Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Noord-Nederland, 6 februari 2020
ECLI:NL:RBNNE:2020:798Zaaknummer 171258
- Instantie
- Rechtbank Noord-Nederland
- Datum uitspraak
- 6 februari 2020
- Publicatiedatum
- 21 februari 2020
- Zaaknummer
- 171258
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Op tegenspraak, Beschikking
- Zittingsplaats
- Leeuwarden
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Niet ontvankelijk verzoek tot voortzetting crisismaatregel omdat de officier van justitie verzoek ingediend heeft na afloop van de crisismaatregel.
De rechtbank:
verklaart de officier van justitie niet ontvankelijk in het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel.
Deze beschikking is op 6 februari 2020 mondeling gegeven door mr. G.J. Baken, rechter en in het openbaar uitgesproken bijgestaan door de griffier, en op 6 februari 2020 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
(fn: 656)
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Afdeling Privaatrecht
Locatie: Leeuwarden
Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
Zaak-/rekestnr.: C/17/171258 / BZ RK 20-60
Beschikking van 6 februari 2020, naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot voortzetting van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum],
wonende [woonplaats],
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. M.R. Rauwerda te Leeuwarden.
1 Procesverloop
De rechtbank heeft kennisgenomen van het verzoekschrift van de officier van justitie, ingekomen per post bij de griffie op 4 februari 2020.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
een afschrift van de beslissing van de burgemeester van [de gemeente] tot het nemen van de crisismaatregel;
de medische verklaring van 31 januari 2020;
verklaring niet voorkomen in het curatele en bewindsregister.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden bij de GGZ, [locatie]. Daarbij zijn de volgende personen gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door mr. M.R. Rauwerda;
- [naam], zorgverantwoordelijke;
- [naam], arts in opleiding;
- [naam], echtgenote.
Omdat een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig is, is de officier van justitie niet ter zitting verschenen.
2 Beoordeling:
De rechtbank overweegt als volgt. Het door de officier van justitie ingediende verzoekschrift tot voortzetting crisismaatregel is op 4 februari 2020 per post ter griffie van de rechtbank binnengekomen. Artikel 7:5 onder a Wvggz bepaalt dat de crisismaatregel vervalt, indien de geldigheidsduur is verstreken, tenzij de officier van justitie voordat de geldigheidsduur is verstreken onder toepassing van artikel 7:7 Wvggz een verzoekschrift voor een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel bij de rechter heeft ingediend. Uit het dossier blijkt dat de crisismaatregel is aangevangen op 31 januari 2020 om 17:49 uur en derhalve liep tot 3 februari 2020 om 17:49 uur. Dit betekent dat de officier van justitie uiterlijk op 3 februari 2020 om 17:48 uur het verzoek tot voortzetting had moeten indienen bij de rechtbank. Nu het verzoekschrift van de officier van justitie op 4 februari 2020 ter griffie is binnengekomen, en dus na afloop van de geldigheidsduur van de crisismaatregel, is de rechtbank van oordeel dat de crisismaatregel van rechtswege is komen te vervallen op 3 februari 2020 om 17:49 uur. Nu de crisismachtiging vervallen is, kan de officier van justitie een dag later niet meer om voortzetting vragen.
Gelet op het voorgaande zal de officier van justitie niet ontvankelijk worden verklaard in het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel.
3 Beslissing
De rechtbank:
verklaart de officier van justitie niet ontvankelijk in het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel.
Deze beschikking is op 6 februari 2020 mondeling gegeven door mr. G.J. Baken, rechter en in het openbaar uitgesproken bijgestaan door de griffier, en op 6 februari 2020 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
(fn: 656)
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Aangehaald in
- ECLI:NL:RBGEL:2020:2091 Rechtbank Gelderland, 5 maart 2020 (personen- en familierecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.