Uitspraak · Strafrecht

Rechtbank Noord-Nederland, 3 juni 2016

ECLI:NL:RBNNE:2016:3736Zaaknummer 18.730109-16

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
3 juni 2016
Publicatiedatum
9 juli 2026
Zaaknummer
18.730109-16
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig, Op tegenspraak
Zittingsplaats
Leeuwarden
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

De rechtbank Noord Nederland, locatie Leeuwarden, heeft op 3 juni 2016 een verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het gedurende een lange periode, te weten tweeëneenhalf jaar, verkopen van heroïne en cocaïne aan verschillende gebruikers. Afgezien van enkele periodes waarin de verdachte in Marokko lijkt te hebben verbleven, komt uit het dossier een beeld naar voren van het structureel en zeer regelmatig verkopen van bolletjes aan diverse vaste klanten. Het is bekend dat cocaïne en heroïne stoffen zijn die een gevaar vormen voor de volksgezondheid. Het gebruik ervan leidt niet zelden tot ernstige verslavingsproblematiek hetgeen weer verwervingscriminaliteit tot gevolg kan hebben. Uit het uittreksel uit het justitiële documentatieregister d.d. 5 april 2016 blijkt dat verdachte reeds tweemaal eerder is veroordeeld voor het – eveneens gedurende langere periodes – dealen van harddrugs. Kennelijk hebben die eerdere veroordelingen de verdachte er niet van weerhouden opnieuw de fout in te gaan. Integendeel: de rechtbank acht bewezen dat verdachte opnieuw begonnen is met verkopen vrijwel direct nadat hij uit detentie vrij kwam, en ook in een periode waarin hij wegens de VI (voorwaardelijke invrijheidstelling) in een proeftijd liep.

DE UITSPRAAK VAN DE RECHTBANK LUIDT:

Verklaart het ten laste gelegde bewezen, te kwalificeren en strafbaar zoals voormeld en verdachte daarvoor strafbaar.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan het bewezen verklaarde en spreekt verdachte daarvan vrij.

Veroordeelt verdachte tot:

Een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden.

Beveelt, dat de tijd door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en/of voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf, geheel in mindering zal worden gebracht.

Dit vonnis is gewezen door mr. F. Sieders, voorzitter, mr. J.Y.B. Jansen en mr. E. Groenendaal, rechters, bijgestaan door D.P. Postma-Westerhof, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 3 juni 2016.

Mr. Groenendaal is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

w.g.SiedersVOOR EENSLUIDEND AFSCHRIFT
Jansende griffier van de rechtbank Noord-Nederland,
Postma-Westerhoflocatie Leeuwarden,

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Tenlastelegging
  2. Beoordeling van het bewijs
  3. Bewezenverklaring
  4. Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
  5. Strafbaarheid van verdachte
  6. Strafmotivering
  7. Toepassing van wetsartikelen
  8. DE UITSPRAAK VAN DE RECHTBANK LUIDT:

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling strafrecht

Locatie Leeuwarden

parketnummer 18/730109-16

vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 3 juni 2016 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte

[verdachte]

geboren in 1958 te [geboorteplaats] ), wonende te [woonplaats 1],

thans gedetineerd in de [verblijfplaats].

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 20 mei 2016.

De verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. H.K. Jap-a-Joe, advocaat te Utrecht. Het openbaar ministerie werd ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. C.V. van Overbeeke.

Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

hij in of omstreeks de periode van 1 augustus 2013 tot en met 5 februari 2016 te [pleegplaats], gemeente Súdwest-Fryslân, en/of elders in de provincie Friesland althans Nederland, meermalen opzettelijk heeft verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, (een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende cocaïne en/of (een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende heroïne,

zijnde cocaïne en/of heroïne (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.

Beoordeling van het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geconcludeerd dat het ten laste gelegde kan worden bewezen. Zij heeft daartoe aangevoerd dat het kenteken van verdachtes auto overeenkomt met het in de brief van september 2015 genoemde kenteken. Bovendien blijkt uit de telefoontaps dat er steeds sprake is van korte contacten met gebruikers en dat, wanneer op 4 februari 2016 een inval in verdachtes woning plaatsvindt, er drugs en druggerelateerde goederen worden gevonden. Tot slot zijn diverse getuigen gehoord. Deze getuigen wordt een foto van verdachte getoond en zij verklaren allemaal dat de persoon op de foto [verdachte] is en dat zij hun drugs bij hem kopen. Er is daarom voldoende wettig bewijs in het dossier om tot een bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit te komen. De officier van justitie acht bewezen dat verdachte over een periode van negen maanden heeft gedeald

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft betoogd dat verdachte moet worden vrijgesproken van het ten laste gelegde feit, nu hij ontkent het feit te hebben gepleegd.

