Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 2 april 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:8017Zaaknummer NL26.5897

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
2 april 2026
Publicatiedatum
7 april 2026
Zaaknummer
NL26.5897
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Plakvovo – uitspraak gedaan op het beroep – verzoek afgewezen.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan op 2 april 2026 door mr. M.L. Weerkamp, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. P. Lukanika, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

Deze uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Procesverloop
  2. Overwegingen
  3. Beslissing

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

Zaaknummer: NL26.5897

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker], verzoeker,

V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. M.S. Yap)

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.

Procesverloop

Bij brief van 18 juli 2025 heeft verweerder verzoeker laten weten dat de bevriezingsmaatregel eindigt per 4 september 2025.

Verzoeker heeft hiertegen op 13 augustus 2025 beroep ingesteld.

Bij besluit van 28 januari 2026 heeft verweerder aan verzoeker een terugkeerbesluit opgelegd.

Op 3 maart 2025 heeft verzoeker de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De rechtbank doet uitspraak buiten zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb.[_bf8cf095-e67c-47e9-9d25-af52740e9f63]

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.37976, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan op 2 april 2026 door mr. M.L. Weerkamp, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. P. Lukanika, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

Deze uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.