Uitspraak · Insolventierecht

Rechtbank Rotterdam, 5 augustus 2026

ECLI:NL:RBROT:2026:14708Zaaknummer NL:TZ:2609613:R-RK

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
5 augustus 2026
Publicatiedatum
26 oktober 2026
Zaaknummer
NL:TZ:2609613:R-RK
Rechtsgebied
Civiel recht, Insolventierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Rotterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verzoek wsnp toegewezen. Geen eerdere ingangsdatum omdat de rechtbank niet kan controleren of er aan de inspanningsplicht is voldaan

De rechtbank:

- spreekt de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:

[verzoekster],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] (Colombia),

wonende op een (bij de rechtbank bekend) geheim adres;

- benoemt tot rechter-commissaris mr. C.G.E. Prenger

en tot bewindvoerder J.M. Hoogland,

gevestigd te Postbus 81145

3009 GC Rotterdam;

  • stelt de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling vast op 5 augustus 2026 en de duur op 18 maanden;
  • draagt de bewindvoerder op de post van mevrouw [verzoekster] in te zien;

- bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag nemen volgens het Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Dit kan alleen voor zover de boedel toereikend is.

Dit is de beslissing van mr. B.J. Tideman, rechter, in samenwerking met I. van Gemerde, griffier. Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 5 augustus 2026.[_5f077db1-ddbc-46bd-ac65-c22775af819a]

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De (controle van) verplichtingen in de Wsnp
  4. 4 De beslissing

RECHTBANK Rotterdam

Team Insolventie

Rekestnummer: [nummer]

vonnis van 5 augustus 2026

op het verzoek van

[verzoekster],

wonende op een (bij de rechtbank bekend) geheim adres.

Waar deze zaak over gaat

Mevrouw [verzoekster] bevindt zich in een problematische schuldensituatie. Om tot een oplossing voor haar schulden te komen heeft mevrouw [verzoekster] een verzoek gedaan te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp).

Dit verzoek wordt toegewezen.

Daarnaast verzoekt mevrouw [verzoekster] om de ingangsdatum van de Wsnp vast te stellen op 17 november 2023. Dit verzoek wordt afgewezen.

De rechtbank legt hierna uit waarom zij zo beslist.

1 De procedure

1.1.

Mevrouw [verzoekster] heeft een verzoek ingediend om te worden toegelaten tot de Wsnp en om een eerdere ingangsdatum te bepalen.

1.2.

Het verzoek is behandeld op de zitting van 29 juli 2026. Op de zitting zijn verschenen:

- mevrouw [verzoekster] (telefonisch),

- mevrouw [persoon A], schuldhulpverlener van Stichting Nieuw Vaarwater,

- de heer [persoon B], advocaat van verzoekster.

2 De beoordeling

De toelating

2.1.

Mevrouw [verzoekster] kan worden toegelaten tot de Wsnp als zij zich in een problematische schuldensituatie bevindt en zij te goeder trouw was bij het ontstaan en onbetaald laten van haar schulden. De rechtbank kijkt daarbij vooral naar de afgelopen drie jaar. Ook moet de verwachting bestaan dat mevrouw [verzoekster] aan de verplichtingen van de Wsnp zal voldoen.

2.2.

Mevrouw [verzoekster] voldoet aan alle eisen en wordt toegelaten tot de Wsnp.

Bevoegdheid

2.3.

De rechtbank is, gelet op het bepaalde in artikel 3 lid 1 Verordening (EU) 2015/848 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie, bevoegd deze insolventieprocedure als hoofdprocedure te openen nu het centrum van voornaamste belangen van mevrouw [verzoekster] in Nederland ligt.

Duur

2.4.

De rechtbank stelt de termijn van de Wsnp-regeling ex artikel 349a Fw (hierna: materiële looptijd) vast op 18 maanden.

De ingangsdatum

2.5.

De Faillissementswet (hierna: Fw) bepaalt dat de looptijd in beginsel ingaat op de dag van dit vonnis, tenzij er aanleiding is de looptijd eerder te laten ingaan.

2.6.