De raadsman heeft aangevoerd dat verdachte gelet op zijn detentie, zijn voorwaardelijke straf en zijn verblijven in het buitenland in de jaren 2013, 2014 en de eerste maanden van 2015 niet in drugs kan hebben gehandeld. Voorts heeft de raadsman aangevoerd dat de [getuige 1] in oktober 2015 heeft

verklaard dat hij één keer van verdachte heeft gekocht en de [getuige 2] heeft verklaard dat hij sinds een half jaar van verdachte koopt. De [getuige 3] heeft verklaard dat hij al vijf of zes jaar van verdachte drugs koopt en op 25 juli 2015 ook van verdachte heeft gekocht. Ook de [getuige 4] heeft verklaard dat hij sinds zes jaar van verdachte koopt. Voor die feiten is verdachte al veroordeeld, aldus de raadsman. Wanneer daarbij voorts wordt gekeken naar het paspoort, zou hooguit een periode van acht maanden bewezen verklaard kunnen worden. De raadsman verzoekt subsidiair bij een bewezenverklaring de periode te beperken.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank overweegt het volgende. Uit de justitiële documentatie van verdachte blijkt dat hij op 19 juli 2013 in vrijheid is gesteld. Vervolgens is hem in het kader van de voorwaardelijke invrijheidstelling een meldplicht bij de reclassering opgelegd. Dit houdt naar het oordeel van de rechtbank echter niet in dat verdachte tijdens en na zijn proeftijd geen strafbare feiten heeft kunnen plegen.

Uit het proces-verbaal van politie blijkt dat diverse getuigen zijn gehoord. De getuigen is een foto van verdachte getoond en zij hebben aangegeven dat de persoon op deze foto [verdachte] heet en dat zij hun drugs van deze persoon kopen. Voorts is op 5 februari 2016 de woning van verdachte doorzocht. In de gang van de woning worden -onder meer- 21 bolletjes met een wit poeder en 14 bolletjes met een bruin poeder aangetroffen. In de kelderkast zijn twee zakjes met respectievelijk wit en bruin poeder aangetroffen. De middelen zijn getest en worden positief bevonden op cocaïne en heroïne. Tot slot worden de historische gegevens van de telefoon van verdachte verstrekt en uit de lijst van contacten blijkt dat met het telefoonnummer van verdachte regelmatig contact is geweest met personen die bij de politie bekend staan als gebruikers van verdovende middelen.

De verklaring van verdachte dat ene [persoon 1] verantwoordelijk zou zijn, acht de rechtbank op geen enkele manier aannemelijk geworden. Niet alleen omdat verdachte nauwelijks concrete informatie over deze [persoon 1] heeft gegeven, en de informatie die hij wel gaf niet overeenkwam met de bevindingen van de politie, maar vooral ook omdat de diverse getuigen een foto van de verdachte aanwijzen als de hen bekende dealer [verdachte], meerdere getuigen het kenteken van de auto van verdachte noemen als het kenteken van de dealer, het nummer van verdachte wordt genoemd als het telefoonnummer van de dealer, en noch uit getuigenverklaringen noch uit buurtonderzoek of uit de observaties naar voren komt dat de auto c.q. het huis van verdachte regelmatig werd gebruikt door een ander.

De rechtbank overweegt dat, gelet op de op 28 september 2015 door de politie ontvangen brief, de datum waarop het kenteken van de in de brief genoemde auto op naam van verdachte kwam (31 mei 2015), de getuigenverklaringen, de lijst met de contacten, de aangetroffen middelen en het feit dat verdachte op 19 juli 2013 weer op vrije voeten was, het feit wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard.

De rechtbank gaat daarbij anders dan de officier van justitie en de raadsman - uit van het meermalen verkopen en voorhanden hebben (dealen) in de gehele tenlastegelegde periode. Dat verdachte in zowel 2014 als 2015 gedurende enkele maanden, met tussenpozen, in Marokko heeft verbleven, zoals door de raadsman is betoogd, doet daaraan niet af. Het verweer van de raadsman wordt verworpen.

De rechtbank past de volgende bewijsmiddelen toe die de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden bevatten zoals hieronder zakelijk weergegeven. Ieder bewijsmiddel is -ook in onderdelen- slechts gebruikt voor het feit waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.

1. De door verdachte op de terechtzitting van 20 mei 2016 afgelegde verklaring, voor zover inhoudende:

De groene [auto] met het [kenteken 1] is van mij. Ik heb de auto in juni 2015 gekocht. Het bedrag van 789,00 in een DVD-hoes is mijn eigen geld. U toont mij pagina 43 van het proces-verbaal van politie. De persoon op die foto ben ik.

2. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van getuigenverhoor van Politie Noord-Nederland d.d. 27 oktober 2015, opgenomen op pagina 40 van het dossier met nummer 2015292334 d.d. 12 maart 2016, inhoudende als verklaring van [persoon 17]:

U vraagt mij of ik het afgelopen jaar ook drugs gekocht heb van de man die ik ken als [verdachte]. Dit betreft een kalende man van 55 à 60 jaar oud. Ik heb dit jaar één keer heroïne en cocaïne gekocht van deze [verdachte]. Dat was op de dag dat de grote zomerstorm was. Ik weet de datum niet exact meer, maar dat kunt u vast achterhalen. Ik was die dag op bezoek bij mijn vriend [vriend getuige 5]. [vriend getuige 5] is ook een gebruiker. Deze [verdachte] kwam toen bij [vriend getuige 5] thuis.

[verdachte] vertelde dat hij sinds april 2015 weer vrij was en dat hij nu sinds een paar dagen weer drugs dealde. [vriend getuige 5] heeft toen wat heroïne van [verdachte] gekocht. Dat was volgens mij een halve gram. Ik kocht toen een halve gram heroïne en voor 10,-- een bolletje cocaïne. Dat zal ongeveer een kwart gram zijn geweest. Omdat [vriend getuige 5] en ik geen geld hadden kochten we dit allebei op de pof. Dat was ook om te proberen of het goed spul was. De heroïne moest

20,-- per halve gram kosten of 35,-- voor een hele gram.

De kwaliteit van de heroïne en cocaïne was erg slecht. Het was kennelijk te vaak versneden verschijnselen waren wel zodanig dat mijn lichaam de uitwerking herkende als op gebruik van heroïne en cocaïne. Omdat de kwaliteit slecht was heb ik wat ruzie gekregen met [verdachte]. [verdachte] kwam namelijk de volgende dag bij mij thuis en hij wilde dat ik de kosten van de vorige dag zou betalen. Ik zou 30,-- moeten betalen. Ik heb [verdachte] toen gezegd dat de kwaliteit zo slecht was dat ik dat geld er niet voor wilde betalen. Ik heb hem toen 10,--gegeven. [verdachte] zei toen dat hij niet meer aan mij wilde verkopen en ik hem niet meer hoefde te bellen. Hij had mij echter al wel zijn telefoonnummer gegeven en dat was

[telefoonnummer 1]. Ik weet nog dat [verdachte] toen reed in een donkergroene [auto], volgens mij een [type 1], 3-deurs.

In [pleegplaats] zijn nog wel een aantal gebruikers die drugs afnemen van [verdachte]. Dat zijn [persoon 2] die woont in de [adres 1], [vriend getuige 5] die woont in de [adres 2] en [persoon 3] die op de [adres 3] woont.

2.1.

Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van getuigenverhoor van Politie Noord-Nederland d.d. 28 oktober 2015, opgenomen op pagina 42 van het dossier met nummer 2015292334

d.d. 12 maart 2016, inhoudende als verklaring van [persoon 17]:

Ik toonde [getuige 1] een politiefoto, nummer plo2CD:12:000091, zijnde een foto van [verdachte], geboren te [geboorteplaats], geb.datum onbekend, wonende te [woonplaats 2], [adres 4].

De getuige verklaarde daarop: De man op de foto herken ik als de man waarover ik in mijn verklaring van vrijdag 23 oktober heb gesproken. Dit is de man die ik [verdachte] noem en waarvan ik dus afgelopen jaar een keer heb gekocht.

3. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van getuigenverhoor van Politie Noord-Nederland d.d. 4 februari 2016, opgenomen op pagina 44 van het dossier met nummer 2015292334

d.d. 12 maart 2016, inhoudende als verklaring van [persoon 3]:

V: Gebruik je drugs en zo ja, hoe lang en hoeveel gram per dag?

A: Ik gebruik heroïne ongeveer 2 keer in de week in totaal 0.5 gram. En ongeveer 0.2 gram cocaïne. V: Waar haal jij je drugs vandaan?

A: [getuige 1] haalde voor me op uit Leeuwarden en nu van [verdachte]. V: Hoe ben je in contact gekomen met de dealer?

A: Dat is ongeveer 25 jaar geleden. Via een andere dealer. V: Hoe heet hij?

A: [verdachte].

V: Hoelang haal jij je drugs daar al?

A: Sinds een half jaar weer. Vroeger ook wel maar ik ben een tijdje weg geweest. O: Aan verdachte wordt een foto van verdachte [verdachte] getoond.

V: Wie is dit?

