Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Noord-Holland, 12 juli 2023

ECLI:NL:RBNHO:2023:7907Zaaknummer 10457181 \ CV EXPL 23-1777

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
12 juli 2023
Publicatiedatum
20 september 2023
Zaaknummer
10457181 \ CV EXPL 23-1777
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Tussenuitspraak
Zittingsplaats
Alkmaar
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

artikel 96 Rv, recht op hoger beroep voorbehouden

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1

verwijst de zaak naar de civiele rolzitting van woensdag 9 augustus 2023 voor conclusie van antwoord;

3.2.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.E. Merkus en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het procesverloop
  2. 2 De beoordeling van de bevoegdheid van de kantonrechter
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Alkmaar

Zaaknr./rolnr.: 10457181 \ CV EXPL 23-1777 WT

Uitspraakdatum: 12 juli 2023

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

[eiser]

wonende te [woonplaats]

eiser, verweerder in het incident

verder te noemen: [eiser]

gemachtigde: mr. M. de Kock-Habernickel, advocaat

tegen

1.- [Gedaagde sub 1]

wonende te [woonplaats]

gedaagde, eiser in het incident

verder te noemen: [Gedaagde sub 1]

gemachtigde: mr. W.L.J. van Winden, advocaat

2.- [gedaagde sub 2]

wonende te [woonplaats]

gedaagde, eiseres in het incident

verder te noemen: [gedaagde sub 2]

gemachtigde: mr. W.L.J. van Winden

1 Het procesverloop

1.1.

[eiser] heeft bij dagvaarding van 6 april 2023 een vordering tegen [Gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 2] ingesteld. [Gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 2] hebben een incidentele conclusie tot onbevoegdheid genomen. [eiser] heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 De beoordeling van de bevoegdheid van de kantonrechter

2.5.

[Gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 2] stellen dat de kantonrechter niet bevoegd is om van de zaak kennis te nemen omdat het geschil de competentiegrens van € 25.000,00 (artikel 93 Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering) overschrijdt. Zij gaan ermee akkoord als het geschil op basis van artikel 96 Rv onder de bevoegdheid van de kantonrechter wordt gebracht, waarbij zij zich het recht op hoger beroep voorbehouden.

2.6.

[eiser] voert bij antwoord incident onder aanvulling van zijn eis in de hoofdzaak aan dat hij zich kan vinden in een bevoegdverklaring van de kantonrechter op grond van artikel 96 Rv eveneens onder de voorwaarde dat partijen overeenkomen dat hoger beroep open zal staan tegen het in deze zaak te wijzen vonnis in de hoofdzaak.

2.7.

De kantonrechter begrijpt uit de standpunten van partijen dat zij zich samen op basis van artikel 96 Rv tot de kantonrechter wenden en zijn beslissing inroepen, dit onder voorbehoud van het recht op hoger beroep. De kantonrechter acht zich dan ook bevoegd.

2.8.

De zaak wordt verwezen naar de rol voor conclusie van antwoord. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1

verwijst de zaak naar de civiele rolzitting van woensdag 9 augustus 2023 voor conclusie van antwoord;

3.2.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.E. Merkus en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.