Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Overijssel, 10 juni 2026

ECLI:NL:RBOVE:2026:3537Zaaknummer C/08/347413 / HA ZA 26-148

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
10 juni 2026
Publicatiedatum
25 juni 2026
Zaaknummer
C/08/347413 / HA ZA 26-148
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Zwolle
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

vordering toebedeling woning verklaring eiser gerechtigd is tot verrekening vordering verplichte medewerking verlenen notarieel transport woning vordering betaling van verbeurde dwangsommen

De rechtbank

3.1

bepaalt dat de woning aan de [adres], aan [eiser] wordt toegescheiden,

3.2

bepaalt dat [eiser] zal bewerkstelligen dat bij toedeling van de woning aan [eiser] [gedaagde] wordt ontslagen van alle verplichtingen met betrekking tot de hypotheek ([nummer 1]),

3.3

bepaalt dat het spaartegoed behorend bij de hypotheek ([nummer 1]) zoals dat saldo zal blijken te zijn ten tijde van na te noemen transport wordt toegescheiden aan de vrouw,

3.4

bepaalt dat [eiser] aan [gedaagde] dient te betalen een bedrag van € 79.429,59 ter zake de waarde van zijn aandeel in de woning bij gelegenheid van transport,

3.5

veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 73.394,22 ter zake van de in randnummer [nummer 2] van de dagvaarding genoemde posten,

3.6

bepaalt dat [eiser] gerechtigd is tot verrekening van het bedrag vermeld onder 3.4. en 3.5. te verrekenen, zodat per saldo een door [eiser] aan [gedaagde] te betalen bedrag resteert van € 6.035,37, een en ander zoals bedoeld in randnummer [nummer 3] van de dagvaarding, met bepaling dat dit bedrag door [eiser] aan [gedaagde] voldaan dient te worden bij gelegenheid van transport van (het aandeel van [gedaagde] in) de woning aan de [adres],

3.7

bepaalt dat [eiser] de persoon van de notaris aanwijst en te bepalen dat de kosten van levering/transport voor rekening van partijen gezamenlijk komen, ieder voor de helft en dat de notaris ter zake gerechtigd is over te gaan tot verrekening,

3.8

veroordeelt [gedaagde] mee te werken aan transport, zulks binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis en, bij gebreke van medewerking van [gedaagde] aan bedoeld transport, te bepalen dat het in deze zaak te wijzen vonnis op grond van artikel 3:300 BW in de plaats treedt van de voor de levering vereiste medewerking en/of wilsverklaring van [gedaagde], alles in het kader van het notarieel transport van het aandeel van [gedaagde] in de woning gelegen aan de [adres], kadastraal bekend [locatie],

3.9

compenseert de proceskosten, zodat iedere partij de eigen kosten draagt,

3.10

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

3.11

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.F. van Aalst en in het openbaar uitgesproken op 10 juni 2026.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK Overijssel

Civiel recht

Zittingsplaats Zwolle

Zaaknummer: C/08/347413 / HA ZA 26-148

Vonnis van 10 juni 2026

in de zaak van

[eiser],

wonende te [woonplaats 1],

eisende partij,

hierna te noemen: [eiser],

advocaat: mr. J.L. Kale,

tegen

[gedaagde],

wonende te [woonplaats 2],

gedaagde partij,

hierna te noemen: [gedaagde],

niet verschenen.

1 De procedure

1.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- het tegen [gedaagde] verleende verstek.

1.2

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De beoordeling

2.1

[eiser] heeft gevorderd zoals is vermeld in de dagvaarding waarmee deze procedure is ingeleid. De inhoud van deze dagvaarding moet als hier herhaald en ingelast worden beschouwd.

2.2

De vordering komt de rechtbank voor het overige niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen.

De proceskosten

2.3

[eiser] heeft bij dagvaarding geen proceskostenveroordeling van [gedaagde] gevorderd en zich ook niet anderszins over de proceskosten uitgelaten. Gelet op de relatie tussen partijen zal de rechtbank beslissen dat de proceskosten gecompenseerd worden. Dat betekent dat iedere partij de eigen kosten moet dragen.

3 De beslissing

De rechtbank

3.1

bepaalt dat de woning aan de [adres], aan [eiser] wordt toegescheiden,

3.2

bepaalt dat [eiser] zal bewerkstelligen dat bij toedeling van de woning aan [eiser] [gedaagde] wordt ontslagen van alle verplichtingen met betrekking tot de hypotheek ([nummer 1]),

3.3

bepaalt dat het spaartegoed behorend bij de hypotheek ([nummer 1]) zoals dat saldo zal blijken te zijn ten tijde van na te noemen transport wordt toegescheiden aan de vrouw,

3.4

bepaalt dat [eiser] aan [gedaagde] dient te betalen een bedrag van € 79.429,59 ter zake de waarde van zijn aandeel in de woning bij gelegenheid van transport,

3.5

veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 73.394,22 ter zake van de in randnummer [nummer 2] van de dagvaarding genoemde posten,

3.6

bepaalt dat [eiser] gerechtigd is tot verrekening van het bedrag vermeld onder 3.4. en 3.5. te verrekenen, zodat per saldo een door [eiser] aan [gedaagde] te betalen bedrag resteert van € 6.035,37, een en ander zoals bedoeld in randnummer [nummer 3] van de dagvaarding, met bepaling dat dit bedrag door [eiser] aan [gedaagde] voldaan dient te worden bij gelegenheid van transport van (het aandeel van [gedaagde] in) de woning aan de [adres],

3.7

bepaalt dat [eiser] de persoon van de notaris aanwijst en te bepalen dat de kosten van levering/transport voor rekening van partijen gezamenlijk komen, ieder voor de helft en dat de notaris ter zake gerechtigd is over te gaan tot verrekening,

3.8

veroordeelt [gedaagde] mee te werken aan transport, zulks binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis en, bij gebreke van medewerking van [gedaagde] aan bedoeld transport, te bepalen dat het in deze zaak te wijzen vonnis op grond van artikel 3:300 BW in de plaats treedt van de voor de levering vereiste medewerking en/of wilsverklaring van [gedaagde], alles in het kader van het notarieel transport van het aandeel van [gedaagde] in de woning gelegen aan de [adres], kadastraal bekend [locatie],

3.9

compenseert de proceskosten, zodat iedere partij de eigen kosten draagt,

3.10

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

3.11

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.F. van Aalst en in het openbaar uitgesproken op 10 juni 2026.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.