Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Utrecht, 25 augustus 2011
ECLI:NL:RBUTR:2011:BR5878Zaaknummer FT-RK 11.1028
- Instantie
- Rechtbank Utrecht
- Datum uitspraak
- 25 augustus 2011
- Publicatiedatum
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- FT-RK 11.1028
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Faillissementsrecht. Verzoek voorlopige voorziening art. 287 lid 4 Fw afgewezen: de kans op toelating wsnp is klein, nu de verzoekster heeft verklaard geen jaarcijfers of andere administratie van haar onderneming te kunnen overleggen. Keer ten goede niet aannemelijk, aangezien nog schulden ontstaan nadat de onderneming is beeindigd. Ook staat spoedeisend karakter niet vast, aangezien de deurwaarder heeft aangegeven beslag te leggen op de inboedel, en op dit moment van verkoop nog geen sprake is.
De rechtbank
- wijs het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.M. Dijksterhuis en in het openbaar uitgesproken op
25 augustus 2011.
Volledige tekst
RECHTBANK UTRECHT
Sector handels- en familierecht
zaaknummer: FT-RK 11.1028
uitspraakdatum: 25 augustus 2011
voorlopige voorziening
enkelvoudige kamer
in de zaak van
[verzoekster],
geboren [geboortedatum] 1982 te [geboorteplaats],
wonende [adres] te [woonplaats],
voorheen h.o.d.n. CLUB DIAMONDS, voorheen gevestigd Neuweg 3, 1211 LV te Hilversum, ingeschreven bij de Kamer van Koophandel voor Gooi-, Eem- en Flevoland onder dossiernummer 32127498,
hierna: de verzoekster,
is door de verzoekster tegelijk met het verzoek tot toepassing tot de schuldsaneringsregeling een verzoek ingediend tot het geven van een voorlopige voorziening bij voorraad.
De gevraagde voorziening houdt het volgende in.
- een verbod aan Nedland Gerechtsdeurwaarders & Incasso te Maarssen (hierna: Nedland) om tot beslaglegging over te gaan op de inboedel van de verzoekster op haar woonadres.
De verzoekster heeft aangevoerd dat de gevraagde voorziening bij voorraad noodzakelijk is omdat de beslaglegging op haar inboedel door Nedland haar aanvraag tot toelating tot de schuldsaneringsregeling zal frustreren, en de verkoop van haar inboedel door Nedland haar andere schuldeisers zal benadelen.
De rechtbank acht op voorhand de kans dat de verzoekster tot de schuldsanerings¬regeling zal worden toegelaten klein. Een groot deel van de schulden van de verzoekster is ontstaan doordat zij een onderneming heeft gedreven. De verzoekster heeft verklaard dat zij van deze onderneming geen administratie of cijfers kan overleggen. Zij voldoet daarmee niet aan haar wettelijke verplichting, en kan de goede trouw van deze schulden dan ook vooralsnog niet aannemelijk maken. Ook blijkt niet dat de verzoekster de omstandigheden die bepalend waren voor het ontstaan van de schulden voldoende onder controle heeft gekregen, nu er ook na de datum van beëindiging nog schulden zijn ontstaan.
Daarnaast heeft Nedland alleen aangegeven over te willen gaan tot beslaglegging. Uit de stukken zoals bijgevoegd bij dit verzoek blijkt niet dat er zal worden overgegaan tot executoriale verkoop. Om deze reden staat het spoedeisende karakter van de gevraagde voorziening niet vast.
De gevraagde voorziening zal dan ook worden geweigerd.
Op het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling zal bij afzonderlijk vonnis worden beslist.
Dit leidt tot de volgende beslissing.
Beslissing
De rechtbank
- wijs het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.M. Dijksterhuis en in het openbaar uitgesproken op
25 augustus 2011.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.