Uitspraak · Civiel recht
Rechtbank Rotterdam, 28 juli 2026
ECLI:NL:RBROT:2026:9493Zaaknummer C/10/721705 / KG ZA 26-611
- Instantie
- Rechtbank Rotterdam
- Datum uitspraak
- 28 juli 2026
- Publicatiedatum
- 13 augustus 2026
- Zaaknummer
- C/10/721705 / KG ZA 26-611
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Kort geding
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Kort geding. Ontruiming (krakers). Verstek. Toewijzing.
3 De beslissing
De voorzieningenrechter
veroordeelt de krakers om de onroerende zaak staande en gelegen aan [adres] ( [postcode]) te [plaats], uiterlijk binnen zeven na betekening van dit vonnis, met alle zich daarin of daarop bevindende personen en zaken, voor zover die niet het eigendom van de gemeente Rotterdam zijn, te verlaten en te ontruimen, ter vrij en algehele beschikking van de gemeente te stellen en ontruimd en verlaten te houden,
bepaalt dat op grond van artikel 557a lid 3 Rv de veroordeling onder 3.1. tot een jaar na vandaag ook ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die zich ten tijde van de tenuitvoerlegging daar bevindt, of daar binnentreedt en telkens wanneer dat zich voordoet,
veroordeelt de krakers in de proceskosten van € 1.835,94, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening voor het geval het vonnis wordt betekend,
veroordeelt de krakers tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn voldaan,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
| Dit vonnis is gewezen door mr. C. Sikkel en in het openbaar uitgesproken op 28 juli 2026. [3894/1573] |
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
Team handel en haven
Zaaknummer: C/10/721705 / KG ZA 26-611
Vonnis in kort geding van 28 juli 2026
in de zaak van
GEMEENTE ROTTERDAM,
gevestigd in Rotterdam,
eisende partij,
hierna te noemen: gemeente Rotterdam,
advocaat: mr. S.M. Conijnenberg,
tegen
ZIJ DIE VERBLIJVEN IN DE ONROERENDE ZAAK OF GEDEELTE DAARVAN, PLAATSELIJK BEKEND ALS [adres] ( [postcode]) [plaats],
gedaagde partij,
hierna te noemen: de krakers,
niet verschenen.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 23 juni 2026, met producties 1 tot en met 21;
- de aanvullende producties van de gemeente Rotterdam, met daarbij onder meer het afschrift van de publicatie van de oproeping in het AD van 24 juni 2026.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 14 juli 2026.
2 De beoordeling
In de dagvaarding zijn de wettelijk voorgeschreven formaliteiten in acht genomen, zodat tegen de krakers verstek wordt verleend.
Het voor toewijzing van een vordering in kort geding vereiste spoedeisend belang volgt uit de stellingen van de gemeente Rotterdam.
De vorderingen komen de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en worden toegewezen, met dien verstande dat de ontruimingstermijn wordt bepaald op zeven dagen na betekening van dit vonnis.
De krakers zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van de gemeente Rotterdam worden begroot op:
- dagvaarding € 151,94
| - griffierecht | € | 735,00 | |
| - salaris advocaat | € | 760,00 | |
| - nakosten | € | 189,00 | (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing) |
| Totaal | € | 1.835,94 |
3 De beslissing
De voorzieningenrechter
veroordeelt de krakers om de onroerende zaak staande en gelegen aan [adres] ( [postcode]) te [plaats], uiterlijk binnen zeven na betekening van dit vonnis, met alle zich daarin of daarop bevindende personen en zaken, voor zover die niet het eigendom van de gemeente Rotterdam zijn, te verlaten en te ontruimen, ter vrij en algehele beschikking van de gemeente te stellen en ontruimd en verlaten te houden,
bepaalt dat op grond van artikel 557a lid 3 Rv de veroordeling onder 3.1. tot een jaar na vandaag ook ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die zich ten tijde van de tenuitvoerlegging daar bevindt, of daar binnentreedt en telkens wanneer dat zich voordoet,
veroordeelt de krakers in de proceskosten van € 1.835,94, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening voor het geval het vonnis wordt betekend,
veroordeelt de krakers tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn voldaan,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
| Dit vonnis is gewezen door mr. C. Sikkel en in het openbaar uitgesproken op 28 juli 2026. [3894/1573] |
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.