Uitspraak · Vreemdelingenrecht
Raad van State, 21 oktober 2026
ECLI:NL:RVS:2026:6152Zaaknummer BRS.26.005292
- Instantie
- Raad van State
- Datum uitspraak
- 21 oktober 2026
- Publicatiedatum
- 28 oktober 2026
- Zaaknummer
- BRS.26.005292
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Voorlopige voorziening
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 1 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan verzoeker verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd ingetrokken.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. B.P. Vermeulen, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. T. van der Meer-Maarsen, griffier.
w.g. Vermeulen
voorzieningenrechter
w.g. Van der Meer-Maarsen
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 21 oktober 2026
1088
Volledige tekst
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende het hoger beroep van onder meer:
[verzoeker],
verzoeker,
tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Roermond, van 10 september 2026 in zaak nr. NL24.33542 in het geding tussen:
verzoeker
en
de minister van Asiel en Migratie.
Procesverloop
Bij besluit van 1 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan verzoeker verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd ingetrokken.
Bij besluit van 30 juli 2024 heeft de staatssecretaris het daartegen door verzoeker gemaakte bezwaar opnieuw ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 10 september 2026 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de rechtsgevolgen daarvan in stand blijven.
Tegen deze uitspraak hebben de minister en verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft verzoeker de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1. Uit het verzoek blijkt niet van een spoedeisend belang voor het treffen van een voorlopige voorziening.
2. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. B.P. Vermeulen, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. T. van der Meer-Maarsen, griffier.
w.g. Vermeulen
voorzieningenrechter
w.g. Van der Meer-Maarsen
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 21 oktober 2026
1088
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.