Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 4 april 2023
ECLI:NL:RBZWB:2023:9664Zaaknummer 408264 JERK 23-601
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 4 april 2023
- Publicatiedatum
- 15 mei 2025
- Zaaknummer
- 408264 JERK 23-601
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Rekestprocedure, Beschikking
- Zittingsplaats
- Breda
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Spoedverzoek - voorlopige ondertoezichtstelling voor twee weken – minderjarige bevindt zich in zeer onveilige situatie vanwege huiselijk geweld tussen de moeder en de stiefvader.
De beslissing
De kinderrechter:
stelt [minderjarige 1] voorlopig onder toezicht van de Stichting Jeugdbescherming Brabant, locatie Etten-Leur met ingang van 4 april 2023 tot 18 april 2023 en houdt de rest van het verzoek aan;
bepaalt dat de Raad, [minderjarige 1], de moeder, de stiefvader en de GI worden gehoord tijdens de mondelinge behandeling van de kinderrechter in deze rechtbank van 14 april 2023 te 11.50 uur, welke behandeling wordt gehouden in het gerechtsgebouw aan de Stationslaan 10 te Breda;
bepaalt dat een afschrift van deze beschikking geldt als een oproeping voor de Raad, de moeder, de stiefvader en de GI om de voormelde mondelinge behandeling bij te wonen;
bepaalt dat de griffier [minderjarige 1] apart zal oproepen om op voormelde dag en tijdstip door de kinderrechter te worden gehoord;
behoudt zich iedere verdere beslissing voor.
Deze beslissing is mondeling gegeven op 4 april 2023 door mr. Bogaert, kinderrechter. De schriftelijke uitwerking van deze beslissing is vastgesteld op 5 april 2023, door mr. Bogaert, in tegenwoordigheid van mr. Vos, als griffier.
Voor zover deze beslissing betrekking heeft op de machtiging tot uithuisplaatsing kan hoger beroep worden ingesteld:
- door de verzoekers en de belanghebbende(n) aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van het gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/408264 JERK 23-601
Datum uitspraak: 4 april 2023
Beschikking van de kinderrechter over een voorlopige ondertoezichtstelling
in de zaak van
RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING, REGIO ZUIDWEST NEDERLAND,
locatie Breda,
hierna te noemen: de Raad,
betreffende
[minderjarige 1],
hierna te noemen: [minderjarige 1],
geboren op [geboortedag] 2010 te [plaats].
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:
[de moeder],
hierna te noemen de moeder,
wonende te [plaats],
[de stiefvader],
hierna te noemen: de stiefvader,
wonende te [plaats].
De kinderrechter merkt als informant aan:
STICHTING JEUGDBESCHERMING BRABANT,
locatie Etten-Leur, hierna te noemen: de gecertificeerde instelling (de GI).
Het procesverloop
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het mondelinge verzoek van de Raad van 4 april 2023;
- de schriftelijk bevestiging van het mondelinge verzoek van de Raad alsmede een
aanvulling daarop, ingekomen bij de griffie op 5 april 2023.
De feiten
Het ouderlijk gezag over [minderjarige 1] wordt uitgeoefend door de moeder.
De (stief)vader is niet de biologische vader van [minderjarige 1].
[minderjarige 1] woont bij de moeder en de (stief)vader. Het gezin bestaat verder uit de minderjarigen [minderjarige 2] en [minderjarige 3] over wie de moeder en de (stief)vader gezamenlijk het gezag uitoefenen. De (stief)vader is niet de biologische vader van [minderjarige 2], wel die van [minderjarige 3].
Het verzoek
De Raad heeft de voorlopige ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] verzocht voor de duur van drie maanden.
De Raad heeft ten aanzien van [minderjarige 2] en [minderjarige 3] verzocht om een voorlopige ondertoezichtstelling voor een periode van drie maanden alsmede om een machtiging om [minderjarige 2] en [minderjarige 3] uit huis te plaatsen bij de andere ouder met gezag (te weten de moeder). Die verzoeken zijn bekend onder zaaknummer (C/02/408261/ JE RK 23-599). In die zaak is bij separate beschikking beslist.