A: Ja, dat is [verdachte].

V: Hoe heb jij contact met hem? A: Via de telefoon.

V: Hoe ging de bestelling in zijn werk?

A: We zeggen niets over de telefoon. We spreken een locatie af en dan handelen we. V: Hoe vaak bestelde je en hoeveel zakjes in hoeveel gram per keer?

A: 2 keer in de week gemiddeld en dan in totaal 0.5 gram heroïne en 0.2 gram cocaïne. V: Hoeveel betaalde je?

A: Voor 0.5 gram heroïne, 20 euro en voor 0.2 gram cocaïne, 10 euro. V: Hoeveel gram zit er in 1 bolletje/wikkel/zakje?

A: Heroïne is 0.5 gram per bolletje maar dat is het niet en 0.2 gram cocaïne is ook een bolletje. Dit zit dan in plastic.

V: Wat was de werking van de drugs? A: Ik vond het wel redelijk.

V: Hoe wat de kwaliteit van de drugs?

A: De heroïne vond ik wel van goede kwaliteit, de cocaïne wat minder. V: Vanaf wanneer heb jij drugs bij hem gekocht?

A: Vanaf een half jaar terug ongeveer. V: Wat is jouw telefoonnummer?

A: [telefoonnummer 2]

V: Waarover gingen de telefoongesprekken met de dealer? A: Alleen maar over het afspreken voor een bestelling.

4. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van getuigenverhoor van Politie Noord-Nederland d.d. 4 februari 2016, opgenomen op pagina 48 van het dossier met nummer 2015292334

d.d. 12 maart 2016, inhoudende als verklaring van [persoon 14]:

V: Gebruik je drugs en zo ja, hoe lang en hoeveel gram per dag?

A: Ik gebruik heroïne en cocaïne. Al 25 jaar. Ik gebruik 0.5 gram heroïne en 0.25 gram cocaïne in de 2 weken.

V: Waar haal jij je drugs vandaan? A: [verdachte] uit [plaats].

V: Hoelang haal jij je drugs daar al? A: Ongeveer 5 á 6 jaar al.

0: Aan verdachte wordt een foto van verdachte [verdachte] getoond. Deze foto wordt als bijlage 1 bij dit proces-verbaal gevoegd.

V: Wie is dit?

A: Dat is [verdachte].

V: Hoe heb jij contact met hem? A: Via de telefoon.

V: Hoe ging de bestelling in zijn werk?

A: Ik bel om te vragen of hij komt. Dat stopt hij voor huis en rijden we naar het plein bij de Jumbo.

V: Hoe vaak bestelde je en hoeveel zakjes in hoeveel gram per keer?

A: 1 bolletje heroïne 0.5 gram en 1 bolletje cocaïne 0.25 gram per keer in plastic verpakt. V: Hoeveel betaalde je?

A: 30 euro.

V: Hoeveel gram zit er in 1 bolletje / wikkel/zakje?

A: 0.5 gram heroïne. Weet niet precies wat er in de cocaïne zit. V: Wat was de werking van de drugs?

A: Wel aardig, redelijk.

V: Hoe was de kwaliteit van de drugs? A: Redelijk.

V: Wat is jouw telefoonnummer? A: [telefoonnummer 3]

V: Wat is het telefoonnummer van de dealer? A: [telefoonnummer 1]

V: Waarover gingen de telefoongesprekken met de dealer? A: Over het bestellen van drugs.

V: Wat bedoelde jij met kun je even in [pleegplaats] komen?

A: Dat hij even komt om drugs te brengen. Hij komt dan in een groene [auto].

5. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van getuigenverhoor van Politie Noord-Nederland d.d. 4 februari 2016, opgenomen op pagina 52 van het dossier met nummer 2015292334

d.d. 12 maart 2016, inhoudende als verklaring van [persoon 16]:

V: Gebruik je drugs en zo ja, hoe lang en hoeveel gram per dag?

A: Hoofdzakelijk heroïne en soms cocaïne. Ik gebruik ongeveer al 30 jaar. Op dit moment 1.5 gram heroïne per week en een halve gram cocaïne per week.

V: Waar haal jij je drugs vandaan? A: Uit Leeuwarden.

V: Hoe ben je in contact gekomen met de dealer?

A: Dat is al heel lang geleden via [getuige 1], die woont hier ook in de straat. V: Hoe heet hij?

A: [verdachte]. Ik weet niet hoe hij verder heet. Hij zei vroeger dat hij uit [plaats] kwam. O: Aan verdachte wordt een foto van verdachte [verdachte] getoond.

V: Wie is dit?

A: Dat is [verdachte].

V: Hoe heb jij contact met hem? A: Via de telefoon.

