Uitspraak · Bestuursprocesrecht

Rechtbank Midden-Nederland, 25 juni 2026

ECLI:NL:RBMNE:2026:7127Zaaknummer UTR 25/6305-V

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
25 juni 2026
Publicatiedatum
28 oktober 2026
Zaaknummer
UTR 25/6305-V
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Bestuursprocesrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Verzet
Zittingsplaats
Utrecht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verzet gegrond. Dubbel beroep, eerdere uitspraak vervalt.

De rechtbank

- verklaart het verzet gegrond;

- verklaart de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 17 april 2026 met zaaknummer UTR 25/6305 als vervallen.

Deze uitspraak is gedaan door mr. G. Schnitzler, rechter, in aanwezigheid van E.J.H.C. Hui, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 25 juni 2026.

de griffier is verhinderd

deze uitspraak te ondertekenen

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Tegen deze uitspraak kunt u niet in hoger beroep.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Procesverloop
  2. Overwegingen
  3. Beslissing
  4. Bent u het niet eens met deze uitspraak?

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: UTR 25/6305-V

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 juni 2026 op het verzet van

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, te Utrecht, opposante.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep dat geopposeerde heeft ingediend omdat opposante niet op tijd heeft beslist op het bezwaar in het kader van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA).

In de uitspraak van 17 april 2026 heeft de rechtbank het beroep gegrond verklaard.

Opposante is tegen deze uitspraak in verzet gegaan.

Opposante heeft niet gevraagd om op een zitting te worden gehoord.

Overwegingen

1. De rechtbank heeft in de uitspraak van 17 april 2026 het beroep gegrond verklaard, omdat opposante niet tijdig een besluit heeft genomen op het bezwaar van geopposeerde.

Omdat de rechtbank geen twijfel had over de uitkomst van de zaak, heeft zij de uitspraak gedaan zonder eerst een zitting te houden. Dat mag op grond van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

2. In deze zaak moet de rechtbank beoordelen of de rechtbank toen terecht heeft geoordeeld dat er geen twijfel over de uitkomst was en dat er dus geen zitting nodig was.

De rechtbank kijkt (nog) niet of opposante gelijk heeft met haar beroep. Dat gebeurt pas als de rechtbank van oordeel is dat de uitspraak van de rechtbank van 17 april 2026 niet juist was.

3. Volgens opposante is de uitspraak van de rechtbank van 17 april 2026 niet juist, omdat de rechtbank op 1 december 2025 (zaaknummer: UTR 25/6239) al een uitspraak heeft gedaan op het beroep niet tijdig beslissen op het bezwaar van 15 april 2025 tegen het besluit van 25 maart 2025 inzake mevrouw [A].

4. De rechtbank volgt opposante hierin. Zowel in de zaak met zaaknummer UTR 25/6239 als in de onderhavige zaak gaat het om hetzelfde beroep tegen het niet tijdig beslissen. Dit beroepschrift is van 29 oktober 2025 en is door de rechtbank per abuis dubbel geregistreerd. Dit betekent dat de uitspraak van 17 april 2026 onjuist is. Om die reden had de rechtbank het beroep niet zonder zitting mogen afdoen. Het verzet is dus gegrond, de uitspraak van 17 april 2026 vervalt (artikel 8:55, negende lid, van de Awb). Anders dan artikel 8:55, negende lid van de Awb bepaalt, wordt het onderzoek niet voortgezet in de stand waarin het zich bevond. Omdat het beroepschrift dubbel is geregistreerd, zal deze zaak administratief worden doorgehaald.

Beslissing

De rechtbank

- verklaart het verzet gegrond;

- verklaart de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 17 april 2026 met zaaknummer UTR 25/6305 als vervallen.

Deze uitspraak is gedaan door mr. G. Schnitzler, rechter, in aanwezigheid van E.J.H.C. Hui, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 25 juni 2026.

de griffier is verhinderd

deze uitspraak te ondertekenen

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Tegen deze uitspraak kunt u niet in hoger beroep.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.