De beoordeling
Op grond van de mondelinge toelichting en de informatie zoals weergegeven in het verzoek, komt de kinderrechter tot het oordeel dat er een ernstig vermoeden bestaat dat de grond voor een ondertoezichtstelling is vervuld (artikel 1:255 Burgerlijk Wetboek). Een voorlopige ondertoezichtstelling is noodzakelijk om een acute en ernstige bedreiging voor [minderjarige 1] weg te nemen. De kinderrechter neemt daarbij in aanmerking dat [minderjarige 1] zich in een zeer onveilige situatie bevindt vanwege huiselijk geweld tussen de moeder en de stiefvader. Zij zijn verwikkeld in een echtscheiding, maar wonen nog samen. Er ontstaan continue ruzies met verbaal en fysiek geweld tussen de moeder en de stiefvader, waarvan [minderjarige 1] oor- en ooggetuige is. Deze escalaties gebeuren meerdere keren per week. De spanningen lopen zo hoog op dat [minderjarige 1] al meerdere keren ziek gemeld is van school. Veilig Thuis is bij het gezin betrokken en ziet dat er sprake is van veelvuldige en in hevigheid toenemende meldingen van huiselijk geweld. Evenals Veilig Thuis en de Raad maakt de kinderrechter zich zorgen over de thuissituatie van het gezin. Hoewel er veiligheidsafspraken zijn gemaakt is de onveiligheid voor [minderjarige 1], maar ook voor [minderjarige 2] en [minderjarige 3] toegenomen. Omdat het samenwonen van de moeder en de stiefvader geen optie is, zullen de moeder samen met [minderjarige 1], [minderjarige 2] en [minderjarige 3] tijdelijk bij oma (mz) gaan wonen.
De kinderrechter zal, gelet op het voorgaande, [minderjarige 1] voorlopig onder toezicht stellen van de GI, vooralsnog voor een termijn van twee weken, te weten met ingang van 4 april 2023 tot 18 april 2023, onder aanhouding van het resterende deel van het verzoek.
Een verdere beslissing op het resterende verzoek zal de kinderrechter pas nemen nadat de mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden. De Raad, [minderjarige 1], de moeder, de stiefvader en de GI worden dan in de gelegenheid gesteld om hun mening te geven tijdens de hierna te noemen mondelinge behandeling.
De beslissing
De kinderrechter:
stelt [minderjarige 1] voorlopig onder toezicht van de Stichting Jeugdbescherming Brabant, locatie Etten-Leur met ingang van 4 april 2023 tot 18 april 2023 en houdt de rest van het verzoek aan;
bepaalt dat de Raad, [minderjarige 1], de moeder, de stiefvader en de GI worden gehoord tijdens de mondelinge behandeling van de kinderrechter in deze rechtbank van 14 april 2023 te 11.50 uur, welke behandeling wordt gehouden in het gerechtsgebouw aan de Stationslaan 10 te Breda;
bepaalt dat een afschrift van deze beschikking geldt als een oproeping voor de Raad, de moeder, de stiefvader en de GI om de voormelde mondelinge behandeling bij te wonen;
bepaalt dat de griffier [minderjarige 1] apart zal oproepen om op voormelde dag en tijdstip door de kinderrechter te worden gehoord;
behoudt zich iedere verdere beslissing voor.
Deze beslissing is mondeling gegeven op 4 april 2023 door mr. Bogaert, kinderrechter. De schriftelijke uitwerking van deze beslissing is vastgesteld op 5 april 2023, door mr. Bogaert, in tegenwoordigheid van mr. Vos, als griffier.
Voor zover deze beslissing betrekking heeft op de machtiging tot uithuisplaatsing kan hoger beroep worden ingesteld:
- door de verzoekers en de belanghebbende(n) aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van het gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.