Uitspraak · Insolventierecht

Rechtbank Rotterdam, 5 januari 2024

ECLI:NL:RBROT:2024:1541Zaaknummer FT EA 21-612

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
5 januari 2024
Publicatiedatum
29 februari 2024
Zaaknummer
FT EA 21-612
Rechtsgebied
Civiel recht, Insolventierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Rotterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Schuldenares verkeert in een zodanige financiële positie, dat zij in staat is de betalingen te hervatten.

De rechtbank:

- beëindigt de toepassing van de schuldsaneringsregeling;

- stelt het salaris van de bewindvoerder, één en ander inclusief onkosten en omzetbelasting, vast op het aanwezig actief tot een bedrag van maximaal

€ 1.908,75;

Dit vonnis is gewezen door mr. C.de Jong, rechter, en in aanwezigheid van mr. T.M.M. de Laat, griffier, in het openbaar uitgesproken op 5 januari 2024.[_18df2674-d065-44a0-ae55-db0d19d4ac5d]

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De standpunten
  3. 3 De beoordeling
  4. 4 De beslissing

Rechtbank Rotterdam

Team insolventie

tussentijdse beëindiging

insolventienummer: [nummer]

uitspraakdatum: 5 januari 2024

Bij vonnis van deze rechtbank van 2 juli 2021 is de toepassing van deschuldsaneringsregeling uitgesproken ten aanzien van:

[schuldenares],

[adres]

[woonplaats],

schuldenares,

bewindvoerder: M. Zomerdijk.

1 De procedure

De bewindvoerder heeft de rechter-commissaris verzocht de schuldsaneringsregeling voor tussentijdse beëindiging voor te dragen. De rechter-commissaris heeft op 19 januari 2023 met dit verzoek ingestemd.

De (waarnemend) bewindvoerder, schuldenares en de partner van schuldenares zijn gehoord ter terechtzitting van 2 maart 2023. De zitting is aangehouden.

De rechtbank heeft partijen op 7 maart 2023 een brief doen toekomen met daarin de ter zitting gemaakte afspraken.

De (waarnemend) bewindvoerder, de beschermingsbewindvoerder, schuldenares en de partner van schuldenares zijn gehoord ter terechtzitting van 7 september 2023. De zitting is aangehouden.

De rechtbank heeft partijen op 14 september 2023 een brief doen toekomen met daarin de ter zitting gemaakte afspraken. De rechtbank heeft de voortgang van de zitting bepaald op 21 december 2023.

Ter terechtzitting van 21 december 2023 zijn verschenen en gehoord:

  • schuldenares;
  • [naam], partner van schuldenares;
  • mevrouw J.M. Hoogland, (waarnemend) bewindvoerder;
  • de heer P.A. Krul, beschermingsbewindvoerder.

De uitspraak is bepaald op heden.

2 De standpunten

Voor de standpunten van de rechter-commissaris, de (waarnemend) bewindvoerder, de beschermingsbewindvoerder en schuldenares verwijst de rechtbank naar de desbetreffende gedingstukken en het verhandelde ter zitting.

3 De beoordeling

De rechtbank stelt vast dat het boedelactief voldoende is om alle aangemelde schuldvorderingen te voldoen. Het huidige boedelactief bedraagt, volgens de (waarnemend) bewindvoerder, zo’n € 48.000,00, terwijl de schuldenlast € 38.085,37 bedraagt. Schuldenares dient nog inkomensbelasting over het jaar 2023 te betalen. Dit betekent dat schuldenares mogelijk nog een bedrag verschuldigd zal zijn aan de Belastingdienst. Indien blijkt dat schuldenares nog een bedrag aan de Belastingdienst dient te voldoen, dan is schuldenares in staat om deze vordering(en) van de Belastingdienst over 2023 alsnog te voldoen. De rechtbank stelt vast dat schuldenares in een zodanige financiële positie verkeert, dat zij in staat is de betalingen te hervatten.

De toepassing van de schuldsaneringsregeling zal daarom worden beëindigd op grond van artikel 350, derde lid onder b Faillissementswet.

De rechtbank zal het salaris van de bewindvoerder en de door deze gemaakte kosten vaststellen.

4 De beslissing

De rechtbank:

- beëindigt de toepassing van de schuldsaneringsregeling;

- stelt het salaris van de bewindvoerder, één en ander inclusief onkosten en omzetbelasting, vast op het aanwezig actief tot een bedrag van maximaal

€ 1.908,75;

Dit vonnis is gewezen door mr. C.de Jong, rechter, en in aanwezigheid van mr. T.M.M. de Laat, griffier, in het openbaar uitgesproken op 5 januari 2024.[_18df2674-d065-44a0-ae55-db0d19d4ac5d]

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.