Uitspraak · Verbintenissenrecht
Rechtbank Rotterdam, 25 september 2026
ECLI:NL:RBROT:2026:13980Zaaknummer 12212306 CV EXPL 26-11246
- Instantie
- Rechtbank Rotterdam
- Datum uitspraak
- 25 september 2026
- Publicatiedatum
- 15 oktober 2026
- Zaaknummer
- 12212306 CV EXPL 26-11246
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Verbintenissenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Onbetaalde factuur medische behandeling
3 De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt [gedaagde] om aan Infomedics te betalen € 606,41 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW over een bedrag van € 578,83 vanaf 30 maart 2026 tot de dag dat volledig is betaald;
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van Infomedics worden begroot op € 837,08;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. A.M. van Kalmthout en in het openbaar uitgesproken.
43416
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 12212306 CV EXPL 26-11246
datum uitspraak: 25 september 2026
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
Infomedics B.V.,
vestigingsplaats: Almere,
eiseres,
gemachtigde: gerechtsdeurwaarders [persoon A], [persoon B], [persoon C], [persoon D] en [persoon E],
tegen
[gedaagde],
woonplaats: [woonplaats],
gedaagde,
die zelf procedeert.
De partijen worden hierna ‘Infomedics’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.
1 De procedure
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
- de dagvaarding van 13 april 2026, met bijlagen;
- het antwoord, met bijlagen;
- de repliek, met een bijlage;
- de dupliek.
2 De beoordeling
Waar gaat de zaak over?
Infomedics eist in deze zaak betaling van € 578,83 met rente en incassokosten. Daarvoor heeft zij het volgende aangevoerd.
[gedaagde] heeft een medische behandeling ondergaan bij een zorgverlener. De kosten daarvan zijn bij [gedaagde] in rekening gebracht bij factuur van 23 mei 2025. [gedaagde] heeft de factuur niet (volledig) betaald. De zorgverlener heeft haar vordering op [gedaagde] overgedragen aan Infomedics Finance B.V. en aan Infomedics B.V. is de opdracht gegeven om de vordering te innen. Infomedics wil dat [gedaagde] wordt veroordeeld om (het restant van) de factuur te betalen. Omdat [gedaagde] niet op tijd heeft betaald, wil Infomedics ook dat zij een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten en de wettelijke rente betaalt.
[gedaagde] betwist niet dat zij de geëiste hoofdsom moet betalen. Zij is echter niet bereid de bijkomende kosten voor haar rekening te nemen, omdat zij de brieven van de deurwaarder niet heeft ontvangen. Ook heeft zij meermaals contact gezocht om tot een oplossing te komen, maar Infomedics was daartoe niet bereid. Vanwege haar financiële situatie vraagt [gedaagde] om een betalingsregeling.
Op de stellingen van de partijen zal hierna, voor zover dat van belang is voor de beoordeling, verder worden ingegaan.
[gedaagde] moet de hoofdsom van € 578,23 betalen
[gedaagde] heeft niet aangegeven dat de eis niet klopt. Zij heeft wel uitgelegd waarom zij niet heeft betaald. Volgens [gedaagde] is sprake van een lopend geschil met de zorgverlener, maar Infomedics geeft bij repliek aan dat er geen inhoudelijke klacht over de betreffende behandeling is ontvangen. [gedaagde] heeft dat vervolgens niet weersproken. De kantonrechter gaat er daarom vanuit dat Infomedics op dit punt gelijk heeft.
[gedaagde] heeft ook uitgelegd dat zij het financieel moeilijk heeft. De kantonrechter begrijpt dat het voor [gedaagde] financieel niet makkelijk is, maar dat betekent niet dat zij te laat mag betalen.
Gelet op het voorgaande wordt de geëiste hoofdsom toegewezen op basis van de feiten die in de dagvaarding staan.
[gedaagde] moet incassokosten van € 75,97 betalen
Als vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten wordt € 75,97 toegewezen. Dit is het bedrag dat in de brief van 4 maart 2026 staat (waarop Infomedics zich beroept) waarmee [gedaagde] de kans heeft gekregen om alsnog zonder extra kosten te betalen (artikel 6:96 lid 6 BW). Het staat vast dat [gedaagde] die brief per e-mail van de deurwaarder heeft ontvangen. Omdat één schriftelijke aanmaning voldoende is voor het toewijzen van de incassokosten, kan in het midden blijven of [gedaagde] de eerdere brief van juli 2025 heeft ontvangen. Dat [gedaagde] pas later van de inhoud van de brief van 4 maart 2026 heeft kennisgenomen omdat zij niet had gezien dat er een bijlage bij de mail zat, komt voor risico van [gedaagde]. Verder is aan alle voorwaarden voldaan om een vergoeding te krijgen.
[gedaagde] moet rente betalen
De rente wordt toegewezen, omdat Infomedics genoeg heeft gesteld waaruit volgt dat deze moet worden betaald. Infomedics heeft onbetwist gesteld dat de rente tot 30 maart 2026 € 23,96 bedraagt.
Conclusie
Op 2 maart 2026 heeft [gedaagde] een bedrag van € 72,35 betaald. Dat betekent dat [gedaagde] nu nog (€ 578,83 + € 75,97 + € 23,96 - € 72,35) € 606,41 aan Infomedics moet betalen, met rente vanaf 30 maart 2026.
[gedaagde] moet de proceskosten betalen
De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde], omdat zij voor het grootste deel ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter begroot de kosten die [gedaagde] aan Infomedics moet betalen op € 127,08 aan dagvaardingskosten, € 350,- aan griffierecht, € 288,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten × € 144,-) en € 72,- aan nakosten. Dat is in totaal € 837,08. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.
Geen betalingsregeling in dit vonnis
De kantonrechter kan geen betalingsregeling vaststellen in dit vonnis. Daarvoor moet Infomedics namelijk toestemming geven en dat heeft zij niet gedaan (artikel 6:29 BW). [gedaagde] kan wel contact opnemen met de gemachtigde van Infomedics om te vragen of Infomedics alsnog een betalingsregeling wil afspreken. Infomedics is niet verplicht om daarmee akkoord te gaan.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat Infomedics dat eist en [gedaagde] daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.
3 De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt [gedaagde] om aan Infomedics te betalen € 606,41 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW over een bedrag van € 578,83 vanaf 30 maart 2026 tot de dag dat volledig is betaald;
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van Infomedics worden begroot op € 837,08;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. A.M. van Kalmthout en in het openbaar uitgesproken.
43416
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.