Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 14 september 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:30288Zaaknummer C/09/703723 / FA RK 26-3962

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
14 september 2026
Publicatiedatum
20 oktober 2026
Zaaknummer
C/09/703723 / FA RK 26-3962
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Wijziging gezamenlijk gezag in eenhoofdig gezag.

Beslissing

De rechtbank – met wijziging in zoverre van de beschikking van deze rechtbank van 6 februari 2023 –:

*

bepaalt dat voortaan alleen aan de moeder, [de moeder], geboren op [geboortedatum 2] 1995 te [geboorteplaats 2], het gezag zal toekomen over de minderjarige:

- [minderjarige], geboren op [geboortedatum 1] 2015 te [geboorteplaats 1],

en verklaart deze gezagsvoorziening uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. C. Witteman, (kinder)rechter, bijgestaan door mr. S.G.J. Verkennis als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 14 september 2026.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Gezag
  2. Procedure
  3. Verzoek en verweer
  4. Feiten
  5. Beoordeling

Rechtbank DEN HAAG

Enkelvoudige kamer

Rekestnummer: FA RK 26-3962

Zaaknummer: C/09/703723

Datum beschikking: 14 september 2026

Gezag

Beschikking op het op 16 april 2026 ingekomen verzoek van:

[de moeder],

de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. F.G.T. Meershoek te Den Haag.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de vader],

de vader,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres.

Procedure

De rechtbank heeft kennis genomen van de stukken, waaronder:

- het verzoekschrift, met bijlagen;

- het F9-formulier van [geboortedatum 1] 2026, met bijlage, van de zijde van de moeder;

- de brief van [geboortedatum 1] 2026 van de zijde van de moeder;

- het F9-formulier van 29 april 2026, met bijlage, van de zijde van de moeder;

- het F9-formulier van 11 mei 2026, met bijlage, van de zijde van de moeder;

- het F9-formulier van 5 augustus 2026 van de zijde van de moeder.

Op 17 augustus 2026 is de zaak ter zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de moeder, bijgestaan door haar advocaat en [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming. De vader is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.

De minderjarige [minderjarige] (hierna ook: [minderjarige]) heeft zich in raadkamer uitgelaten over het verzoek.

Verzoek en verweer

Het verzoekschrift strekt tot beëindiging van het gezamenlijk gezag, in die zin dat de moeder verzoekt haar voortaan alleen te belasten met het gezag over de minderjarige [minderjarige].

De moeder doet haar verzoek steunen op de stelling dat de omstandigheden na dagtekening van voormelde beschikking zijn gewijzigd.

De vader is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen en heeft geen verweer gevoerd.

Feiten

- Partijen hebben een affectieve relatie gehad met elkaar.

- Zij zijn de ouders van het volgende thans nog minderjarige kind:

- [minderjarige], geboren op [geboortedatum 1] 2015 te [geboorteplaats 1].

- [minderjarige] heeft de hoofdverblijfplaats bij de moeder.

- Bij beschikking van 6 februari 2023 van deze rechtbank is de vader gezamenlijk met de moeder belast met het gezag over [minderjarige].

- Bij voornoemde beschikking is verder bepaald dat [minderjarige] bij de vader verblijft:

  • éénmaal per twee weken van vrijdagavond 18.00 uur tot zondagavond 18.00 uur, waarbij de vader [minderjarige] ophaalt bij de moeder en haar daar weer terugbrengt;
  • en gedurende de helft van de vakanties, als volgt:

in de oneven jaren:

- voorjaarsvakantie;

- meivakantie: eerste week;

- zomervakantie: week 4, 5 en 6;

- kerstvakantie: tweede week;

in de even jaren:

- herfstvakantie;

- meivakantie: tweede week;

- zomervakantie: week 1,2 en 3;

- kerstvakantie: eerste week;

- op Vaderdag en de verjaardag van de vader en dat zij bij de moeder verblijft: op Moederdag en de verjaardag van de moeder.

- Bij beschikking van 19 februari 2025 van deze rechtbank is –voor zover hier aan de orde –: aan de moeder toestemming verleend – welke de toestemming van de vader vervangt – om met [minderjarige] voor de periode van 20 februari 2025 tot en met 28 februari 2025 naar Egypte te reizen en aldaar te verblijven.

