < 1.000 t/j
700
500
700
200R
700
5.2
271
241
2
-p.c. >=1.000 t/j
1500
1000
1500 C Z
300R
1500
6
272
245
0
IJzeren- en stalenbuizenfabrieken:
272
245
1
-p.o. < 2.000 m2
30
30
500
30
500
5.1
272
245
2
-p.o. >=2.000 m2
50
100
1000 Z
50R
1000
5.3
273
243
0
Draadtrekkerijen, koudbandwalserijen en profielzetterijen:
273
243
1
-p.o. < 2.000 m2
30
30
300
30
300
4.2
273
243
2
-p.o. >=2.000 m2
50
50
700Z
50R
700
5.2
274
244
A0
Non-ferro-metaalfabrieken:
274
244
A1
-p.c. < 1.000 t/j
100
100
300
30R
300
4.2
274
244
A2
-p.c. >=1.000 t/j
200
300
700Z
50R
700
5.2
274
244
B0
Non-ferro-metaalwalserijen, -trekkerijen e.d.:
274
244
B1
-p.o. < 2.000 m2
50
50
500
50R
500
5.1
274
244
B2
-p.o. >=2.000 m2
200
100
1000 Z
100R
1000
5.3
2751, 2752
2451, 2452
0
IJzer- en staalgieterijen/ -smelterijen:
2751, 2752
2451, 2452
1
-p.c. < 4.000 t/j
100
50
300C
30R
300
4.2
2751, 2752
2451, 2452
2
-p.c. >=4.000 t/j
200
100
500C Z
50R
500
5.1
2753, 2754
2453, 2454
0
Non-ferro-metaalgieterijen/ -smelterijen:
2753, 2754
2453, 2454
1
-p.c. < 4.000 t/j
100
50
300C
30R
300
4.2
2753, 2754
2453, 2454
2
-p.c. >=4.000 t/j
200
100
500C Z
50R
500
5.1
28
25
-
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
28
25, 31
-
VERVAARD. EN REPARATIE VANPRODUKTEN VAN METAAL(EXCL.
MACH./TRANSPORTMIDD.)
281
251, 331
0
Constructiewerkplaatsen
281
251, 331
1
-gesloten gebouw
30
30
100
30
100
3.2
281
251, 331
1a
-gesloten gebouw, p.o. < 200m2
30
30
50
10
50
3.1
281
251, 331
2
-in open lucht, p.o.< 2.000 m2
30
50
200
30
200
4.1
281
251, 331
3
-in open lucht, p.o.>= 2.000 m2
50
200
300Z
30
300
4.2
2821
2529, 3311
0
Tank- en reservoirbouwbedrijven:
2821
2529, 3311
1
-p.o. < 2.000 m2
30
50
300
30R
300
4.2
2821
2529, 3311
2
-p.o. >=2.000 m2
50
100
500Z
50R
500
5.1
2822, 2830
2521, 2530, 3311
Vervaardiging van verwarmingsketels, radiatoren en stoomketels
30
30
200
30
200
4.1
284
255, 331
A
Stamp-, pers-, dieptrek- en forceerbedrijven
10
30
200
30
200
4.1
284
255, 331
B
Smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen e.d.
50
30
100
30
100D
3.2
284
255, 331
B1
Smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen e.d., p.o. <200 m2
30
30
50
10
50D
3.1
2851
2561, 3311
0
Metaaloppervlaktebehandelingsbedrijven:
2851
2561, 3311
1
-algemeen
50
50
100
50
100
3.2
2851
2561, 3311
10
-stralen
30
200
200
30
200D
4.1
2851
2561, 3311
11
-metaalharden
30
50
100
50
100D
3.2
2851
2561, 3311
12
-lakspuiten en moffelen
100
30
100
50R
100D
3.2
2851
2561, 3311
2
-scoperen (opspuiten van zink)
50
50
100
30R
100D
3.2
2851
2561, 3311
3
-thermisch verzinken
100
50
100
50
100
3.2
2851
2561, 3311
4
-thermisch vertinnen
100
50
100
50
100
3.2
2851
2561, 3311
5
-mechanische oppervlaktebehandeling (slijpen, polijsten)
30
50
100
30
100
3.2
2851
2561, 3311
6
-anodiseren, eloxeren
50
10
100
30
100
3.2
2851
2561, 3311
7
-chemische oppervlaktebehandeling
50
10
100
30
100
3.2
2851
2561, 3311
8
-emailleren
100
50
100
50R
100
3.2
2851
2561, 3311
9
-galvaniseren (vernikkelen, verchromen, verzinken, verkoperen ed)
30
30
100
50
100
3.2
2852
2562, 3311
1
Overige metaalbewerkende industrie
10
30
100
30
100D
3.2
2852
2562, 3311
2
Overige metaalbewerkende industrie, inpandig, p.o. <200m2
10
30
50
10
50D
3.1
287
259, 331
A0
Grofsmederijen, anker- en kettingfabrieken:
287
259, 331
A1
-p.o. < 2.000 m2
30
50
200
30
200
4.1
287
259, 331
A2
-p.o. >=2.000 m2
50
100
500Z
30
500
5.1
287
259, 331
B
Overige metaalwarenfabrieken n.e.g.
30
30
100
30
100
3.2
287
259, 331
B
Overige metaalwarenfabrieken n.e.g.; inpandig, p.o. <200 m2
30
30
50
10
50
3.1
29
27, 28, 33
-
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
29
27, 28, 33
-
VERVAARDIGING VAN MACHINES EN APPARATEN
29
27, 28, 33
0
Machine- en apparatenfabrieken incl.reparatie:
29
27, 28, 33
1
-p.o. < 2.000 m2
30
30
100
30
100D
3.2
29
27, 28, 33
2
-p.o. >=2.000 m2
50
30
200
30
200D
4.1
29
28, 33
3
-met proefdraaien verbrandingsmotoren >=1 MW
50
30
300Z
30
300D
4.2
30
26, 28, 33
-
30
26, 28, 33
-
VERVAARDIGING VAN KANTOORMACHINES EN COMPUTERS
30
26, 28, 33
A
Kantoormachines- en computerfabrieken incl.reparatie
30
10
30
10
30
2
31
26, 27, 33
-
31
26, 27, 33
-
VERVAARDIGING VAN OVER. ELEKTR. MACHINES, APPARATEN EN BENODIGDH.
