Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank 's-Gravenhage, 14 februari 2002

ECLI:NL:RBSGR:2002:AE4571Zaaknummer AWB 02/6995 VRONTN

Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Datum uitspraak
14 februari 2002
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
AWB 02/6995 VRONTN
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Schadevergoedingsuitspraak
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Bewaring / schadevergoeding. De vreemdeling heeft tien dagen in bewaring gezeten in het Huis van Bewaring te Middelburg. Bij uitspraak van eerdere datum heeft de rechtbank de bewaring onrechtmatig bevonden. De rechtbank heeft in die uitspraak geoordeeld dat in beginsel gronden aanwezig zijn om schadevergoeding toe te kennen. De hoogte van de schadevergoeding wordt bij afzonderlijke uitspraak bepaald. Nu uit nader onderzoek is gebleken dat het gedeelte van het Huis van Bewaring te Middelburg waar de vreemdeling de vrijheidsbenemende maatregel heeft ondergaan een politiecelregime kent, komt aan de vreemdeling in beginsel een schadevergoeding van € 95 per dag toe.

De Rechtbank 's-Gravenhage:

RECHT DOENDE:

wijst het verzoek om schadevergoeding toe en kent aan de vreemdelingvreemdeling een schadevergoeding toe, groot € 427,50,- ten laste van de Staat der Nederlanden, te betalen door de griffier van de rechtbank;

Aldus gegeven door mr. M.J.M. Marseille, rechter, en door deze en mr. C.Y. de Lange, griffier, ondertekend en in het openbaar uitgesproken op 14 februari, in tegenwoordigheid van de griffier.

De griffier, De rechter,

Afschrift verzonden op:

RECHTSMIDDEL

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING
  2. II. OVERWEGINGEN
  3. III. BESLISSING

RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE

sector bestuursrecht

vreemdelingenkamer, enkelvoudig

bewaring

zitting houdende te Dordrecht

__________________________________________________

UITSPRAAK

__________________________________________________

Reg.nr: AWB 02 /6995 VRONTN

Inzake: A, hierna te noemen de vreemdeling,

gemachtigde mr. H. Klein Hesselink, advocaat te Terneuzen,

tegen: de Staatssecretaris van Justitie, verweerder,

gemachtigde mr. S. Gobardhan, ambtenaar ten departemente.

I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING

1. De vreemdeling heeft gesteld de Egyptische nationaliteit te hebben. Op 23 juli 2002 heeft verweerder de vreemdeling in bewaring gesteld.

2. Op 25 januari 2002 is de rechtbank in kennis gesteld van de vrijheidsontneming, door middel van een kennisgeving van verweerder ex artikel 94, eerste lid, Vreemdelingenwet2000 (Vw2000).

3. Openbare behandeling van het beroep heeft plaatsgevonden op 1 februari 2002. Ter zitting isis verschenen de vreemdeling in persoon, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich doen vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

II. OVERWEGINGEN

1. Bij uitspraak van 1 februari 2002 heeft de rechtbank uitspraak gedaan ten aanzien van de rechtmatigheid van de aan eiser opgelegde maatregel. De rechtbank heeft geoordeeld dat de inbewaringstelling onrechtmatig is en heeft de opheffing van de maatregel tot vrijheidsontneming bevolen. De rechtbank heeft voorts geoordeeld dat in beginsel gronden aanwezig zijn om schadevergoeding toe te kennen. De rechtbank heeft tenslotte geoordeeld dat de hoogte van de schadevergoeding bij afzonderlijke uitspraak zal worden bepaald.

2. Eiser en verweerder zijn in de gelegenheid gesteld zich nader uit te laten over de door eiser ter zitting geponeerde stelling dat het gedeelte van het Huis van Bewaring te Middelburg waar eiser de vrijheidsontnemende maatregel heeft ondergaan een politiecelregime kent. Verweerder heeft deze stelling beaamd zodat dit niet langer in geschil is.

3. Namens de vreemdeling is verzocht om schadevergoeding „volgens het gebruikelijke tarief“. Gelet op de feiten en omstandigheden in dit geval ziet de rechtbank aanleiding de schadevergoeding te matigen tot 50%. De rechtbank heeft daarbij mede in aanmerking genomen dat de mogelijkheid van een vormloze overdracht aan België niet primair strekt tot rechtsbescherming van de vreemdeling doch tot vastlegging van de wederzijdse verplichtingen van de overeenkomstsluitende staten. Voorts heeft de vreemdeling in strijd met de Nederlandse vreemdelingenwetgeving gehandeld, zodat hij het risico liep dat hij in bewaring zou worden gesteld. De rechtbank bepaalt de schadevergoeding mitsdien op een bedrag van € 427,50 uitgaande van 10 dagen bewaring, doorgebracht in het Huis van Bewaring te Middelburg onder een politiecelregime, (á 50% van € 95,00 per dag), met inachtname van de omstandigheid dat de dag van opheffing niet meetelt.

III. BESLISSING

De Rechtbank 's-Gravenhage:

RECHT DOENDE:

wijst het verzoek om schadevergoeding toe en kent aan de vreemdelingvreemdeling een schadevergoeding toe, groot € 427,50,- ten laste van de Staat der Nederlanden, te betalen door de griffier van de rechtbank;

Aldus gegeven door mr. M.J.M. Marseille, rechter, en door deze en mr. C.Y. de Lange, griffier, ondertekend en in het openbaar uitgesproken op 14 februari, in tegenwoordigheid van de griffier.

De griffier, De rechter,

Afschrift verzonden op:

RECHTSMIDDEL

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.