Beoordeling

Gezag

Op grond van artikel 1:253n, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan op verzoek van de niet met elkaar gehuwde ouders of één van hen het gezamenlijk gezag worden beëindigd, indien nadien de omstandigheden zijn gewijzigd. Op grond van artikel 1:253n, tweede lid, BW zijn de gronden van artikel 1:251a, eerste en derde lid, BW van overeenkomstige toepassing. Het gezamenlijk gezag kan slechts worden beëindigd, indien er een onaanvaardbaar risico is dat het kind klem of verloren zou raken tussen de ouders en niet te verwachten is dat hierin binnen afzienbare tijd voldoende verbetering zal komen, of wijziging van het gezag anderszins in het belang van het kind noodzakelijk is.

Voor gezamenlijk gezag is vereist dat ouders in feite in staat zijn tot een behoorlijke gezamenlijke gezagsuitoefening en dat zij beslissingen van enig belang over hun kinderen in gezamenlijk overleg kunnen nemen, althans ten minste in staat zijn vooraf afspraken te maken over situaties die zich rond het kind kunnen voordoen.

De moeder stelt dat de communicatie tussen de ouders ernstig is verstoord en dat er nauwelijks contact is tussen hen. Het komt vaak voor dat de moeder de vader in het geheel niet kan bereiken, dan wel dat de vader niet reageert. De vader heeft meermaals verzuimd de benodigde toestemming te verlenen voor gezagsgerelateerde kwesties, waardoor procedures bij de rechtbank noodzakelijk waren. Daarnaast heeft de vader op de zitting in 2025 aangegeven afstand te willen nemen van zijn verantwoordelijkheden rond [minderjarige]. Tussen de vader en [minderjarige] is er ook al geruime tijd weinig contact. Voorts heeft de vader aangegeven dat [minderjarige] inmiddels oud genoeg is om de communicatie via haar zelf te laten verlopen. Hierdoor wordt ze letterlijk tussen haar ouders ingezet door de vader, hetgeen absoluut niet in het belang van [minderjarige] is. De moeder is daarom van mening dat [minderjarige] klem en verloren zit tussen haar ouders en dat wijziging in het gezag in het belang van [minderjarige] noodzakelijk is. De moeder benadrukt daarbij dat zij geenszins de vader uit het leven van [minderjarige] wil wissen. Zij zal het contact tussen de vader en [minderjarige] altijd blijven stimuleren en faciliteren.

De rechtbank overweegt als volgt. Reeds omdat de vader de bij beschikking van 6 februari 2023 vastgestelde zorgregeling niet nakomt en [minderjarige] het afgelopen jaar maar enkele keren heeft gezien, is naar het oordeel van de rechtbank sprake van een wijziging van omstandigheden, zoals bedoeld in het hiervoor genoemde artikel. Dat betekent dat de moeder ontvankelijk is in haar verzoek.

De rechtbank is voorts van oordeel dat het verzoek van de moeder moet worden toegewezen. Op basis van de stukken en de behandeling ter zitting, waarbij de vader – hoewel behoorlijk opgeroepen – niet is verschenen, concludeert de rechtbank dat de vader nauwelijks meer betrokken is bij [minderjarige]. Hij is erg wisselend in het contact met [minderjarige] en heeft al verschillende keren nagelaten om toestemming te geven voor gezagsgerelateerde kwesties, waardoor de moeder heeft moeten procederen bij de rechtbank. Daarnaast heeft de moeder voldoende onderbouwd dat de verhouding tussen de ouders is verstoord en dat zij niet met elkaar kunnen communiceren. De rechtbank overweegt daarbij dat bij beschikking van 5 februari 2023 aan de vader mede gezag is verleend met daarbij het advies om ouderschapsbemiddeling te volgen. Het had op de weg van de ouders, met name de vader, gelegen om daar iets mee te doen. Nu de ouders dat niet vrijwillig hebben opgepakt èn de vader niet op de zitting is verschenen, zodat een doorverwijzing van de rechtbank nu niet mogelijk is, ziet de rechtbank ook geen mogelijkheden voor het verbeteren van de verstandhouding en de communicatie tussen de ouders. Daarbij heeft de vader in een App-bericht aan de moeder aangegeven dat de moeder niets aan hem hoeft te vragen, omdat zijn antwoord toch nee zal zijn. Verder heeft de vader aangegeven dat gezagsgerelateerde kwesties via [minderjarige] en niet tussen de ouders kunnen lopen en dat [minderjarige] alles zelf aan hem kan vragen. De rechtbank is met de moeder van oordeel dat dit absoluut niet wenselijk is en niet in het belang van [minderjarige] is.