311
271, 331
Elektromotoren- en generatorenfabrieken incl.reparatie
200
30
30
50
200
4.1
312
271, 273
Schakel- en installatiemateriaalfabrieken
200
10
30
50
200
4.1
313
273
Elektrische draad- en kabelfabrieken
100
10
200
100R
200D
4.1
314
272
Accumulatoren- en batterijenfabrieken
100
30
100
50
100
3.2
315
274
Lampenfabrieken
200
30
30
300R
300
4.2
316
293
Elektrotechnische industrie n.e.g.
30
10
30
10
30
2
3162
2790
Koolelektrodenfabrieken
1500
300
1000 C Z
200R
1500
6
32
26, 33
-
32
26, 33
-
VERVAARDIGING VAN AUDIO-, VIDEO-, TELECOM-APPARATEN EN -BENODIGDH.
321t/m 323
261, 263, 264,331
Vervaardiging van audio-,video- en telecom-apparatuur e.d. incl. reparatie
30
0
50
30
50D
3.1
3210
2612
Fabrieken voor gedrukte bedrading
50
10
50
30
50
3.1
33
26, 32, 33
-
33
26, 32, 33
-
VERVAARDIGING VAN MEDISCHE EN OPTISCHE APPARATEN EN INSTRUMENTEN
33
26, 32, 33
A
Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten e.d.incl. reparatie
30
0
30
0
30
2
34
29
-
34
29
VERVAARDIGING VAN AUTO'S, AANHANGWAGENS EN OPLEGGERS
341
291
0
Autofabrieken en assemblagebedrijven
341
291
1
-p.o. < 10.000 m2
100
10
200C
30R
200D
4.1
341
291
2
-p.o. >=10.000 m2
200
30
300Z
50R
300
4.2
3420.1
29201
Carrosseriefabrieken
100
10
200
30R
200
4.1
3420.2
29202
Aanhangwagen- en opleggerfabrieken
30
10
200
30
200
4.1
343
293
Auto-onderdelenfabrieken
30
10
100
30R
100
3.2
35
30
-
35
30
-
VERVAARDIGING VAN TRANSPORTMIDDELEN (EXCL. AUTO'S, AANHANGWAGENS)
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
351
301, 3315
0
Scheepsbouw- en reparatiebedrijven:
351
301, 3315
1
-houten schepen
30
30
50
10
50
3.1
351
301, 3315
2
-kunststof schepen
100
50
100
50R
100
3.2
351
301, 3315
3
-metalen schepen < 25 m
50
100
200
30
200
4.1
351
301, 3315
4
-metalen schepen>= 25m en/ofproefdraaien motoren >=1 MW
100
100
500C Z
50
500
5.1
3511
3831
Scheepssloperijen
100
200
700
100R
700
5.2
352
302, 317
0
Wagonbouw- en spoorwegwerkplaatsen:
352
302, 317
1
-algemeen
50
30
100
30
100
3.2
352
302, 317
2
-met proefdraaien van verbrandingsmotoren >=1 MW
50
30
300Z
30R
300
4.2
353
303, 3316
0
Vliegtuigbouw en -reparatiebedrijven:
353
303, 3316
1
-zonder proefdraaien motoren
50
30
200
30
200
4.1
353
303, 3316
2
-met proefdraaien motoren
100
30
1000 Z
100R
1000
5.3
354
309
Rijwiel- en motorrijwielfabrieken
30
10
100
30R
100
3.2
355
3099
Transportmiddelenindustrie n.e.g.
30
30
100
30
100D
3.2
36
31
-
36
31
-
VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN N.E.G.
361
310
1
Meubelfabrieken
50
50
100
30
100D
3.2
361
9524
2
Meubelstoffeerderijen b.o. <200 m2
0
10
10
0
10
1
362
321
Fabricage van munten, sieraden e.d.
30
10
10
10
30
2
363
322
Muziekinstrumentenfabrieken
30
10
30
10
30
2
364
323
Sportartikelenfabrieken
30
10
50
30
50
3.1
365
324
Speelgoedartikelenfabrieken
30
10
50
30
50
3.1
3663.1
32991
Sociale werkvoorziening
0
30
30
0
30
2
3663.2
32999
Vervaardiging van overige goederen n.e.g.
30
10
50
30
50D
3.1
37
38
-
37
38
-
VOORBEREIDING TOT RECYCLING
371
383201
Metaal- en autoschredders
30
100
500Z
30
500
5.1
372
383202
A0
Puinbrekerijen en -malerijen:
372
383202
A1
-v.c. <100.000 t/j
30
100
300
10
300
4.2
372
383202
A2
-v.c. >=100.000 t/j
30
200
700
10
700
5.2
372
383202
B
Rubberregeneratiebedrijven
300
50
100
50R
300
4.2
372
383202
C
Afvalscheidingsinstallaties
200
200
300C
50
300
4.2
40
35
-
40
35
-
PRODUKTIE EN DISTRIB. VAN STROOM, AARDGAS, STOOM EN WARM WATER
40
35
A0
Elektriciteitsproduktiebedrijven (electrisch vermogen >= 50 MWe)
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
40
35
A1
-kolengestookt (incl.meestook biomassa), thermisch vermogen > 75 MWth
100
700
700C Z
200
700
5.2
40
35
A2
-oliegestookt, thermisch vermogen > 75 MWth
100
100
500C Z
100
500
5.1
40
35
A3
-gasgestookt (incl.bijstook biomassa), thermisch vermogen > 75 MWth,in
100
100
500C Z
100R
500
5.1
40
35
A4
-kerncentrales met koeltorens
10
10
500C
1500
1500 D
6
40
35
A5
-warmte-kracht-installaties (gas),thermisch vermogen > 75 MWth
30
30
500C Z
100R
500
5.1
40
35
B0
bio-energieinstallaties electrisch vermogen < 50 MWe:
40
35
B1
-covergisting, verbranding en vergassing van mest, slib, GFT en reststromen
voedingsindustrie
100
50
100
30R
100
3.2
40
35
B2
-vergisting, verbranding en vergassing vanoverige biomassa
50
50
100
30R
100
3.2
40
35
C0
Elektriciteitsdistributiebedrijven, met transformatorvermogen:
40
35
C1
-< 10 MVA
0
0
