Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Raad van State, 6 oktober 2025

ECLI:NL:RVS:2025:4768Zaaknummer 202504742/1/V3

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
6 oktober 2025
Publicatiedatum
8 oktober 2025
Zaaknummer
202504742/1/V3
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Herziening
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Bij brief van 25 augustus 2025 heeft verzoeker de Afdeling verzocht om de uitspraak van 12 augustus 2025 te herzien.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. H.G. Sevenster, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J.R. Kraak, griffier.

w.g. Sevenster

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Kraak

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 6 oktober 2025

1020

Volledige tekst

202504742/1/V3.

Datum uitspraak: 6 oktober 2025

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het verzoek van:

[verzoeker],

verzoeker,

om herziening (artikel 8:119 van de Algemene wet bestuursrecht; hierna: de Awb) van de uitspraak van de Afdeling van 12 augustus 2025, in zaak nr. 202306165/1/V3, ECLI:NL:RVS:2025:3794.

Procesverloop

Bij brief van 25 augustus 2025 heeft verzoeker de Afdeling verzocht om de uitspraak van 12 augustus 2025 te herzien.

Overwegingen

1. De Afdeling kan onder omstandigheden een onherroepelijk geworden uitspraak herzien op grond van nieuwe feiten en omstandigheden (artikel 8:119, eerste lid, van de Awb). Dat kan alleen maar als er feiten of omstandigheden zijn van vóór de uitspraak, waar een verzoeker pas ná de uitspraak achter is gekomen. En dan hadden die omstandigheden ook nog tot een andere uitspraak moeten kunnen leiden, als de Afdeling er op tijd van had geweten. De redenen die verzoeker geeft in het herzieningsverzoek zijn niet zulke feiten of omstandigheden.

1.1. Verzoeker vraagt namelijk om herziening op basis van stukken die hij vóór de uitspraak al voorhanden had, maar in de hogerberoepsprocedure niet heeft overgelegd.

2. De Afdeling wijst het verzoek om herziening alleen al daarom af. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. H.G. Sevenster, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J.R. Kraak, griffier.

w.g. Sevenster

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Kraak

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 6 oktober 2025

1020

Wetsartikelen in deze uitspraak

Deze uitspraak verwijst naar

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.