Uitspraak · Verbintenissenrecht

Rechtbank Gelderland, 20 april 2023

ECLI:NL:RBGEL:2023:2323Zaaknummer 10215214

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
20 april 2023
Publicatiedatum
1 mei 2023
Zaaknummer
10215214
Rechtsgebied
Civiel recht, Verbintenissenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Op tegenspraak, Tussenuitspraak
Zittingsplaats
Arnhem
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Tussenvonnis, incasso openstaande facturen, opvragen nadere stukken op grond van artikel 22 Rv.

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

beveelt Nouta om nadere stukken – zoals in r.o. 2.3. en 2.4. is overwogen – bij akte in het geding te brengen;

3.2.

verwijst de zaak daartoe naar de rolzitting van vier weken na de datum van dit vonnis;

3.3.

houdt iedere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. E. Horsthuis en in het openbaar uitgesproken op 19 april 2023.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 Het geschil en de beoordeling daarvan
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK GELDERLAND

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Arnhem

Zaaknummer: 10215214 \ CV EXPL 22-8450 \ 520 \ 44356

Vonnis van 19 april 2023

in de zaak van

NOUTA WESTLAND GERECHTSDEURWAARDERSKANTOOR B.V.,

T.H.O.D.N. PUURNOUTA,

te Wateringen,

eisende partij,

hierna te noemen: Nouta,

gemachtigde: Nouta Westland Gerechtsdeurwaarders,

tegen

1. [gedaagde 1],

te [woonplaats],

gemachtigde: MKB Juridische Dienstverlening,2. [gedaagde 2],

te [woonplaats],

gedaagde partijen,

hierna samen te noemen: [gezamenlijke gedaagden].

gemachtigde: A.J. Vleugel

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding - de conclusie van antwoord - de conclusie van repliek - de conclusie van dupliek.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil en de beoordeling daarvan

2.1.

Nouta vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, des dat de een betalende de ander voor dat deel zal zijn bevrijd, [gezamenlijke gedaagden] hoofdelijk te veroordelen om aan haar te voldoen een bedrag van € 3.347,60, bestaande uit een hoofdsom van € 2.635,08, de contractuele rente tot 25 oktober 2022 van € 324,01 en de buitengerechtelijke incassokosten van € 388,51, te vermeerderen met de contractuele rente van 1% per maand vanaf 25 oktober 2022, althans vanaf de datum van de dagvaarding tot de dag van volledige betaling.

2.2.

Nouta legt aan haar vorderingen ten grondslag dat zij in opdracht van [gezamenlijke gedaagden] werkzaamheden heeft verricht ten einde een vijftal geldbedragen te incasseren. [gezamenlijke gedaagden] schiet toerekenbaar tekort in de nakoming van haar betalingsverplichtingen uit hoofde van deze overeenkomst(en) door de overeengekomen vergoedingen niet tijdig te voldoen.

2.3.

Ter onderbouwing van haar vordering heeft Nouta de algemene voorwaarden en de facturen overgelegd. Op grond hiervan kan niet worden vastgesteld welke prijs partijen zijn overeengekomen voor de werkzaamheden van Nouta. De kantonrechter ziet aanleiding om Nouta – ex artikel 22 Rv – te bevelen de onderliggende overeenkomst(en) van opdracht en overige schriftelijke stukken van de (nadien) gemaakte (prijs)afspraken, zoals bijvoorbeeld de toestemming voor het opstarten van een gerechtelijke procedure, in het geding te brengen.

2.4.

Voorts stelt Nouta dat [gezamenlijke gedaagden] via een online portaal de ontwikkelingen van het incassotraject kan volgen en via die weg ook instructies kan geven. Dit wordt door

[gezamenlijke gedaagden] betwist. De kantonrechter ziet aanleiding om Nouta – wederom ex

artikel 22 Rv – te bevelen stukken in het geding te brengen waaruit blijkt dat [gezamenlijke gedaagden] voor elk incassotraject toegang had tot dit portaal.

2.5.

Iedere beslissing wordt aangehouden.

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

beveelt Nouta om nadere stukken – zoals in r.o. 2.3. en 2.4. is overwogen – bij akte in het geding te brengen;

3.2.

verwijst de zaak daartoe naar de rolzitting van vier weken na de datum van dit vonnis;

3.3.

houdt iedere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. E. Horsthuis en in het openbaar uitgesproken op 19 april 2023.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.