30C
10
30
2
40
35
C2
-10 - 100 MVA
0
0
50C
30
50
3.1
40
35
C3
-100 - 200 MVA
0
0
100C
50
100
3.2
40
35
C4
-200 - 1000 MVA
0
0
300C Z
50
300
4.2
40
35
C5
->= 1000MVA
0
0
500C Z
50
500
5.1
40
35
D0
Gasdistributiebedrijven:
40
35
D1
-gascompressorstations vermogen < 100 MW
0
0
300C
100
300
4.2
40
35
D2
-gascompressorstations vermogen >= 100 MW
0
0
500C
200R
500
5.1
40
35
D3
-gas: reduceer-, compressor-, meet- en regelinst. Cat. A
0
0
10C
10
10
1
40
35
D4
-gasdrukregel- en meetruimten (kastenen gebouwen), cat.B en C
0
0
30C
10
30
2
40
35
D5
-gasontvang- en -verdeelstations, cat. D
0
0
50C
50R
50
3.1
40
35
E0
Warmtevoorzieningsinstallaties, gasgestookt:
40
35
E1
-stadsverwarming
30
10
100C
50
100
3.2
40
35
E2
-blokverwarming
10
0
30C
10
30
2
40
35
F0
windmolens:
40
35
F1
-wiekdiameter 20 m
0
0
100C
30
100
3.2
40
35
F2
-wiekdiameter 30 m
0
0
200C
50
200
4.1
40
35
F3
-wiekdiameter 50 m
0
0
300C
50
300
4.2
41
36
-
41
36
-
WINNING EN DITRIBUTIE VAN WATER
41
36
A0
Waterwinning-/ bereiding- bedrijven:
41
36
A1
-met chloorgas
50
0
50C
1000 R
1000 D
5.3
41
36
A2
-bereiding met chloorbleekloog e.d.en/of straling
10
0
50C
30
50
3.1
41
36
B0
Waterdistributiebedrijven met pompvermogen:
41
36
B1
-< 1 MW
0
0
30C
10
30
2
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
41
36
B2
-1 - 15 MW
0
0
100C
10
100
3.2
41
36
B3
->= 15 MW
0
0
300C
10
300
4.2
45
41, 42, 43
-
45
41, 42, 43
-
BOUWNIJVERHEID
45
41, 42, 43
0
Bouwbedrijven algemeen: b.o.> 2.000 m²
10
30
100
10
100
3.2
45
41, 42, 43
1
-bouwbedrijven algemeen: b.o. <= 2.000m²
10
30
50
10
50
3.1
45
41, 42, 43
2
Aannemersbedrijven met werkplaats: b.o. > 1000m²
10
30
50
10
50
3.1
45
41, 42, 43
3
-aannemersbedrijven met werkplaats: b.o.< 1000 m²
0
10
30
10
30
2
50
45, 47
-
50
45, 47
-
HANDEL/REPARATIE VAN AUTO'S,MOTORFIETSEN; BENZINESERVICESTATIONS
501, 502, 504
451, 452, 454
Handel in auto'sen motorfietsen, reparatie- en servicebedrijven
10
0
30
10
30
2
501
451
Handel in vrachtauto's (incl. import en reparatie)
10
10
100
10
100
3.2
5020.4
45204
A
Autoplaatwerkerijen
10
30
100
10
100
3.2
5020.4
45204
B
Autobeklederijen
0
0
10
10
10
1
5020.4
45204
C
Autospuitinrichtingen
50
30
30
30R
50
3.1
5020.5
45205
Autowasserijen
10
0
30
0
30
2
503, 504
453
Handel in auto-en motorfietsonderdelen en -accessoires
0
0
30
10
30
2
505
473
0
Benzineservisestations:
505
473
1
-met LPG> 1000 m3/jr
30
0
30
200R
200
4.1
505
473
2
-met LPG< 1000 m3/jr
30
0
30
50R
50
3.1
505
473
3
-zonder LPG
30
0
30
10
30
2
51
46
-
51
46
-
GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING
511
461
Handelsbemiddeling (kantoren)
0
0
10
0
10
1
5121
4621
0
Grth in akkerbouwprodukten en veevoeders
30
30
50
30R
50
3.1
5121
4621
1
Grth in akkerbouwprodukten en veevoeders meteen verwerkingscapaciteit van500 ton/uur
of meer
100
100
300Z
50R
300
4.2
5122
4622
Grth in bloemenen planten
10
10
30
0
30
2
5123
4623
Grth in levende dieren
50
10
100C
0
100
3.2
5124
4624
Grth in huiden,vellen en leder
50
0
30
0
50
3.1
5125, 5131
46217, 4631
Grth in ruwetabak, groenten, fruiten consumptie-aardappelen
30
10
30
50R
50
3.1
5132, 5133
4632, 4633
Grth in vlees,vleeswaren, zuivelprodukten, eieren, spijsoliën
10
0
30
50R
50
3.1
5134
4634
Grth in dranken
0
0
30
0
30
2
5135
4635
Grth in tabaksprodukten
10
0
30
0
30
2
5136
4636
Grth in suiker, chocolade en suikerwerk
10
10
30
0
30
2
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
5137
4637
Grth in koffie, thee, cacao en specerijen
30
10
30
0
30
2
5138, 5139
4638, 4639
Grth in overigevoedings- en genotmiddelen
10
10
30
10
30
2
514
464, 46733
Grth in overige consumentenartikelen
10
10
30
10
30
2
5148.7
46499
0
Grth in vuurwerk en munitie:
5148.7
46499
1
-consumentenvuurwerk, verpakt, opslag < 10 ton
10
0
30
10V
30
2
5148.7
46499
2
-consumentenvuurwerk, verpakt, opslag 10 tot50 ton
10
0
30
50V
50
3.1
5148.7
46499
3
-professioneel vuurwerk, netto expl.massa per bewaarplaats < 750 kg (en >25 kg
theatervuurwerk)
10
0
30
500V
500
5.1
5148.7
46499
4
-professioneel vuurwerk, netto expl. massaper bewaarplaats 750 kg tot6 ton
10
0
30
1000 V
1000
5.3
5148.7
46499
5
-munitie
0
0
30
30
30
2
5151.1
46711
0
Grth in vaste brandstoffen:
5151.1
46711
1
-klein, lokaalverzorgingsgebied
10
50
50
30
50
3.1
5151.1
46711
2
-kolenterminal, opslagopp. >= 2.000m2
50
500
500Z
100
500
5.1
5151.2
46712
0
Grth in vloeibare en gasvormige brandstoffen:
5151.2