Gelet op het voornoemde acht de rechtbank beëindiging van het gezamenlijk gezag, in die zin dat de moeder voortaan alleen met het gezag is belast, anderszins in het belang van [minderjarige] noodzakelijk.

Tot slot overweegt de rechtbank dat [minderjarige] in het kindgesprek heeft aangegeven dat zij haar vader graag vaker wil zien en een nachtje bij hem wil slapen. Het is bijzonder teleurstellend dat het ouders dan wel de vader kennelijk niet lukt om dit te organiseren en ook dat de rechtbank dit niet met de vader heeft kunnen bespreken op de zitting. De rechtbank hoopt dat, nu de moeder wordt belast met het eenhoofdig gezag over [minderjarige], er minder strijd is tussen de ouders. Wellicht kan de vader, als er meer rust komt, zich meer op [minderjarige] gaan richten en ruimte maken voor omgang met [minderjarige].

Kindbrief

De rechtbank heeft besloten om, naar aanleiding van hetgeen op de zitting is besproken, in een aparte brief aan [minderjarige] de uitkomst van de procedure en hetgeen op zitting is besproken uit te leggen. Hieronder volgt de tekst van die brief, zodat beide ouders weten welke boodschap [minderjarige] heeft ontvangen.

Beste [minderjarige],

Op maandag 17 augustus hebben wij elkaar gesproken. Je vertelde mij dat je het fijn zou vinden als je je vader vaker zou kunnen zien. Als jullie samen zijn, hebben jullie het heel leuk en je bent ook gek op de andere kinderen van je vader.

Ik had jou beloofd dat ik dat met je vader zou bespreken, als hij zou komen. Ik heb je vader wel uitgenodigd om samen met je moeder te komen praten, maar helaas is je vader niet gekomen. Dat betekent dat ik hem niet heb kunnen vragen waarom hij er maar zo weinig voor jou is. Dat vind ik heel jammer, vooral omdat ik het jou had gegund dat jullie het samen vaker gezellig zouden hebben en alle Harry Potterfilms zouden kijken.

Ik heb verder beslist dat jouw moeder voortaan alleen alle beslissingen over jou kan nemen. Er is geen toestemming van jouw vader meer nodig. Jouw vader wilde graag dat jij het zelf aan hem zou vragen als hij ergens voor moest tekenen, maar dat hoeft nu niet meer. Hopelijk betekent dit dat er minder strijd is tussen jouw ouders. Als er meer rust is tussen jouw ouders en minder boosheid, lukt het jouw vader misschien om zich wat meer op jou te richten. Dat hoop ik heel erg voor jou.

Dit is niet helemaal wat jij wilde, [minderjarige]. Helaas kan ik niet meer dan dit doen. Hopelijk draait je vader snel bij en maakt hij tijd voor jou.

Voor nu wens ik jou een hele goeie start in groep 8!

Vriendelijke groetjes, De kinderrechter

BeslissingDe rechtbank – met wijziging in zoverre van de beschikking van deze rechtbank van 6 februari 2023 –:

*

bepaalt dat voortaan alleen aan de moeder, [de moeder], geboren op [geboortedatum 2] 1995 te [geboorteplaats 2], het gezag zal toekomen over de minderjarige:

- [minderjarige], geboren op [geboortedatum 1] 2015 te [geboorteplaats 1],

en verklaart deze gezagsvoorziening uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. C. Witteman, (kinder)rechter, bijgestaan door mr. S.G.J. Verkennis als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 14 september 2026.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.