V: Hoe ging de bestelling in zijn werk?

A: Ik belde hem toen voor [persoon 4] en toen heeft zij een afspraak met hem gemaakt. V: Hoe vaak bestelde je en hoeveel zakjes in hoeveel gram per keer?

A: 1 of 2 keer per week. Ik kom al drie of vier maanden niet meer bij hem. Daarvoor kwam ik vaker met hem in contact.

V: Hoeveel betaalde je?

A: Ik betaalde hem ongeveer 30 euro per keer. Dit was dan 0.5 gram heroïne en 0.3 gram cocaïne. V: Hoeveel gram zit er in 1 bolletje / wikkel/zakje?

A: Dit zat in plastic bolletjes. Heroïne is per bolletje circa 0.5 gram en cocaïne 0.3 gram per bolletje. V: Wat was de werking van de drugs?

A: Het is redelijk. Het wordt veel gemengd. V: Hoe was de kwaliteit van de drugs?

A: Het is redelijk.

V: Vanaf wanneer heb jij drugs bij hem gekocht? A: Sinds 6 jaar ongeveer.

V: Wat is jouw telefoonnummer? A: [telefoonnummer 4]

V: Waarom belde jij [verdachte] ?

A: Voor een bestelling voor [persoon 4]. Ik kan dus niet bij hem bestellen. V: Waar is dat hokje?

A: Dat is het hokje in het park in [pleegplaats]. Maar [persoon 4] liep door richting de bejaardenhuisjes. [verdachte] kwam daar met zijn groene [auto] autootje. Bij het bruggetje in het park hebben ze toen gehandeld.

V: Wat is het telefoonnummer van de dealer?

A: [telefoonnummer 1]. Dit moet het wezen. Dit staat in mijn adresboekje.

6. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van getuigenverhoor van Politie Noord-Nederland d.d. 4 februari 2016, opgenomen op pagina 56 van het dossier met nummer 2015292334

d.d. 12 maart 2016, inhoudende als verklaring van [getuige 5]:

V: Gebruik je drugs, zo ja, hoe lang en hoeveel gram per dag?

A: Heroïne en wiet. Ik gebruik al 25 jaar ongeveer. Ik gebruik ongeveer 0.5 gram heroïne in de week. Hangt ook van het geld af wat ik te besteden heb.

V: Hoe ben je in contact gekomen met de dealer? A: Ik ken hem via het werk ongeveer 10 jaar terug. V: Hoe heet hij?

A: Ik noem hem [verdachte].

V: Hoelang haal jij je drugs daar al?

A: Zolang als ik hem ken, al 10 jaar. Ik heb vroeger met hem gewerkt. O: Aan verdachte wordt een foto van verdachte [verdachte] getoond. V: Wie is dit?

A: Dat is dus [verdachte].

V: Hoe heb jij contact met hem?

A: Ik kom hem wel eens tegen en ik zal hem wel eens gebeld hebben. V: Hoe ging de bestelling in zijn werk?

A: Ik bel hem op en dan maken we een afspraak, voor bij mij thuis of op straat. V: Hoe vaak bestelde je en hoeveel zakjes in hoeveel gram per keer?

A: Ik bestelde 1 keer per week bij hem. Ik bestelde dan een halve gram heroïne. V: Hoeveel betaalde je?

A: 20 euro.

V: Hoeveel gram zit er in 1 bolletje / wikkel/zakje? A: Er zit ongeveer 0.5 gram in een plastic zakje.

V: Wat was de werking van de drugs?

A: Momenteel is het kut.

V: Hoe was de kwaliteit van de drugs?

A: Soms is het goed en soms is het slecht.

V: Vanaf wanneer heb jij drugs bij hem gekocht? A: Al sinds ik hem ken. Ongeveer 10 jaar.

V: Wat is jouw telefoonnummer? A: [telefoonnummer 5]

V: Wat is het telefoonnummer van de dealer? A: [telefoonnummer 1].

V: Waarover gingen de telefoongesprekken met de dealer?

A: Nergens over. Heeft geen nut. Hij weet wel waar het over gaat. V: Wie is [naam 1] ?

A: Dat is Spaans voor "vriend".

7. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van Politie Noord-Nederland d.d. 27 oktober 2015, opgenomen op pagina 66 van voornoemd dossier, inhoudende als relatering van verbalisant [persoon 15]:

Op 28 september 2015 is er bij de politie Noord Nederland een enveloppe met daarin een brief binnen gekomen. De enveloppe was geadresseerd aan de Politie Sneek Postbus 107 9400 AC Assen. In de enveloppe zat een brief. Hierin stond de volgende tekst:

Geachte Politie Friesland,

Ik wil een verklaring afleggen over deze kentekennummer: [kenteken 2] [auto] [type 2] Groen. Hij dealt in heel Friesland in soft en harddrugs. hij is al meer dan een jaar bezig.

dit is een bericht naar de politie Friesland toe. met vriendelijk groet

Bij deze brief was ook een foto gevoegd van de achterzijde van een [auto] met daarop zichtbaar het [kenteken 1].