46712
1
-vloeistoffen, o.c. < 100.000m3
50
0
50
200R
200D
4.1
5151.2
46712
2
-vloeistoffen, o.c. >= 100.000m3
100
0
50
500R
500D
5.1
5151.2
46712
3
-tot vloeistof verdichte gassen
50
0
50
300R
300D
4.2
5151.3
46713
Grth minerale olieprodukten (excl. brandstoffen)
100
0
30
50
100
3.2
5152.1
46721
0
Grth in metaalertsen:
5152.1
46721
1
-opslag opp.< 2.000 m2
30
300
300
10
300
4.2
5152.1
46721
2
-opslag opp.>= 2.000 m2
50
500
700Z
10
700
5.2
5152.2 /.3
46722, 46723
Grth in metalen en -halffabrikaten
0
10
100
10
100
3.2
5153
4673
0
Grth in houten bouwmaterialen:
5153
4673
1
-algemeen: b.o.> 2000 m²
0
10
50
10
50
3.1
5153
4673
2
-algemeen: b.o.<= 2000 m²
0
10
30
10
30
2
5153.4
46735
4
zand en grind:
5153.4
46735
5
-algemeen: b.o.> 200 m²
0
30
100
0
100
3.2
5153.4
46735
6
-algemeen: b.o.<= 200 m²
0
10
30
0
30
2
5154
4674
0
Grth in ijzer- en metaalwaren en verwarmingsapparatuur:
5154
4674
1
-algemeen: b.o.> 2.000 m²
0
0
50
10
50
3.1
5154
4674
2
-algemeen: b.o.< = 2.000m²
0
0
30
0
30
2
5155.1
46751
Grth in chemische produkten
50
10
30
100R
100D
3.2
5155.2
46752
Grth in kunstmeststoffen
30
30
30
30R
30
2
5156
4676
Grth in overige intermediaire goederen
10
10
30
10
30
2
5157
4677
0
Autosloperijen: b.o. >1000 m²
10
30
100
30
100
3.2
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
5157
4677
1
-autosloperijen: b.o. <= 1000 m²
10
10
50
10
50
3.1
5157.2/3
4677
0
Overige groothandel in afval en schroot: b.o.> 1000 m²
10
30
100
10
100D
3.2
5157.2/3
4677
1
-overige groothandel in afval en schroot: b.o.<= 1000 m²
10
10
50
10
50
3.1
518
466
0
Grth in machines en apparaten:
518
466
1
-machines voor de bouwnijverheid
0
10
100
10
100
3.2
518
466
2
-overige
0
10
50
0
50
3.1
519
466, 469
Overige grth (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden e.d.
0
0
30
0
30
2
52
47
-
52
47
-
DETAILHANDEL EN REPARATIE T.B.V. PARTICULIEREN
52
47
A
Detailhandel voor zovern.e.g.
0
0
10
0
10
1
5211/2,5246/9
471
Supermarkten, warenhuizen
0
0
10
10
10
1
5222, 5223
4722, 4723
Detailhandel vlees, wild,gevogelte, met roken,koken, bakken
10
0
10
10
10
1
5224
4724
Detailhandel brood en banket met bakken voor eigen winkel
10
10
10C
10
10
1
5231, 5232
4773, 4774
Apotheken en drogisterijen
0
0
0
10
10
1
5246/9
4752
Bouwmarkten, tuincentra, hypermarkten
0
0
30
10
30
2
5249
4778
Detailhandel in vuurwerk tot 10 ton verpakt
0
0
10
10V
10
1
5261
4791
Postorderbedrijven
0
0
50
0
50
3.1
527
952
Reparatie t.b.v. particulieren (excl. auto's en motorfietsen)
0
0
10
10
10
1
55
55
-
55
55
-
LOGIES-, MAALTIJDEN- EN DRANKENVERSTREKKING
5511, 5512
5510
Hotels en pensions met keuken, conferentie-oorden en congrescentra
10
0
10
10
10
1
552
553, 552
Kampeerterreinen, vakantiecentra, e.d.(met keuken)
30
0
50C
30
50
3.1
553
561
Restaurants, cafetaria's, snackbars, ijssalons met eigenijsbereiding, viskramen e.d.
10
0
10C
10
10
1
554
563
1
Café's, bars
0
0
10C
10
10
1
554
563
2
Discotheken, muziekcafé's
0
0
30C
10
30D
2
5551
5629
Kantines
10
0
10C
10
10D
1
5552
562
Cateringbedrijven
10
0
30C
10
30
2
60
49
-
60
49
-
VERVOER OVER LAND
601
491, 492
0
Spoorwegen:
601
491, 492
1
-stations
0
0
100C
50R
100D
3.2
601
491, 492
2
-rangeerterreinen, overslagstations (zonder rangeerheuvel)
30
30
300C
300R
300D
4.2
6021.1
493
Bus-, tram- en metrostations en -remises
0
10
100C
0
100D
3.2
6022
493
Taxibedrijven
0
0
30C
0
30
2
6023
493
Touringcarbedrijven
10
0
100C
0
100
3.2
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
6024
494
0
Goederenwegvervoerbedrijven (zonder schoonmaken tanks): b.o. >1000 m²
0
0
100C
30
100
3.2
6024
494
1
-Goederenwegvervoerbedrijven (zonder schoonmaken tanks) b.o.<= 1000 m²
0
0
50C
30
50
3.1
603
495
Pomp- en compressorstations van pijpleidingen
0
0
30C
10
30D
2
61, 62
50, 51
-
61, 62
50, 51
-
VERVOER OVER WATER / DOOR DE LUCHT
61, 62
50, 51
A
Vervoersbedrijven (uitsluitend kantoren)
0
0
10
0
10
1
63
52
-
63
52
-
DIENSTVERLENING T.B.V. HETVERVOER
6311.1
52241
0
Laad-, los- en overslagbedrijven t.b.v.zeeschepen:
6311.1
52241
1
-containers
0
10
500C
100R
500
5.1
6311.1
52241
2
-stukgoederen
0
30
300C
100R
300D
4.2
6311.1
52241
3
-ertsen, mineralen e.d., opslagopp. >=2.000 m2
50
700
1000 C Z
50
1000
5.3
6311.1
52241
4
-granen of meelsoorten, v.c.>= 500 t/u
100
500
500C Z
100R
500
5.1
6311.1
52241
5
-steenkool, opslagopp. >= 2.000 m2
50
700
700C Z
100
700
5.2
6311.1
52241
6
-olie, LPG, e.d.
