Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 16 juli 2026

ECLI:NL:RBDHA:2026:22936Zaaknummer C/09/708146 / FA RK 26-6625

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
16 juli 2026
Publicatiedatum
31 augustus 2026
Zaaknummer
C/09/708146 / FA RK 26-6625
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Internationale kinderontvoering / Bijzondere curator

De rechtbank:

*

benoemt tot bijzondere curator over de minderjarige:

mr. drs. A.M. (AnneMarie) Beijersbergen-Van Bosveld Heinsius

Kantoor: O2 Mediation

Adres: [adres 2] , [plaats 2]

Telefoon: [telefoonnummer]

E-mail: [e-mailadres 1] + [e-mailadres 2]

bepaalt dat de griffier een afschrift van de processtukken, waaronder de zittingsaantekeningen van de regiezitting, aan de bijzondere curator zal toesturen;

bepaalt dat de bijzondere curator uiterlijk twee dagen voor de nader te bepalen behandeling ter terechtzitting haar schriftelijk verslag aan de rechtbank en de (advocaten van de) ouders dient te sturen;

*

houdt iedere verdere beslissing aan;

*

verwijst de zaak naar de meervoudige kamer.

Deze beschikking is gegeven door mr. A.S. Perniciaro, rechter, ook kinderrechter, bijgestaan door mr. A.F. Lemmens als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 16 juli 2026.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Internationale kinderontvoering/benoeming bijzondere curator
  2. Procedure
  3. Feiten
  4. Verzoek en verweer
  5. Beoordeling
  6. Beslissing

Rechtbank Den HAAG

Enkelvoudige Kamer

Rekestnummer: FA RK 26-6625

Zaaknummer: C/09/708146

Datum beschikking: 16 juli 2026

Internationale kinderontvoering/benoeming bijzondere curator

Beschikking in het kader van het op 30 juni 2026 ingekomen verzoek van:

[de vader],

de vader,

wonende in [land],

advocaat: mr. A.L. Weterings in Oegstgeest.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de moeder],

de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. M.T. Wernsen te Voorburg.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van het verzoekschrift, met bijlagen.

Op 14 juli 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen:

  • de vader, bijgestaan door mr. J.H. Weermeijer-Patist als waarnemend advocaat;
  • de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
  • de tolk, P. Karpinska die beide ouders heeft bijgestaan in de Poolse taal;
  • [naam], namens de Raad voor de Kinderbescherming.

Het betrof hier een regiezitting met het oog op crossborder mediation in internationale kinderontvoeringszaken met als behandelend rechter, ook kinderrechter, mr. A.S. Perniciaro. De behandeling op de zitting is aangehouden.

Op genoemde regiezitting is aan partijen de gelegenheid geboden om een crossborder mediation traject te volgen, gefaciliteerd door het Mediation Bureau van het Centrum Internationale Kinderontvoering, teneinde tot een minnelijke regeling te komen. Partijen hebben daar om hen moverende redenen geen gebruik van gemaakt.

Feiten

  • De vader en de moeder zijn gehuwd geweest van [datum] 2009.
  • Bij beslissing van 22 maart 2018 van de districtsrechtbank in Warschau, 6de Afdeling Gezin en Minderjarigen is de echtscheiding tussen partijen uitgesproken.
  • Zij zijn de ouders van het volgende nu nog minderjarige kind:

[minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2016 in [geboorteplaats], [geboorteland].

  • Bij beslissing van 22 maart 2018 van de districtsrechtbank in Warschau, 6de Afdeling Gezin en Minderjarigen is ook – voor zover hier van belang –:
  • bepaald dat beide ouders het ouderlijk gezag over [minderjarige] hebben;
  • bepaald dat [minderjarige] haar hoofdverblijf bij de moeder zal hebben;
  • een zorgregeling met de vader vastgesteld waarbij [minderjarige] elk tweede even weekend per maand bij de vader is.
  • Bij beslissing van 22 juni 2022 van de districtsrechtbank in Warschau, 6de Afdeling Gezin en Minderjarigen is, met wijziging van de beslissing van 22 maart 2018, bepaald dat voor de duur van de procedure, de verblijfplaats van [minderjarige] telkens de woonplaats van haar vader zal zijn.
  • Bij beslissing van 18 november 2022 van de districtsrechtbank in Warschau, 6de Afdeling Gezin en Minderjarigen is, met wijziging van de beslissing van 22 maart 2018, – voor zover hier van belang –:
  • bepaald dat het ouderlijk gezag over [minderjarige] wordt toevertrouwd aan haar vader (en aldus bepaald dat de verblijfplaats van de minderjarige bij de vader zal zijn), en zodoende het ouderlijk gezag van de moeder beperkt wordt voor wat betreft het meebeslissen over belangrijke zaken van het kind op het gebied van gezondheid, onderwijs en buitenlandse reizen van meer dan zeven dagen;
  • een omgangsregeling met de moeder vastgesteld waarbij [minderjarige] elk tweede even weekend per maand bij de moeder is.
  • De vader, de moeder en [minderjarige] hebben allen de Poolse nationaliteit.
  • De vader heeft zich gewend tot de Nederlandse Centrale Autoriteit (CA). De zaak is bij de CA geregistreerd onder IKO nr. 250121.