Van de enveloppe, de brief en de foto zijn kopieën als bijlage bij dit proces verbaal gevoegd.

Naar aanleiding van deze brief heb ik het in de brief genoemde kenteken opgevraagd in het register van de Rijksdienst voor het Wegverkeer. Ik zag dat genoemd kenteken sinds 30 mei 2015 op naam is gesteld van: [verdachte] geboren in 1958 wonende op de [adres 4] te [woonplaats 2]. Een afschrift van deze gegevens uit het register van de Rijksdienst voor het Wegverkeer is als bijlage bij dit proces verbaal gevoegd.

Ik heb [verdachte] opgevraagd in het integrale bevraging systeem van de Politie. In het systeem HKS zag ik dat [verdachte] antecedenten heeft op het gebied van de handel in drugs danwel handelen in strijd met de Opiumwet. Te weten op 4 oktober 2005, 26 maart 2012, 22 april 2012.

8. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van Politie Noord-Nederland d.d. 16 december 2015, opgenomen op pagina 77 van voornoemd dossier, inhoudende als relatering van verbalisant [persoon 15]:

Naar aanleiding van een vordering gedaan op 10 november 2015 zijn de historische

verkeersgegevens verstrekt van het telefoonnummer [telefoonnummer 1]. Dit telefoonnummer is waarschijnlijk in gebruik bij verdachte [verdachte]. In totaal zijn er 1670 oproepen geweest vanaf en naar dit telefoonnummer.

De telefoonnummers welke op deze lijst stonden zijn door de medewerkers van bureau

informatie van de politie vergeleken met de telefoonnummers waarvan in de politiesystemen een gebruiker bekend is.

Hieruit blijkt dat er vanaf het telefoonnummer [telefoonnummer 1] meerdere malen contact is geweest met personen welke bij de politie bekend staand als zijnde gebruikers van drugs.

Persoon Aantal keer contact [persoon 13] 227

[persoon 6] 137

[persoon 16] 133

[persoon 7] 69

[persoon 8] 40

[persoon 9] 13

[persoon 10] 12

9. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van Politie Noord-Nederland d.d. 2 februari 2016, opgenomen op pagina 81 van voornoemd dossier, inhoudende als relatering van [verbalisant 2]:

Verdachte [verdachte] heeft diverse contacten waar hij korte gesprekken mee voert om een afspraak tot ontmoeting mee te maken. Bij deze contacten zitten diverse, bij de politie bekende gebruikers van verdovende middelen.

De betrokken telefoonnummers werden opgevraagd via de CIOT waarbij de hieronder genoemde tenaamstellingen naar voren kwamen.

Telefoonnummer [telefoonnummer 6], [persoon 11], [adres 5]

Binnen de politiesystemen komt naar voren dat [persoon 11] antecenten heeft op het gebied van de Opiumwet.

Vanaf 20/01/2016 wordt er door dezelfde man een ander telefoonnummer gebruikt te weten [telefoonnummer 7]. Dit telefoonnummer staat op naam van [persoon 12], [adres 5]. Ik, [verbalisant 2], hoorde dat de stem gelijk was als aan de stem van de man met telefoonnummer [telefoonnummer 6], op naam van [persoon 11].

Telefoonnummer [telefoonnummer 8], [persoon 13], [adres 5]

Via de politiesystemen komt naar voren dat [persoon 13] een gebruiker van verdovende middelen is.

Telefoonnummer [telefoonnummer 9], [persoon 14], [adres 5]

Bij politiemedewerker [persoon 15] is ambtshalve bekend dat [persoon 14] een gebruiker van verdovende middelen is.

Telefoonnummer [telefoonnummer 10] , [bedrijf]

Binnen het politiesysteem staat het telefoonnummer op naam van [persoon 17]. Binnen dit onderzoek werd hij gehoord als getuige. In zijn verklaring spreekt hij over [persoon 3] als afnemer bij [verdachte]. Bij politiemedewerker [persoon 15] is ambtshalve bekend dat [persoon 3] en gebruiker van verdovende middelen is.