300
0
100C
1000 R
1000
5.3
6311.1
52241
7
-tankercleaning
300
10
100C
200R
300
4.2
6311.2
52242
0
Laad-, los- en overslagbedrijven t.b.v.binnenvaart:
6311.2
52242
1
-containers
0
10
300
50R
300
4.2
6311.2
52242
10
-tankercleaning
300
10
100
200R
300
4.2
6311.2
52242
2
-stukgoederen
0
10
100
50R
100D
3.2
6311.2
52242
3
-ertsen, mineralen, e.d., opslagopp. <2.000 m²
30
200
300
30
300
4.2
6311.2
52242
4
-ersten, mineralen, e.d., opslagopp. >=2.000 m²
50
500
700Z
50
700
5.2
6311.2
52242
5
-granen of meelsoorten , v.c. <500 t/u
50
300
200
50R
300
4.2
6311.2
52242
6
-granen of meelsoorten, v.c.>= 500 t/u
100
500
300Z
100R
500
5.1
6311.2
52242
7
-steenkool, opslagopp. < 2.000 m2
50
300
300
50
300
4.2
6311.2
52242
8
-steenkool, opslagopp. >= 2.000 m2
50
500
500Z
100
500
5.1
6311.2
52242
9
-olie, LPG, e.d.
100
0
50
700R
700
5.2
6312
52102, 52109
A
Distributiecentra, pak- en koelhuizen
30
10
50C
50R
50D
3.1
6312
52109
B
Opslaggebouwen (verhuur opslagruimte)
0
0
30C
10
30
2
6321
5221
1
Autoparkeerterreinen, parkeergarages
10
0
30C
0
30
2
6321
5221
2
Stalling van vrachtwagens (met koelinstallaties)
10
0
100C
30
100
3.2
6322, 6323
5222
Overige dienstverlening t.b.v.vervoer (kantoren)
0
0
10
0
10
1
6323
5223
A
Luchthavens
200
50
1500 C
500R
1500 D
6
6323
5223
B
Helikopterlandplaatsen
0
50
500
50
500
5.1
633
791
Reisorganisaties
0
0
10
0
10
1
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
634
5229
Expediteurs, cargadoors (kantoren)
0
0
10
0
10D
1
64
64
-
64
53
-
POST EN TELECOMMUNICATIE
641
531, 532
Post- en koeriersdiensten
0
0
30C
0
30
2
642
61
A
Telecommunicatiebedrijven
0
0
10C
0
10
1
642
61
B0
zendinstallaties:
642
61
B1
-LG en MG, zendervermogen < 100 kW (bijgroter vermogen: onderzoek!)
0
0
0C
100
100
3.2
642
61
B2
-FM en TV
0
0
0C
10
10
1
642
61
B3
-GSM en UMTS-steunzenders (indien bouwvergunningplichtig)
0
0
0C
10
10
1
65, 66, 67
64, 65, 66
-
65, 66, 67
64, 65, 66
-
FINANCIELE INSTELLINGEN EN VERZEKERINGSWEZEN
65, 66, 67
64, 65, 66
A
Banken, verzekeringsbedrijven, beurzen
0
0
10C
0
10
1
70
41, 68
-
70
41, 68
-
VERHUUR VAN EN HANDEL IN ONROEREND GOED
70
41, 68
A
Verhuur van en handel in onroerend goed
0
0
10
0
10
1
71
77
-
71
77
-
VERHUUR VAN TRANSPORTMIDDELEN, MACHINES, ANDERE ROERENDE
GOEDEREN
711
7711
Personenautoverhuurbedrijven
10
0
30
10
30
2
712
7712, 7739
Verhuurbedrijven voor transportmiddelen (excl. personenauto's)
10
0
50
10
50D
3.1
713
773
Verhuurbedrijven voor machines en werktuigen
10
0
50
10
50D
3.1
714
772
Verhuurbedrijven voor roerende goederen n.e.g.
10
10
30
10
30D
2
72
62
-
72
62
-
COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE
72
62
A
Computerservice- en informatietechnologie-bureau's e.d.
0
0
10
0
10
1
72
58, 63
B
Datacentra
0
0
30C
0
30
2
73
72
-
73
72
-
SPEUR- EN ONTWIKKELINGSWERK
731
721
Natuurwetenschappelijk speur- en ontwikkelingswerk
30
10
30
30R
30
2
732
722
Maatschappij- en geesteswetenschappelijk onderzoek
0
0
10
0
10
1
74
63, 69tm71,73, 74,
77, 78, 80tm82
-
74
63, 69tm71,73, 74,
77, 78, 80tm82
-
OVERIGE ZAKELIJKE DIENSTVERLENING
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
74
63, 69tm71,73, 74,
77, 78, 80tm82
A
Overige zakelijke dienstverlening: kantoren
0
0
10
0
10D
1
747
812
Reinigingsbedrijven voor gebouwen
50
10
30
30
50D
3.1
7481.3
74203
Foto- en filmontwikkelcentrales
10
0
30C
10
30
2
7484.3
82991
Veilingen voor landbouw- en visserijprodukten
50
30
200C
50R
200
4.1
7484.4
82992
Veilingen voor huisraad, kunst e.d.
0
0
10
0
10
1
75
84
-
75
84
-
OPENBAAR BESTUUR, OVERHEIDSDIENSTEN, SOCIALE VERZEKERINGEN
75
84
A
Openbaar bestuur (kantoren e.d.)
0
0
10
0
10
1
7522
8422
Defensie-inrichtingen
30
30
200C
100
200D
4.1
7525
8425
Brandweerkazernes
0
0
50C
0
50
3.1
80
85
-
80
85
-
ONDERWIJS
801, 802
852, 8531
Scholen voor basis-en algemeen voortgezet onderwijs
0
0
30
0
30
2
803, 804
8532, 854, 855
Scholen voor beroeps-, hoger en overigonderwijs
10
0
30
10
30D
2
85
86
-
85
86
-
GEZONDHEIDS- EN WELZIJNSZORG
8511
8610
Ziekenhuizen
10
0
30C
10
30
2
8512, 8513
8621, 8622, 8623
Artsenpraktijken, klinieken en dagverblijven
0
0
10
0
10
1
8514, 8515
8691, 8692
Consultatiebureaus
0
0
10
0
10
1
853
871
1
Verpleeghuizen
10
0
30C
0
30
2
853
8891
2
Kinderopvang
0
0
30
0
30
2
90
37, 38, 39
-
90
37, 38, 39
-
MILIEUDIENSTVERLENING
9001
3700
A0
RWZI's en gierverwerkingsinricht., met afdekking voorbezinktanks:
9001
3700
A1
-< 100.000i.e.