Verzoek en verweer

De vader verzoekt:

  • de onmiddellijke terugkeer van [minderjarige] te bevelen, althans de terugkeer van e [minderjarige] vóór een door de rechtbank in goede justitie te bepalen datum te bevelen, waarbij de moeder [minderjarige] dient terug te brengen naar [land], meer specifiek [adres 1] te [plaats 1], dan wel – indien de moeder nalaat [minderjarige] terug te brengen – te bepalen op welke datum de moeder [minderjarige] met de benodigde geldige reisdocumenten aan de vader zal afgeven, zodat hij [minderjarige] zelf mee terug kan nemen naar [land];
  • op grond van artikel 13 lid 4 van de Uitvoeringswet een gecertificeerde instelling als bedoeld in artikel 1.1 van de jeugdwet te belasten met de voorlopige voogdij over [minderjarige];
  • te bepalen dat de moeder wordt veroordeeld tot voldoening van de proceskosten van de vader, zijnde advocaatkosten van € 3.025,- incl. BTW, alsmede griffierechten ad € 341,- en de kantoorkosten ad € 75,-, te vermeerderen met reis- en verblijfskosten en

eventuele kosten voor het aanvragen van een (voorlopig) reisdocument en de reis- en

verblijfkosten van de vader en [minderjarige] indien de vader [minderjarige] dient op te halen om terug te keren naar [land];

- althans zodanige beslissingen te nemen als de rechtbank in goede justitie acht,

voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.

De moeder heeft nog geen verweer gevoerd tegen het verzoek van de vader.

Beoordeling

Ingevolge artikel 1:250 van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan de rechtbank een bijzondere curator benoemen. De rechtbank vindt het, gelet op de aard van de zaak en van de daarin spelende belangenstrijd, in het belang van de minderjarige noodzakelijk een bijzondere curator te benoemen.

De rechtbank verzoekt de bijzondere curator de volgende vragen te beantwoorden:

  • Wat geeft de minderjarige zelf aan over een eventueel verblijf in [land] en een eventueel verblijf in Nederland?
  • In hoeverre lijkt de minderjarige zich vrij te kunnen uiten?
  • In hoeverre lijkt de minderjarige de gevolgen van het verblijf in [land] of het verblijf in Nederland te overzien?
  • Wil de minderjarige met de rechter(s) spreken en zo ja, wenst de minderjarige dat de bijzondere curator daarbij aanwezig zal zijn?

De rechtbank verzoekt de bijzondere curator hierbij met de minderjarige te bespreken dat het gesprek mogelijk met drie rechters gevoerd gaat worden (waarbij er mogelijk twee rechters via een beeldscherm deelnemen).

5. Ziet de bijzondere curator aanleiding om het kindgesprek online te houden?

6. Is het nodig dat er een tolk aanwezig is bij het kindgesprek en zo ja, in welke taal (en indien van toepassing welk dialect)?

7. Zijn er nog bijzonderheden naar voren gekomen die van belang zijn voor de te nemen beslissingen?

Van de bijzondere curator wordt verwacht dat deze door gesprekken te voeren met de minderjarige probeert zicht te krijgen op de mening van de minderjarige ten aanzien van het verblijf in [land] en het verblijf in Nederland en vervolgens die mening van de minderjarige naar voren te brengen in deze procedure. Het is nadrukkelijk niet de bedoeling van de rechtbank dat de bijzondere curator hierbij de ouders zal betrekken. Het gaat alleen om gesprekken met de minderjarige.

Van de moeder wordt verwacht dat zij volledige medewerking verleent aan het inplannen en uitvoeren van de gesprekken van de minderjarige met de bijzondere curator.

Van haar bevindingen dient de bijzondere curator uiterlijk twee dagen voor de nader te bepalen behandeling ter terechtzitting een schriftelijk verslag aan de rechtbank en de ouders toe te sturen. De bijzondere curator licht het verslag zo nodig ter terechtzitting toe.

De rechtbank zal de zaak voor de verdere inhoudelijke behandeling verwijzen naar de meervoudige kamer van deze rechtbank.

(alleen opnemen indien kostenveroordeling is verzocht)

Beslissing

De rechtbank:

*

benoemt tot bijzondere curator over de minderjarige:

mr. drs. A.M. (AnneMarie) Beijersbergen-Van Bosveld Heinsius

Kantoor: O2 Mediation

Adres: [adres 2] , [plaats 2]

Telefoon: [telefoonnummer]

E-mail: [e-mailadres 1] + [e-mailadres 2]

bepaalt dat de griffier een afschrift van de processtukken, waaronder de zittingsaantekeningen van de regiezitting, aan de bijzondere curator zal toesturen;

bepaalt dat de bijzondere curator uiterlijk twee dagen voor de nader te bepalen behandeling ter terechtzitting haar schriftelijk verslag aan de rechtbank en de (advocaten van de) ouders dient te sturen;

*

houdt iedere verdere beslissing aan;

*

verwijst de zaak naar de meervoudige kamer.

Deze beschikking is gegeven door mr. A.S. Perniciaro, rechter, ook kinderrechter, bijgestaan door mr. A.F. Lemmens als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 16 juli 2026.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.