Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Haarlem, 3 januari 2007

ECLI:NL:RBHAA:2007:AZ5612Zaaknummer 131174

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
3 januari 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
131174
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Wraking van wrakingskamer. Verzoekster niet ontvankelijk in haar wrakingsverzoek omdat dit verzoek is ingediend na de eindbeslissing van de wrakingskamer.

De rechtbank:

3.3 verklaart verzoekster niet ontvankelijk in haar verzoek om wraking;

3.4 bepaalt dat een volgend wrakingsverzoek van verzoekster niet in behandeling wordt genomen;

3.5 beveelt de griffier onverwijld aan verzoekster en de wrakingskamer een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van deze beslissing toe te zenden.

Deze beslissing is gegeven door mr. A.E. Patijn, voorzitter, en mrs. G. Guinau en

J.I. de Vreese-Rood, leden van de wrakingskamer, en in het openbaar uitgesproken op 3 januari 2007 in tegenwoordigheid van J.H.M. Bergkamp als griffier.

Rechtsmiddel

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1. Procesverloop
  2. 2. Het standpunt van verzoekster
  3. 3. Beoordeling
  4. 4. Beslissing

RECHTBANK HAARLEM

Wrakingskamer

zaaknummer: 131174 / HA RK 06-135

datum beslissing: 3 januari 2007

Op verzoek van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Bartnie Leisure B.V.,

verzoekster,

gemachtigde: L.A. van Vuuren.

1. Procesverloop

1.1 Bij schriftelijk verzoek van 15 december 2006 heeft verzoekster de wraking verzocht van mrs. A.J. van der Meer, M.J. Smit en A.A.F Donders, hierna tezamen ook te noemen: de wrakingskamer, in de bij deze rechtbank behandelde zaak met kenmerk 129377/HA RK 06-108, hierna te noemen: de wrakingszaak.

2. Het standpunt van verzoekster

2.1 Verzoekster heeft ter onderbouwing van haar verzoek aangevoerd, dat de wrakingskamer afwijzend heeft beslist op een verzoek tot wraking. De wrakingskamer heeft volgens verzoekster in de wrakingszaak gehandeld en beslist zonder eerst deugdelijk onderzoek te hebben gedaan. Zij verzoekt haar verzoek tot wraking (van mr. V.) alsnog toe te kennen of opnieuw te laten behandelen.

3. Beoordeling

3.1 De rechtbank zal verzoekster niet ontvankelijk verklaren in haar verzoek. De wet voorziet niet in de mogelijkheid om, wanneer de behandeling van een zaak is geëindigd door het wijzen van een einduitspraak, wraking te verzoeken van de rechters die deze uitspraak hebben gedaan. Op 8 december 2006 heeft de wrakingskamer op het (eerste) wrakings-verzoek van verzoekster een einduitspraak gedaan. Het nu aan de orde zijnde wrakingsver-zoek is ingediend op 15 december 2006, na de einduitspraak, en kan dus niet in behandeling worden genomen. Er zal ook geen zitting plaatsvinden waarop het nu aan de orde zijnde wrakingsverzoek zal worden behandeld, omdat dit niet tot een ander resultaat kan leiden.

3.2 De rechtbank ziet voorts aanleiding om toepassing te geven aan artikel 39, vierde lid van het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering, omdat gebleken is van misbruik van het rechtsmiddel wraking.

4. Beslissing

De rechtbank:

3.3 verklaart verzoekster niet ontvankelijk in haar verzoek om wraking;

3.4 bepaalt dat een volgend wrakingsverzoek van verzoekster niet in behandeling wordt genomen;

3.5 beveelt de griffier onverwijld aan verzoekster en de wrakingskamer een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van deze beslissing toe te zenden.

Deze beslissing is gegeven door mr. A.E. Patijn, voorzitter, en mrs. G. Guinau en

J.I. de Vreese-Rood, leden van de wrakingskamer, en in het openbaar uitgesproken op 3 januari 2007 in tegenwoordigheid van J.H.M. Bergkamp als griffier.

Rechtsmiddel

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.