200
10
100C
10
200
4.1
9001
3700
A2
-100.000 - 300.000 i.e.
300
10
200C Z
10
300
4.2
9001
3700
A3
->= 300.000i.e.
500
10
300C Z
10
500
5.1
9001
3700
B
rioolgemalen
30
0
10C
0
30
2
9002.1
381
A
Vuilophaal-, straatreinigingsbedrijven e.d.
50
30
50
10
50
3.1
9002.1
381
B
Gemeentewerven (afval-inzameldepots)
30
30
50
30R
50
3.1
9002.1
381
C
Vuiloverslagstations
200
200
300
30
300
4.2
9002.2
382
A0
Afvalverwerkingsbedrijven:
9002.2
382
A1
-mestverwerking/korrelfabrieken
500
10
100C
10
500
5.1
9002.2
382
A2
-kabelbranderijen
100
50
30
10
100
3.2
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
9002.2
382
A3
-verwerking radio-actief afval
0
10
200C
1500
1500
6
9002.2
382
A4
-pathogeen afvalverbranding (voor ziekenhuizen)
50
10
30
10
50
3.1
9002.2
382
A5
-oplosmiddelterugwinning
100
0
10
30R
100D
3.2
9002.2
382
A6
-afvalverbrandingsinrichtingen, thermisch vermogen > 75 MW
300
200
300C Z
50
300D
4.2
9002.2
382
A7
-verwerking fotochemisch en galvano-afval
10
10
30
30R
30
2
9002.2
382
B
Vuilstortplaatsen
300
200
300
10
300
4.2
9002.2
382
C0
Composteerbedrijven:
9002.2
382
C1
-niet-belucht v.c.< 5.000 ton/jr
300
100
50
10
300
4.2
9002.2
382
C2
-niet-belucht v.c.5.000 tot 20.000ton/jr
700
300
100
30
700
5.2
9002.2
382
C3
-belucht v.c. < 20.000 ton/jr
100
100
100
10
100
3.2
9002.2
382
C4
-belucht v.c. > 20.000 ton/jr
200
200
100
30
200
4.1
9002.2
382
C5
-GFT in gesloten gebouw
200
50
100
100R
200
4.1
91
94
-
91
94
-
DIVERSE ORGANISATIES
9111
941, 942
Bedrijfs- en werknemersorganisaties (kantoren)
0
0
10
0
10
1
9131
9491
Kerkgebouwen e.d.
0
0
30
0
30
2
9133.1
94991
A
Buurt- en clubhuizen
0
0
30C
0
30D
2
9133.1
94991
B
Hondendressuurterreinen
0
0
50
0
50
3.1
92
59
-
92
59
-
CULTUUR, SPORT EN RECREATIE
921, 922
591, 592, 601,602
Studio's (film, TV, radio, geluid)
0
0
30C
10
30
2
9213
5914
Bioscopen
0
0
30C
0
30
2
9232
9004
Theaters, schouwburgen, concertgebouwen, evenementenhallen
0
0
30C
0
30
2
9233
9321
Recreatiecentra, vaste kermise.d.
30
10
300
10
300D
4.2
9234
8552
Muziek- en balletscholen
0
0
30
0
30
2
9234.1
85521
Dansscholen
0
0
30C
0
30
2
9251, 9252
9101, 9102
Bibliotheken, musea, ateliers, e.d.
0
0
10
0
10
1
9253.1
91041
Dierentuinen
100
10
50C
0
100
3.2
9253.1
91041
Kinderboerderijen
30
10
30C
0
30
2
926
931
0
Zwembaden:
926
931
1
-overdekt
10
0
50C
10
50
3.1
926
931
2
-niet overdekt
30
0
200
10
200
4.1
926
931
A
Sporthallen
0
0
50C
0
50
3.1
926
931
B
Bowlingcentra
0
0
30C
0
30
2
926
931
C
Overdekte kunstijsbanen
0
0
100C
50R
100
3.2
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
926
931
D
Stadions en open-lucht-ijsbanen
0
0
300C
50R
300
4.2
926
931
E
Maneges
50
30
30
0
50
3.1
926
931
F
Tennisbanen (met verlichting)
0
0
50C
0
50
3.1
926
931
G
Veldsportcomplex (met verlichting)
0
0
50C
0
50
3.1
926
931
H
Golfbanen
0
0
10
0
10
1
926
931
I
Kunstskibanen
0
0
30C
50R
50
3.1
926
931
0
Schietinrichtingen:
926
931
1
-binnenbanen: geweer-en pistoolbanen
0
0
200C
10
200
4.1
926
931
10
-buitenbanen met voorzieningen: pistoolbanen
10
0
1000
200
1000
5.3
926
931
11
-buitenbanen met voorzieningen: boogbanen
0
0
30
30
30
2
926
931
2
-binnenbanen: boogbanen
0
0
10C
10
10
1
926
931
3
-vrije buitenbanen: kleiduiven
0
0
200
300
300
4.2
926
931
4
-vrije buitenbanen: schietbomen
0
0
500
1500
1500
6
926
931
5
-vrije buitenbanen: geweerbanen
10
0
1500
1500
1500
6
926
931
6
-vrije buitenbanen: pistoolbanen
10
0
1500
1500
1500
6
926
931
7
-vrije buitenbanen: boogbanen
0
0
10
200
200
4.1
926
931
8
-buitenbanen met voorzieningen: schietbomen
10
0
300
500
500
5.1
926
931
9
-buitenbanen met voorzieningen: geweerbanen
10
0
1000
1500
1500
6
926
931
A
Skelter- en kartbanen, in een hal
10
0
50
10
50
3.1
926
931
B
Skelter- en kartbanen, open lucht, < 8 uur/week in gebruik
50
30
500
30
500
5.1
926
931
C
Skelter- en kartbanen, open lucht, >=8uur/week in gebruik
50
50
1000 Z
30
1000
5.3
926
931
D
Autocircuits, motorcrossterreinen e.d.,< 8 uur/week in gebruik
100
50
700
50
700
5.2
926
931
E
Autocircuits, motorcrossterreinen e.d.,>=8 uur/week in gebruik
100
100
1500 Z
50
1500
6
926
931
F
Sportscholen, gymnastiekzalen
0
0
30C
0
30
2
926
932
G
Jachthavens met diverse voorzieningen
10
10
50C
30
50
3.1
9271
9200
Casino's
10
0
30C
0
30
2
9272.1
92009
Amusementshallen
0
0
30C
0
30
2
9272.4
93299
Modelvliegtuig-velden
10
0
300
100
300
4.2
93
93
-
93
96
-
OVERIGE DIENSTVERLENING
9301.1
96011
A
Wasserijen en strijkinrichtingen
30
0
50C
30
50
3.1
9301.1
96011
B
Tapijtreinigingsbedrijven
30
0
50
30
50
3.1
9301.2
96012
Chemische wasserijen en ververijen
30
0
30
30R
30
2
9301.3
96013
A
Wasverzendinrichtingen
0
0
30
0
30
2
9301.3
96013
B
Wasserettes, wassalons
0
0
10
0
10
1
SBI-1993
SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
CATEGORIE
-
-
nummer
GEUR
STOF
GELUID
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
9302
9602
Kappersbedrijven en schoonheidsinstituten
0
0
10
0
10
1
9303
9603
0
Begrafenisondernemingen:
9303
9603
1
-uitvaartcentra
0
0
10
0
10
1
9303
96031
2
-begraafplaatsen
0
0
10
0
10
1
9303
96032
3
-crematoria
100
10
30
10
100
3.2
9304
9313, 9604
Fitnesscentra, badhuizen en sauna-baden
10
0
30C
0
30
2
9305
9609
A
Dierenasiels en -pensions
30
0
100C
0
100
3.2
9305
9609
B
Persoonlijke dienstverlening n.e.g.
