Uitspraak · Verbintenissenrecht

Rechtbank Rotterdam, 3 mei 2024

ECLI:NL:RBROT:2024:4130Zaaknummer 10311485

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
3 mei 2024
Publicatiedatum
13 mei 2024
Zaaknummer
10311485
Rechtsgebied
Civiel recht, Verbintenissenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Rotterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Eindvonnis na tussenvonnis. Huurovereenkomst niet ontbonden, gezien nakomen betalingsregeling en persoonlijke omstandigheden huurder.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

veroordeelt Britt Helpt in de proceskosten, die aan de kant van Habion worden begroot op € 1.294,47;

3.2.

verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad;

3.3.

wijst, afgezien van de veroordelingen in het tussenvonnis, al het andere af.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.I. Mentink en in het openbaar uitgesproken.

33394

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De verdere beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam

zaaknummer: 10311485 CV EXPL 23-3557

datum uitspraak: 3 mei 2024

Vonnis van de kantonrechter

in de zaak van

Stichting Habion,

vestigingsplaats: Utrecht,

eiseres,

gemachtigde: Rijnland Gerechtsdeurwaarders & Incasso,

tegen

Britt Helpt B.V., in haar hoedanigheid van bewindvoerder van [naam 1],

vestigingsplaats: Dordrecht,

gedaagde,

vertegenwoordigd door: [naam 2].

De partijen worden hierna ‘Habion’ en ‘Britt Helpt’ genoemd. De onderbewindgestelde van Britt Helpt wordt ‘[naam 1]’ genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:

  • het tussenvonnis van 9 juni 2023 en stukken die daarin zijn genoemd;
  • de akte van Habion van 14 december 2023;
  • de rolbeslissing van 19 januari 2024;
  • de rolbeslissing van 8 maart 2024;
  • de brief van Britt Helpt van 18 maart 2024, met bijlagen.

2 De verdere beoordeling

Waar gaat het om?

2.1.

[naam 1] huurde een woning en een scooterbox van Habion. Hij heeft voor allebei de ruimtes een huurachterstand laten ontstaan. In het tussenvonnis heeft de kantonrechter de huurovereenkomst van de scooterbox ontbonden. Ook heeft ze Britt Helpt (de bewindvoerder van [naam 1]) veroordeeld om de huurachterstand, met buitengerechtelijke kosten en rente aan Habion te betalen. Ze heeft de beslissing over de ontbinding van de huurovereenkomst een half jaar uitgesteld. Dit vonnis gaat dus alleen nog daarover en over de kosten van de procedure.

De huurovereenkomst wordt niet ontbonden

2.2.

De partijen zijn het erover eens hoe het is gegaan na de zitting. Britt Helpt heeft de huur iedere maand steeds op tijd betaald. Verder heeft Britt Helpt voor de achterstand een betalingsregeling afgesproken van € 100,- per maand. Die regeling is ze iedere maand nagekomen.

2.3.

Gezien deze omstandigheden en de persoonlijke omstandigheden van [naam 1], die in het tussenvonnis zijn beschreven, wijst de kantonrechter de ontbinding van de huurovereenkomst af. Het lijkt erop dat [naam 1] de laatste kans die hij heeft gekregen heeft aangegrepen.

2.4.

De kantonrechter wijst [naam 1] er wel op dat hij door het oog van de naald is gekropen. Mocht hij de betalingsregeling of de lopende huur opnieuw niet betalen, dan loopt hij een groot risico. De kantonrechter wil niet vooruitlopen op een oordeel in een volgende procedure, maar zij kan zich goed voorstellen dat in dat geval de ontbinding van de huurovereenkomst wel wordt toegewezen.

Britt Helpt moet de proceskosten betalen

2.5.

Britt Helpt moet de proceskosten betalen, omdat zij voor het grootste deel ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter begroot deze kosten aan de kant van Habion op € 130,47 aan dagvaardingskosten, € 487,- aan griffierecht, € 542,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 271,-) en € 135,- aan nakosten. Dat is in totaal € 1.294,47. Hier kan nog een bedrag bijkomen als dit vonnis wordt betekend.

Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad

2.6.

De proceskostenveroordeling wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 233 Rv).

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

veroordeelt Britt Helpt in de proceskosten, die aan de kant van Habion worden begroot op € 1.294,47;

3.2.

verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad;

3.3.

wijst, afgezien van de veroordelingen in het tussenvonnis, al het andere af.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.I. Mentink en in het openbaar uitgesproken.

33394

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.