Telefoonnummer [telefoonnummer 11], [persoon 16], [adres 5]

Bij politiemedewerker [persoon 15] is ambtshalve bekend dat [persoon 16] een gebruiker van verdovende middelen is. Uit onderzoek binnen de politiesystemen komt naar voren dat de genoemde [persoon 4] waarschijnlijk [persoon 18], een veelpleger uit Groningen is. [persoon 4] Kloos komt binnen de politiesystemen naar voren als gebruiker van verdovende middelen.

Telefoonnummer [telefoonnummer 12] , na hit CIOT

Vanuit de eerder opgevraagde HISTO gegevens komt naar voren dat het om [persoon 19], [adres 5], gaat. Bij politiemedewerker [persoon 15] is ambtshalve bekend dat [getuige 5] een gebruiker van verdovende middelen is.

10. Een kennisgeving van inbeslagneming van Politie Noord-Nederland d.d. 5 februari 2016, opgenomen op pagina 6 van voornoemd dossier, inhoudende:

Inbeslagneming

Plaats [adres 4] Echtenerbrug

Datum en tijd 5 februari 2016 te 12.28 uur Beslagene

Achternaam [verdachte] Voornamen [verdachte] Geboren in 1958

Geboorteplaats [geboorteplaats] Goednummer PL0100-2015292334-675777

Categorie omschrijving Zak/tas/koffer Object Zak

Aantal/eenheid 3 St Kleur Wit

Inhoud Met restanten (mogelijk drugs) Bijzonderheden Boterhamzakjes

Goednummer PL0100-2015292334-675756

Categorie omschrijving Medicamenten/hulpmiddelen Object Verdovende mid (Cocaïne)

Aantal/eenheid 1 St Kleur Wit

Inhoud 12,75 gram Bijzonderheden In shag-drum zak

Goednummer PL0100-2015292334-675758

Categorie omschrijving Medicamenten/hulpmiddelen Object Verdovende mid (Heroïne)

Aantal/eenheid 1 St Kleur Bruin

Inhoud 10 gram

Bijzonderheden In shag-drum zak

Goednummer PL0100- 2015292334-675767

Categorie omschrijving Medicamenten/hulpmiddelen Object Verdovende mid (Cocaïne)

Aantal/eenheid 21 St

Inhoud Eén zakje met 21 witte bol wit = totaal 7.75 gram

Goednummer PL0100-2015292334-675783

Categorie omschrijving Medicamenten/hulpmiddelen Object Verdovende mid (Hashish)

Aantal/eenheid 1 St

Inhoud 0,10 gram

Bijzonderheden Boterhamzakje met vermoedelijk verdovend middel

Goednummer PL0100-2015292334-675853

Categorie omschrijving Medicamenten/hulpmiddelen Object Verdovende mid (Heroïne)

Aantal/eenheid 14 St

Bijzonderheden 14 bolletjes vermoedelijk heroïne (7,75 gram)

11. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van Politie Noord-Nederland d.d. 18 februari 2016, opgenomen op pagina 148 van voornoemd dossier, inhoudende als relatering van verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 4]:

Op 15 februari 2016 te 11:15 uur werden door mij verbalisant [verbalisant 4] de vermoedelijk verdovende middelen getest.

Waarnemingen en bevindingen Goednummer PL0100-2015292334-675756

Omschrijving een dichtgeknoopt zakje van kleurloos plastic met brokkelig beige poeder Bruto 15,196 gram

Netto 12,440 gram

Het bovenstaande goed werd getest mat de MMe Cocaïne/Crack test positief/negatief: positief op Cocaïne

Genomen monster : SIN AAJH9533NL

Goednummer PL0100-2015292334-675758

omschrijving een dichtgeknoopt zakje van kleurloos plastic met brokkelig bruin poeder Bruto 14,422 gram

Netto 10,162 gram

Het bovenstaande goed werd getest met de MMe Heroïne test positief/negatief: positief op Heroïne

Genomen monster : SIN AAJKB792NL

Goednummer PL0100-20l5292334-675767

omschrijving een dichtgeknoopt zakje van kleurloos plastic met 21 dichtgeknoopte bolletjes van kleurloos plastic met in elk brokkelig beige poeder

Bruto 7,317 gram

Netto 6,323 gram SIN AAJKBB23NL

Het bovenstaande goed werd getest met de MMe Cocaïne/Crack test positief/negatief: positief op Cocaïne

Goednummer P0100-2015292334-675853

Omschrijving een dichtgeknoopt zakje van kleurloos plastic met 14 bolletjes van kleurloos plastic met brokkelig lichtbruin poeder

Bruto 7,775 gram

Netto 6,380 gram

Het bovenstaande goed werd getest met de MMe Heroïne test positief/negatief: positief op Heroïne

Genomen monster : SIN AAJK8774NL

Goednummer PL0100-20l5292334-675777

Omschrijving 3 zakjes van kleurloos plastic met een wit poederresidu Bruto 3,203 gram

Netto geen restant na de test

Het bovenstaande goed werd getest met de MMe Cocaïne/Crack test positief/negatief: positief op Cocaïne

Bewezenverklaring

De rechtbank acht het ten laste gelegde bewezen, met dien verstande dat:

hij in de periode van 1 augustus 2013 tot en met 5 februari 2016 te Bolsward, gemeente Súdwest-Fryslân, en elders in de provincie Friesland, meermalen opzettelijk heeft verkocht en afgeleverd en vervoerd, hoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne en/of hoeveelheden van een materiaal bevattende heroïne,

zijnde cocaïne en heroïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I.