0
0
10C
0
10D
1
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
1G
1
B
L
1G
1
B
L
1G
1
B
L
1G
1
B
L
1G
1
B
1G
1
B
1G
1
B
1G
1G
1
1G
1
1G
1
1G
1
1G
1
1G
1
1G
1
1G
1
1G
1
1G
1
1G
1
1G
1
1G
1
1G
1
1G
1
2G
1
1G
1
2G
1
1G
1
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
1G
1
1G
1
2G
2
1G
1
1G
1
1G
1
2G
2
1G
2
B
L
1G
1
B
1G
1
B
2G
1
2G
2
2G
1
B
3G
3
2G
1
2G
2
2G
2
2G
2
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
1G
1
1G
1
1G
1
2G
1
2G
2
2G
2
1G
2
2G
2
1G
1
1G
1
2G
2
1G
1
1G
1
2G
2
2G
2
2G
2
2G
2
3G
2
B
3G
3
B
3G
2
B
3G
3
B
3G
2
3G
3
B
3G
2
3G
2
2G
1
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
3G
2
3G
2
2G
2
1G
1
2G
2
2G
2
2G
2
1G
2
2G
3
3G
3
3G
3
2G
2
3G
3
3G
3
3G
3
2G
2
1G
1
2G
2
2G
2
2G
2
B
3G
3
B
2G
3
2G
2
1G
1
2G
2
2G
2
1G
1
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
2G
2
2G
1
2G
1
2G
1
2G
2
2G
2
2G
2
2G
2
2G
2
2G
2
1G
2
2G
3
B
1G
1
2G
2
2G
2
3G
2
2G
1
2G
1
2G
1
3G
2
2G
2
B
1G
1
2G
2
B
L
1G
2
1G
1
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
2G
2
1G
1
B
L
2G
2
B
L
2G
2
2G
1
2G
2
2G
2
B
L
2G
1
B
3G
2
B
2G
2
1G
1
1G
1
3G
2
1G
2
2G
2
3G
2
2G
2
2G
2
2G
2
1P
1
3G
2
B
L
3G
2
B
1P
1
B
1G
1
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
2G
1
2G
1
B
2G
1
B
1G
1
2G
3
B
L
3G
3
B
L
2G
2
B
L
2G
2
B
L
2G
2
B
L
1G
2
B
3G
3
3G
3
L
3G
3
L
3G
3
B
L
2G
3
B
L
3G
3
B
L
2G
3
B
L
2G
2
B
L
2G
2
B
3G
3
B
2G
2
B
L
3G
3
B
L
3G
3
B
L
3G
3
B
L
3G
3
B
L
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
2G
2
B
3G
2
B
L
1G
2
B
L
2G
2
B
L
2G
1
B
L
2G
1
3G
2
B
2G
2
1G
2
B
3G
2
B
L
3G
2
B
3G
2
B
L
3G
2
B
2G
2
B
L
3G
3
B
L
2G
2
B
1G
1
2G
2
B
1G
2
2G
2
2G
2
B
L
2G
1
1G
1
L
2G
2
L
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
1G
1
L
2G
2
L
1G
1
1G
1
L
2G
2
L
2G
2
L
2G
2
2G
2
3G
3
B
2G
2
3G
3
2G
2
3G
3
B
2G
2
B
2G
2
B
3G
3
B
2G
2
3G
3
2G
2
3G
2
3G
3
2G
2
3G
2
B
1G
2
1G
1
1G
2
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
2G
3
1G
2
3G
2
B
L
3G
3
B
L
2G
2
2G
2
2G
2
3G
2
B
L
3G
2
B
L
2G
2
B
3G
3
B
L
2G
2
B
3G
2
B
2G
2
3G
3
B
1G
2
B
2G
3
B
2G
2
B
3G
3
B
1G
2
B
2G
3
B
L
1G
2
B
2G
3
B
L
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
2G
2
B
1G
1
2G
2
B
3G
3
B
2G
2
B
3G
3
B
2G
2
B
1G
2
B
2G
2
B
1G
2
B
2G
2
B
L
2G
2
B
L
1G
2
B
2G
2
B
L
2G
2
B
L
2G
2
B
L
2G
2
B
L
2G
2
B
2G
2
B
2G
2
B
1G
1
B
L
2G
2
B
1G
2
B
1G
2
B
2G
2
B
3G
3
B
2G
2
B
1G
2
B
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
2G
1
B
3G
2
B
3G
2
B
1G
1
1G
2
B
L
1G
2
B
L
2G
2
L
2G
2
B
L
2G
2
B
L
1G
1
2G
3
B
L
2G
1
B
1G
2
B
1G
1
3G
2
B
3G
2
B
L
2G
2
B
2G
2
B
2G
2
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
2G
1
B
2G
1
B
2G
2
B
2G
3
B
2G
3
B
2G
2
B
2G
2
B
2G
2
B
2G
2
B
2G
2
B
2G
2
B
2G
2
B
1P
1
1G
1
B
2G
2
2G
2
2G
2
1P
1
2G
2
2G
3
B
2G
2
3G
3
2G
2
3G
2
B
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
2G
3
B
L
2G
3
B
L
1G
3
1P
3
1G
2
2G
1
L
2G
1
L
1P
1
B
1P
1
B
1P
2
B
1P
2
B
1P
2
B
1P
1
1P
2
1P
1
1P
1
1P
1
1P
2
1P
1
1P
2
1P
2
1P
3
1G
2
L
1G
2
1P
1
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
1P
1
1P
2
2G
2
B
2G
1
B
2G
1
B
1G
1
B
2P
1
B
2G
1
1G
1
1G
1
1G
1
B
L
3P
1
1P
1
3P
1
B
3P
1
B
3P
1
B
1P
1
2G
2
2G
2
2G
1
2G
1
2G
1
2G
1
2G
1
2G
1
2G
1
2G
1
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
2G
1
2G
1
2G
1
2G
1
2G
1
2G
1
2G
1
2G
1
2P
2
3G
3
B
2G
2
B
L
2G
2
B
L
2G
2
2G
2
B
3G
3
B
3G
3
B
2G
2
2G
2
1G
1
2G
2
1G
1
2G
2
