Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Gelderland, 26 oktober 2020
ECLI:NL:RBGEL:2020:5837Zaaknummer C/05/378247 / FZ RK 20-2915
- Instantie
- Rechtbank Gelderland
- Datum uitspraak
- 26 oktober 2020
- Publicatiedatum
- 24 december 2020
- Zaaknummer
- C/05/378247 / FZ RK 20-2915
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
- Zittingsplaats
- Zutphen
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Voortzetting crisismaatregel afgewezen omdat dat er geen sprake is van doelmatigheid zoals genoemd in artikel 3:3 Wvggz. Het verlenen van verplichte zorg is niet effectief en mogelijk juist schadelijk voor betrokkene.
De rechtbank:
wijst af het verzoek tot een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van:
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats].
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 26 oktober 2020 door mr. A.E.M. Overkamp, rechter, in tegenwoordigheid van L. Stoevenbelt, griffier, en de schriftelijke uitwerking is vastgesteld op 3 november 2020. |
| Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open. |
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
beschikking
RECHTBANK GELDERLAND
Familie- en jeugdrecht
Zittingsplaats: Zutphen
Zaakgegevens: C/05/378247 / FZ RK 20-2915
Datum mondelinge uitspraak: 26 oktober 2020
Beschikking machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel Wvggz
naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot voortzetting van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],
wonende te [woonplaats],
verblijfadres: [adres],
op grond van een crisismaatregel geldend tot en met 25 oktober 2020,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. O.C.A. Sandberg-Vaillant te Vorden.
1 Procesverloop
Bij verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 23 oktober 2020, heeft de officier van justitie verzocht om voortzetting van de op 22 oktober 2020 opgelegde crisismaatregel.
De mondelinge behandeling heeft vanwege de situatie rondom het virus COVID-19 via beeldbellen plaatsgevonden op 26 oktober 2020.
Tijdens de mondelinge behandeling zijn telefonisch gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
- dhr. [naam], als psychiater verbonden aan GGNet.
Omdat een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig is, is de officier van justitie niet verschenen tijdens de mondelinge behandeling.
2 Beoordeling
Ten aanzien van de wijze waarop de procedure mondeling is behandeld, overweegt de rechtbank als volgt. Vanwege de maatregelen van de overheid ter bestrijding van het coronavirus (COVID-19) is het landelijk beleid van de Rechtspraak dat het niet is toegestaan de accommodatie waar betrokkene verblijft te bezoeken. Dit levert voor betrokkene en de medebewoners en verzorgers een onaanvaardbaar besmettingsgevaar op. Datzelfde geldt voor de medewerkers van de rechtbank, alsook voor bewoners en verzorgers van overige accommodaties indien van dit beleid zou worden afgeweken. Om die reden is besloten betrokkene via beeldbellen te horen.
De psychiater heeft tijdens de mondelinge behandeling aangegeven dat, ondanks dat er bij betrokkene sprake is van een psychische stoornis, die kan leiden tot ernstig nadeel, betrokkene niet gebaat is bij een langere (gedwongen) opname. In het verleden is vaker gezien dat als betrokkene langer opgenomen is, er meer schade wordt aangericht dan dat het iets oplevert. Het is van groot belang dat betrokkene zelf verantwoordelijkheid krijgt voor haar gedrag en door een opname, wordt die verantwoordelijkheid juist afgenomen. Betrokkene komt dan in een neerwaartse en negatieve spiraal terecht en daar is zij niet bij gebaat. Het helpt betrokkene juist om haar autonomie te geven, samen te gaan werken met de behandelaren en afspraken te maken over een behandeling. De psychiater pleit dan ook voor afwijzing van het verzoek. Betrokkene erkent dit en heeft (aarzelend) verklaard dat zij bereid is op vrijwillige basis mee te werken aan behandeling.
Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat er geen sprake is van doelmatigheid zoals genoemd in artikel 3:3 Wvggz. Het verlenen van verplichte zorg is niet effectief en mogelijk juist schadelijk voor betrokkene. De rechtbank zal dan ook het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel afwijzen.
3 Beslissing
De rechtbank:
wijst af het verzoek tot een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van:
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats].
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 26 oktober 2020 door mr. A.E.M. Overkamp, rechter, in tegenwoordigheid van L. Stoevenbelt, griffier, en de schriftelijke uitwerking is vastgesteld op 3 november 2020. |
| Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open. |
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.