Uitspraak · Verbintenissenrecht

Rechtbank Noord-Holland, 4 juni 2025

ECLI:NL:RBNHO:2025:6414Zaaknummer 11447094 \ CV EXPL 24-8675

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
4 juni 2025
Publicatiedatum
23 juni 2025
Zaaknummer
11447094 \ CV EXPL 24-8675
Rechtsgebied
Civiel recht, Verbintenissenrecht
Procedure
Bodemzaak, Verstek
Zittingsplaats
Haarlem
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Ambtshalve toetsing. Verstek. Eindvonnis na akte. De eisende partij heeft nagelaten een toelichting te geven op de wijze van totstandkoming van de overeenkomst. Ook heeft zij niet gesteld en onderbouwd dat zij heeft voldaan aan de op haar rustende (pre)contractuele informatieplichten. Vordering afgewezen op stelplicht.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

wijst de vordering af;

3.2.

veroordeelt de eisende partij tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de gedaagde partij worden vastgesteld op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.P.E. Oomens en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het procesverloop
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 11447094 \ CV EXPL 24-8675

Uitspraakdatum: 4 juni 2025

Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van:

[eiser] B.V.

te [plaats 1]

de eisende partij

gemachtigde: mr. W.T.N. Vlasveld

tegen

[gedaagde]

te [plaats 2]

de gedaagde partij

niet verschenen

1 Het procesverloop

1.1.

De eisende partij heeft de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.

2 De beoordeling

2.1.

De eisende partij vordert veroordeling van de gedaagde partij tot betaling van € 813,07, te vermeerderen met de wettelijke rente, buitengerechtelijke incassokosten en de proceskosten.

2.2.

De vordering is gebaseerd op een overeenkomst tussen een handelaar en een consument. Bij het sluiten van dergelijke overeenkomsten moet ter bescherming van de consument aan de wettelijke (pre)contractuele informatieplichten van Boek 6, titel 5, afdeling 2B van het Burgerlijk Wetboek (BW) worden voldaan. Dat aan deze plichten is voldaan, moet gemotiveerd worden gesteld en onderbouwd. De kantonrechter moet er ambtshalve op toezien dat die voorschriften worden nageleefd, dus ook als er geen verweer is gevoerd.[_24d7eb55-eecf-4185-aaff-d7c7753b22ed]

2.3.

De eisende partij heeft nagelaten een toelichting te geven op de wijze van totstandkoming van de overeenkomst. Ook heeft zij niet gesteld en onderbouwd dat zij heeft voldaan aan de op haar rustende (pre)contractuele informatieplichten.

2.4.

De eisende partij heeft namelijk nagelaten een toelichting te geven over de wijze waarop zij heeft voldaan aan de op haar rustende precontractuele informatieplichten van artikel 6:230l BW.

Wat is hiervan het gevolg?

2.5.

Op grond van artikel 111 lid 2 onder d van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) moet de dagvaarding de eis en de gronden daarvan vermelden en op grond van artikel 21 Rv moet de eisende partij de voor de beslissing van belang zijnde feiten volledig en naar waarheid aanvoeren.

2.6.

De eisende partij heeft niet aan deze eisen voldaan.

2.7.

De proceskosten komen voor rekening van de eisende partij, omdat zij ongelijk krijgt. Deze worden aan de kant van de gedaagde partij tot en met vandaag vastgesteld op nihil.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

wijst de vordering af;

3.2.

veroordeelt de eisende partij tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de gedaagde partij worden vastgesteld op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.P.E. Oomens en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.