De verdachte zal van het meer of anders ten laste gelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht.

In de tenlastelegging voorkomende schrijffouten of kennelijke misslagen worden verbeterd gelezen. De verdachte is hierdoor niet in zijn belangen geschaad.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezen verklaarde levert op:

ten aanzien van het verkopen en afleveren

De voortgezette handeling van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, onder B, van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd.

ten aanzien van het vervoeren:

Opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, onder B, van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd.

Dit feit is strafbaar nu geen omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid uitsluiten.

Strafbaarheid van verdachte

De rechtbank acht verdachte strafbaar nu niet van enige strafuitsluitingsgrond is gebleken.

Strafmotivering

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 15 maanden met aftrek van het voorarrest.

Standpunt van de verdediging

De verdediging heeft primair gepleit voor vrijspraak. Subsidiair heeft de raadsman oplegging van een gevangenisstraf gelijk aan de duur van het voorarrest en een voorwaardelijke straf, eventueel nog aangevuld met een taakstraf, bepleit.

Oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan, de persoon van verdachte zoals deze naar voren is gekomen uit het onderzoek op de terechtzitting en de over hem opgemaakte rapportage, het hem betreffende uittreksel uit de justitiële documentatie, alsmede de vordering van de officier van justitie en het pleidooi van de raadsman.

De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het gedurende een lange periode, te weten tweeëneenhalf jaar, verkopen van heroïne en cocaïne aan verschillende gebruikers. Afgezien van enkele periodes waarin de verdachte in Marokko lijkt te hebben verbleven, komt uit het dossier een beeld naar voren van het structureel en zeer regelmatig verkopen van bolletjes aan diverse vaste klanten. Het is bekend dat cocaïne en heroïne stoffen zijn die een gevaar vormen voor de volksgezondheid. Het gebruik ervan leidt niet zelden tot ernstige verslavingsproblematiek hetgeen weer verwervingscriminaliteit tot gevolg kan hebben. Uit het uittreksel uit het justitiële documentatieregister d.d. 5 april 2016 blijkt dat verdachte reeds tweemaal eerder is veroordeeld voor het eveneens gedurende langere periodes dealen van harddrugs. Kennelijk hebben die eerdere veroordelingen de verdachte er niet van weerhouden opnieuw de fout in te gaan.

Integendeel: de rechtbank acht bewezen dat verdachte opnieuw begonnen is met verkopen vrijwel direct nadat hij uit detentie vrij kwam, en ook in een periode waarin hij wegens de VI (voorwaardelijke invrijheidstelling) in een proeftijd liep.

Nu de rechtbank komt tot een bewezenverklaring van dealen gedurende een langere periode dan waarvan de officier van justitie uitging, zal de rechtbank een hogere straf opleggen dan door de officier van justitie gevorderd.

Alles overwegende, met name gelet op de recidive, acht de rechtbank de oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van aanzienlijke duur passend en geboden. De rechtbank zal aan verdachte een gevangenisstraf opleggen voor de duur van 24 maanden.

Toepassing van wetsartikelen

De rechtbank heeft gelet op de artikelen 56 en 57 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

DE UITSPRAAK VAN DE RECHTBANK LUIDT:

Verklaart het ten laste gelegde bewezen, te kwalificeren en strafbaar zoals voormeld en verdachte daarvoor strafbaar.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan het bewezen verklaarde en spreekt verdachte daarvan vrij.

Veroordeelt verdachte tot:

Een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden.

Beveelt, dat de tijd door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en/of voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf, geheel in mindering zal worden gebracht.

Dit vonnis is gewezen door mr. F. Sieders, voorzitter, mr. J.Y.B. Jansen en mr. E. Groenendaal, rechters, bijgestaan door D.P. Postma-Westerhof, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 3 juni 2016.

Mr. Groenendaal is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

w.g.SiedersVOOR EENSLUIDEND AFSCHRIFT
Jansende griffier van de rechtbank Noord-Nederland,
Postma-Westerhoflocatie Leeuwarden,

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.