Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Noord-Holland, 26 augustus 2025

ECLI:NL:RBNHO:2025:9855Zaaknummer 11807228 \ EJ VERZ 25-234

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
26 augustus 2025
Publicatiedatum
31 oktober 2025
Zaaknummer
11807228 \ EJ VERZ 25-234
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Alkmaar
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

erfrecht: vereffening: termijn indienen vorderingen schuldeisers; artikel 4:214 BW

5 De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

bepaalt dat de vereffenaar de schuldeisers van de nalatenschap door middel van een publicatie in de (elektronische versie van de) Staatscourant zal oproepen hun vorderingen bij hem in te dienen vóór 31 oktober 2025.

Deze beschikking is gegeven door mr. J.S. Reid op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het procesverloop
  2. 2 De feiten
  3. 3 Het verzoek
  4. 4 De beoordeling
  5. 5 De beslissing

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Alkmaar

Zaaknr./repnr.: 11807228 \ EJ VERZ 25-234 (rvk)

Uitspraakdatum: 26 augustus 2025

Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:

De Staat der Nederlanden (ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), Het Rijksvastgoedbedrijf,

zetelend te Den Haag, vereffenaar in na te melden nalatenschap

verzoekende partij

verder te noemen: verzoeker of de vereffenaar

inzake

de nalatenschap van [overledene],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] en overleden op [datum van overlijden] te [plaats van overlijden],

laatstelijk gewoond hebbende te [woonplaats].

1 Het procesverloop

1.1.

De vereffenaar heeft een verzoekschrift ingediend, bij de griffie ontvangen op 15 juli 2025.

1.2.

Gelet op de aard van het verzoek is afgezien van een behandeling op een zitting.

2 De feiten

2.1.

Bij beschikking van deze rechtbank van 23 mei 2024 is verzoeker benoemd tot vereffenaar in bovengenoemde nalatenschap.

3 Het verzoek

3.1.

De vereffenaar heeft de kantonrechter verzocht een datum te bepalen waarvoor de schuldeisers van de nalatenschap hun vordering bij hem kunnen indienen.

4 De beoordeling

4.1.

De kantonrechter overweegt dat het verzoek op de wet is gegrond.

4.2.

Nu niet is gebleken van feiten of omstandigheden die zich tegen inwilliging van het verzoek verzetten, zal de kantonrechter, mede gelet op het bepaalde in artikel 4:214 van het Burgerlijk Wetboek (BW), het verzoek toewijzen als hieronder bepaald.

4.3.

De kantonrechter gaat ervan uit dat de oproeping van de schuldeisers van de nalatenschap onverwijld na ontvangst van deze beschikking zal geschieden en is van oordeel dat een termijn van ongeveer 2 maanden voor schuldeisers voldoende is om hun vorderingen bij de vereffenaar in te dienen. De kantonrechter zal de datum waarvoor de schuldeisers hun vorderingen moeten indienen bij de vereffenaar daarom op 31 oktober 2025 bepalen.

5 De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

bepaalt dat de vereffenaar de schuldeisers van de nalatenschap door middel van een publicatie in de (elektronische versie van de) Staatscourant zal oproepen hun vorderingen bij hem in te dienen vóór 31 oktober 2025.

Deze beschikking is gegeven door mr. J.S. Reid op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.