Uitspraak · Bestuursrecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 16 november 2020
ECLI:NL:RBZWB:2020:5629Zaaknummer AWB- 20_8204 VV
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 16 november 2020
- Publicatiedatum
- 12 februari 2021
- Zaaknummer
- AWB- 20_8204 VV
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Voorlopige voorziening
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
PKV
Beslissing
De voorzieningenrechter:
- veroordeelt het college in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 525,-;
- draagt het college op het betaalde griffierecht van € 48,- aan verzoekster te vergoeden.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.L. Sierkstra, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. P. Oudkerk, griffier, op 16 november 2020 en is openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
griffier* voorzieningenrechter
De griffier is niet in de gelegenheid deze uitspraak mee te ondertekenen.
Afschrift verzonden aan partijen op:
Als u het niet eens bent met deze uitspraak
Tegen deze uitspraak is geen (hoger) beroep mogelijk.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 20/8204 PW VV
uitspraak van 16 november 2020 van de voorzieningenrechter op het verzoek om veroordeling in de proceskosten in de zaak tussen
[naam verzoekster], te [woonplaats verzoekster], verzoekster,
gemachtigde: mr. L.A.M. van der Geld,
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg, verweerder.
Procesverloop
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van 27 augustus 2020 (bestreden besluit) van verweerder over de verlaging van haar uitkering op grond van de Participatiewet. Zij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
In een besluit van 1 oktober 2020 heeft het college op het bezwaar beslist, het bezwaar gegrond verklaard en afgezien van de verlaging van de uitkering.
Vervolgens heeft verzoekster het verzoek om voorlopige voorziening ingetrokken, met het verzoek het college te veroordelen in de proceskosten. Het college heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid hierop te reageren.
De voorzieningenrechter heeft, met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), een behandeling van het verzoek ter zitting achterwege gelaten.
Overwegingen
1. Op grond van artikel 8:75a, eerste lid, van de Awb in samenhang bezien met artikel 8:84, vijfde lid, van de Awb, kan de voorzieningenrechter een bestuursorgaan veroordelen in de proceskosten, indien het verzoek om voorlopige voorziening wordt ingetrokken omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het verzoekschrift tegemoet is gekomen.
2. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter blijkt uit het besluit van 1 oktober 2020 dat het college aan verzoekster tegemoet is gekomen. Hierin ziet de voorzieningenrechter aanleiding om verweerder te veroordelen in de door verzoekster gemaakte proceskosten. Die kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht vast op € 525,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift, met een waarde per punt van € 525, en wegingsfactor 1). Tevens zal de voorzieningenrechter het college opdragen het door verzoekster betaalde griffierecht aan haar te vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter:
- veroordeelt het college in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 525,-;
- draagt het college op het betaalde griffierecht van € 48,- aan verzoekster te vergoeden.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.L. Sierkstra, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. P. Oudkerk, griffier, op 16 november 2020 en is openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
griffier* voorzieningenrechter
De griffier is niet in de gelegenheid deze uitspraak mee te ondertekenen.
Afschrift verzonden aan partijen op:
Als u het niet eens bent met deze uitspraak
Tegen deze uitspraak is geen (hoger) beroep mogelijk.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.