Uitspraak · Bestuursprocesrecht
Rechtbank Noord-Nederland, 19 maart 2021
ECLI:NL:RBNNE:2021:4109Zaaknummer LEE 21/705
- Instantie
- Rechtbank Noord-Nederland
- Datum uitspraak
- 19 maart 2021
- Publicatiedatum
- 23 september 2021
- Zaaknummer
- LEE 21/705
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Bestuursprocesrecht
- Procedure
- Voorlopige voorziening
- Zittingsplaats
- Groningen
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Voorzieningenrechter is onbevoegd omdat niet blijkt dat er een bezwaar- of beroepsprocedure loopt tegen een besluit.
Beslissing
De voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd.
Deze uitspraak is gedaan door mr. H.J. Bastin, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. H.A. Hulst, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 19 maart 2021.
| griffier | voorzieningenrechter |
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Bestuursrecht
zaaknummer: LEE 21/705
uitspraak van de voorzieningenrechter van 19 maart 2021 in de zaak van
[verzoeker] , te [woonplaats] , verzoeker
Procesverloop
Verzoeker heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
2. Op 8 maart 2021 heeft verzoeker de voorzieningenrechter gevraagd een voorlopige voorziening te treffen. Bij brief van 8 maart 2021 heeft de rechtbank verzoeker gevraagd een kopie toe te sturen van het besluit waar hij het niet mee eens is en een kopie toe te sturen van het daartegen ingediende bezwaarschrift.
3. Op 9 maart 2021 heeft verzoeker een aantal stukken toegezonden, door de rechtbank op 10 maart 2021 ontvangen.
4. Bij brief van 15 maart 2021 heeft de rechtbank verzoeker geschreven dat de bestuursrechter alleen bevoegd is om een voorlopige voorziening te treffen als er een besluit is van een bestuursorgaan en als hiertegen bezwaar is gemaakt bij het bestuursorgaan of als beroep is ingesteld bij de rechtbank. Omdat uit de toegezonden stukken niet blijkt dat er een bezwaar- of beroepsprocedure loopt tegen een besluit, heeft de rechtbank verzoeker nogmaals verzocht een besluit en een bezwaarschrift toe te zenden.
5. Verzoeker heeft gereageerd op 17 maart 2021 en daarbij zijn beklag gedaan over de bestuursorganen van de provincie Friesland. De voorzieningenrechter constateert dat verzoeker geen besluit heeft bijgevoegd waartegen een bezwaarprocedure loopt en dat verzoeker een dergelijk besluit ook niet noemt.
6. Het voorgaande betekent dat niet is gebleken dat de voorzieningenrechter bevoegd is om een voorziening te treffen als bedoeld in artikel 8:81 van de Awb. Om die reden moet de voorzieningenrechter zich onbevoegd verklaren.
7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd.
Deze uitspraak is gedaan door mr. H.J. Bastin, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. H.A. Hulst, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 19 maart 2021.
| griffier | voorzieningenrechter |
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.