Uitspraak · Bestuursstrafrecht

Rechtbank Noord-Holland, 28 februari 2025

ECLI:NL:RBNHO:2025:13449Zaaknummer 11293077 WM VERZ 24-1325

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
28 februari 2025
Publicatiedatum
20 november 2025
Zaaknummer
11293077 WM VERZ 24-1325
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Bestuursstrafrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Alkmaar
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Gedraging is voldoende komen vast te staan. Geen aanleiding om boete te matigen. Beroep ongegrond.

De uitspraak

De kantonrechter:

‒ verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. D.D.M. Hazeu, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.

De griffier De kantonrechter

Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 Wahv hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.

Datum toezending:

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. De verkeersboete en het beroep
  2. De beoordeling
  3. De uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Alkmaar

Zaaknummer: 11293077 \ WM VERZ 24-1325

CJIB-nummer: ['nummer']

Uitspraakdatum: 28 februari 2025

Uitspraak op een beroep tegen een boete op grond van de Wet administratief-

rechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)

in de zaak van

naam: [betrokkene]

adres: [betrokkene]

woonplaats: [betrokkene]

(hierna te noemen: betrokkene).

De verkeersboete en het beroep

Aan betrokkene is een boete opgelegd voor een verkeersovertreding (parkeerboete). Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen de boete. Het beroep is behandeld op de zitting van 14 februari 2025. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. Er is na de zitting uitspraak gedaan.

De beoordeling

Betrokkene stelt in het beroepschrift dat er aan het begin en het einde van de straat geen bord staat, enkel een bord ‘eenrichtingsverkeer’.

De vertegenwoordiger van de officier van justitie stelt zich op de zitting op het standpunt dat op basis van de stukken in het dossier, de verklaring van de verbalisant en het raadplegen van Googlemaps Streetview is gebleken dat de bebording wel degelijk aanwezig was. Op de zitting toont de vertegenwoordiger van de officier van justitie de afbeeldingen van Googlemaps Streetview. Op beide toegangswegen is de bebording aanwezig en zichtbaar, zodat de boete terecht is opgelegd aldus de vertegenwoordiger van de officier van justitie.

De kantonrechter volgt de vertegenwoordiger van de officier van justitie en oordeelt dat, mede gelet op de zitting via Googlemaps Streetview door de vertegenwoordiger van de officier van justitie getoonde bebording ter plaatse, de boete terecht is opgelegd. Het is aan betrokkene als weggebruiker om te letten op de aanwezige bebording. De kantonrechter ziet ook geen reden om de boete te matigen.

Het beroep is daarom ongegrond.

De uitspraak

De kantonrechter:

‒ verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. D.D.M. Hazeu, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.

De griffier De kantonrechter

Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 Wahv hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.

Datum toezending:

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.