Een eerdere ingangsdatum kan worden bepaald als vanaf die eerdere datum de verplichtingen die volgen uit het voorafgaande schuldhulpverleningstraject zijn nagekomen. Als uitgangspunt geldt daarbij dat de schuldenaar tijdens het minnelijke voortraject maximaal, op basis van de normen die gelden voor berekening van het vrij te laten bedrag (het vtlb), moet aflossen op zijn schulden en dat hij zich moet inspannen om zoveel mogelijk baten voor de schuldeisers te verwerven. Die inspanningsplicht houdt in beginsel in dat er bij arbeidsgeschiktheid fulltime gewerkt moet worden of er moet aantoonbaar worden gesolliciteerd naar een fulltime baan.

2.7.

De rechtbank kan niet vaststellen dat aan de vereiste verplichtingen is voldaan.

Gebleken is dat mevrouw [verzoekster] niet (fulltime) heeft gewerkt en ook niet heeft gesolliciteerd (naar een fulltime baan). Ook heeft de uitkeringsinstantie haar niet vrijgesteld van de arbeidsverplichting. Verder zijn er geen medische stukken aangeleverd waaruit blijkt dat mevrouw [verzoekster] arbeidsongeschikt is. De rechtbank kan niet controleren of mevrouw [verzoekster] aan haar inspanningsplicht heeft voldaan.

2.8.

De rechtbank komt daarom tot de conclusie dat er geen eerdere ingangsdatum zal worden bepaald.

3 De (controle van) verplichtingen in de Wsnp

3.1.

De verplichtingen waaraan mevrouw [verzoekster] tijdens de Wsnp moet voldoen zijn: de informatieverplichting, de inspanningsverplichting, de verplichting geen nieuwe schulden te maken, de verplichting om schuldeisers niet te benadelen en de afdrachtverplichting (van inkomen boven het vtlb en van goederen die in de boedel vallen).

3.2.

Er wordt een bewindvoerder benoemd. Deze bewindvoerder controleert in de eerste plaats of mevrouw [verzoekster] de verplichtingen van de Wsnp nakomt.

3.3.

De taak van de bewindvoerder is in de tweede plaats om de zogenaamde boedel van de schuldenaar te beheren en te vereffenen (artikel 316 Fw). De boedel omvat alle bezittingen die mevrouw [verzoekster] nu heeft en wat zij tijdens de toepassing van de regeling verkrijgt (artikel 295 Fw). Mevrouw [verzoekster] heeft de verplichting om tot de boedel behorende bezittingen aan de bewindvoerder af te staan (artikel 296 Fw). De bewindvoerder zal de opbrengsten hiervan verdelen onder de schuldeisers.

3.4.

Er wordt ook een rechter-commissaris benoemd. De taak van de rechter-commissaris is om toezicht te houden op de bewindvoerder.

3.5.

De eerste 13 maanden van het traject geldt in beginsel een postblokkade. Dat betekent dat in die periode alle post naar de bewindvoerder gaat. De bewindvoerder stuurt de post na controle door aan mevrouw [verzoekster].

3.6.

Als mevrouw [verzoekster] zich tijdens het Wsnp-traject houdt aan alle verplichtingen van de Wsnp eindigt het traject met de zogenoemde “schone lei”. Dit betekent dat schuldeisers hun vorderingen ten aanzien waarvan de Wsnp werkt niet meer op mevrouw [verzoekster] kunnen verhalen. De “schone lei” geldt vanaf het moment dat de bewindvoerder klaar is met zijn afwikkelingstaak. Dat is als de slotuitdelingslijst verbindend is geworden.

4 De beslissing

De rechtbank:

- spreekt de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:

[verzoekster],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] (Colombia),

wonende op een (bij de rechtbank bekend) geheim adres;

- benoemt tot rechter-commissaris mr. C.G.E. Prenger

en tot bewindvoerder J.M. Hoogland,

gevestigd te Postbus 81145

3009 GC Rotterdam;

  • stelt de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling vast op 5 augustus 2026 en de duur op 18 maanden;
  • draagt de bewindvoerder op de post van mevrouw [verzoekster] in te zien;

- bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag nemen volgens het Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Dit kan alleen voor zover de boedel toereikend is.

Dit is de beslissing van mr. B.J. Tideman, rechter, in samenwerking met I. van Gemerde, griffier. Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 5 augustus 2026.[_5f077db1-ddbc-46bd-ac65-c22775af819a]

Voetnoten

  1. Tegen deze uitspraak kan degene aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak, hoger beroep instellen. Het hoger beroep kan uitsluitend door een advocaat worden ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van het gerechtshof dat van deze zaak kennis moet nemen.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.