1G
1
2G
2
B
1G
1
2G
2
2G
2
B
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
2G
2
B
2G
2
B
2G
2
B
2G
2
2G
1
2G
1
1P
1
2P
1
1P
1
1P
1
1P
1
3P
1
1P
1
2G
1
1P
1
2P
1
2P
1
2P
1
2P
1
2P
1
1P
1
1G/P
1
3P
2
3G
2
2P
2
2P
1
2G
1
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
3G
1
2G
1
1P
1
B
2P
1
3G
3
3G
3
B
3G
3
B
3G
3
3G
3
B
2G
3
B
L
1G
2
B
2G
2
1G
2
B
2G
2
B
2G
2
B
3G
3
B
2G
2
3G
3
2G
2
B
3G
3
B
2G
3
B
L
2G
2
2G
1
3P
1
L
2G
1
2P
1
3P
3
B
L
1P
2
1P
1
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
1P
1
2P
1
1P
1
1P
2
1P
2
1P
2
1P
1
1P
1
2P
1
2G
1
2G
1
B
2G
2
1P
1
1P
1
1P
1
1P
1
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
2P
1
1P
1
B
2G
1
B
3G
2
2P
1
2P
1
3G
1
B
1G
1
1P
1
2P
1
3P
2
2P
1
1P
1
1P
1
2P
1
2G
1
2G
1
3G
2
1P
1
2G
1
2G
1
B
3G
3
B
3G
3
1G
1
B
L
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
1G
1
1G
2
L
1G
2
B
L
3G
3
B
L
1G
1
B
L
3G
3
B
2G
2
B
2G
2
B
2G
2
B
3G
2
B
3G
1
B
L
1P
1
2P
1
2P
1
1P
1
2G
1
3P
1
3P
1
3P
3
2P
1
2P
1
2P
1
3P
1
1P
1
3P
1
3P
1
2P
1
2P
1
2P
1
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
3P
2
2P
1
2P
2
2P
2
2P
1
2P
2
2P
1
1P
1
1P
1
1P
1
2P
1
L
1P
1
2P
1
2P
1
1P
1
2P
1
2P
1
2P
1
2P
1
B
2P
1
B
3P
1
B
3P
1
B
2P
1
3P
1
B
3P
1
2P
1
1P
1
2G
1
2G
1
L
2G
1
B
L
1G
1
1P
1
INDICES
VERKEER
VISUEEL
BODEM
LUCHT
1P
1
2P
1
2P
1
2P
2
L
1P
1
1P
1
1P
1
BIJLAGE 2 Begrippen
(geur) Contour
Contouren zijn lijnen die punten met eenzelfde geurbelasting met elkaar verbinden. Geurcontouren worden gekarakteriseerd door een geurconcentratie en een percentiel-waarde. Alle punten die exact aan die waarde voldoen, zijn verbonden door een lijn. Binnen de contour is de geurbelasting hoger dan de contour waarde, daarbuiten is de geurbelasting lager (Infomil)
Odour unit
European odour unit (of Europese geureenheid)( OUE ): eenheid voor geur als bedoeld in de Handleiding geur en de NTA 9065
Hedonische waarde (H)
De waardering van een geur die aangegeven wordt op een schaal van extreem aangenaam tot extreem onaangenaam.
Hierbij wordt de volgende schaal gebruikt:
+4 extreem aangenaam
+3
+2
+1
0neutraal
-1
-2
-3
-4 extreem onaangenaam
Het meest relevante gebied is tussen H = 0 en H = -3.
De verschillen in geurconcentratie bij gelijke hedonische waarde geven de verschillen aan tussen geuren. Bijvoorbeeld: bij een gelijke hedonische waarde van –2 is de geurconcentratie van een destructor vele malen lager dan die van een bakkerij.
NTA
Nederlandse Technische Afspraak
Percentiel
Procentuele deel van de uren van het jaar waarbij, in dit geval, een bepaalde geurconcentratie niet wordt overschreden. In deze handleiding wordt veelal gesproken over een geurcontour van x geureenheden als 98-percentielwaarde, hetgeen betekent dat binnen het contourgebied sprake zal zijn van meer dan 2% van de uren van het jaar een geurconcentratie van x geureenheden op zal treden. En buiten deze contour minder dan 2.
Vergunde geurcontour
De geurcontour die de maximaal toegestane geurbelasting aangeeft, zoals vastgelegd middels de vigerende omgevingsvergunning of middels de vigerende maatwerkvoorschriften. Deze is het resultaat van een uitgebreid afwegingsproces (waarvan de BBT-toets onderdeel uitmaakt). De in de vergunning of in de maatwerkvoorschriften vastgelegde geurcontour geeft daarmee het voor die situatie bepaalde acceptabele hinderniveau aan.