Uitspraak · Socialezekerheidsrecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 13 december 2021
ECLI:NL:RBZWB:2021:6357Zaaknummer AWB- 21_5215 VV
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 13 december 2021
- Publicatiedatum
- 31 december 2021
- Zaaknummer
- AWB- 21_5215 VV
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Bestuursprocesrecht, Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Voorlopige voorziening
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Afwijzen aanvraag Tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. C.E.M. Marsé, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.J.M. van Hees, griffier, op 13 december 2021 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
griffier voorzieningenrechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 21/5215 PW VV
uitspraak van 13 december 2021 van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam verzoeker], te [woonplaats verzoeker], verzoeker,
gemachtigde: mr. M. Ouwerkerk,
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gilze en Rijen, verweerder.
Procesverloop
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 19 oktober 2021 van het college (bestreden besluit) inzake de afwijzing van zijn aanvraag om een Tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten (Tonk). Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is een zitting achterwege gebleven.
Overwegingen
1. Op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Awb kan de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd is of kan worden in de hoofdzaak, op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.
De voorzieningenrechter stelt voorop dat de voorlopige voorzieningenprocedure is bedoeld om in afwachting van de uitkomst van een bezwaar- of beroepsprocedure een voorlopige maatregel te treffen. Daarom speelt bij de beoordeling van een verzoek om voorlopige voorziening de spoedeisendheid een belangrijke rol en zal het verzoek moeten vallen binnen de reikwijdte van het bestreden besluit.
2. De griffier heeft bij brief van 1 december 2021 aan verzoeker gevraagd om toe te lichten in hoeverre zijn verzoek valt binnen de reikwijdte van het bestreden besluit. Bij brief van 8 december 2021 heeft verzoeker een nadere toelichting gegeven.
3. Een verzoek om voorlopige voorziening zal, als dit wordt toegewezen, in beginsel worden toegewezen met ingang van de dag waarop het verzoekschrift is ingediend. De voorzieningenrechter stelt vast dat het bestreden besluit betrekking heeft op een afgesloten periode in het verleden. Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening is pas na afloop van deze periode ontvangen. Nu de periode al is verstreken voor ontvangst van het verzoekschrift kan er in beginsel, gelet op het hiervoor genoemde uitgangspunt, geen voorlopige voorziening worden getroffen. Er zijn geen bijzondere omstandigheden gebleken die aanleiding geven om van het hiervoor genoemde uitgangspunt af te wijken.
De voorzieningenrechter is verder van oordeel dat het verzoek tot verstrekken van maandelijkse voorschotten op een eventueel te ontvangen nabetaling buiten de reikwijdte van het bestreden besluit valt. Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening zal daarom worden afgewezen.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. C.E.M. Marsé, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.J.M. van Hees, griffier, op 13 december 2021 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
griffier voorzieningenrechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.