Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Den Haag, 11 juni 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:19208Zaaknummer C/09/640826 / FA RK 23-77
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 11 juni 2026
- Publicatiedatum
- 28 juli 2026
- Zaaknummer
- C/09/640826 / FA RK 23-77
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Herstelbeschikking: regiehoudende instantie is veranderd nadat partijen overeenstemming hadden bereikt.
De rechtbank:
*
bepaalt dat onder regie van [zorginstantie] wordt toegewerkt naar een verdeling van de zorg- en de opvoedingstaken waarbij de minderjarigen:
- [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2012 in [geboorteplaats],
- [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2015 in [geboorteplaats],
om de veertien dagen van vrijdag uit school tot zondag 18:00 uur bij de vrouw zijn, waarbij de vrouw de kinderen haalt en terugbrengt naar de man;
*
bepaalt dat onder regie van [zorginstantie] een verdeling van de vakanties bij helfte wordt vastgesteld;
*
handhaaft de beschikking van 15 april 2026 voor het overige.
| De beschikking van 15 april 2026 is hersteld door mr. H.M. Boone, (kinder)rechter, bijgestaan door mr. A.I. Knops als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 11 juni 2026. |
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige Kamer
Rekestnummer: FA RK 23-77
Zaaknummer: C/09/640826
Datum verbetering: 11 juni 2026
Verbetering van een beschikking
Bijlage bij de beschikking van 15 april 2026, gegeven op 11 juni 2026
in de zaak waarin op 15 april 2026 een beschikking is gegeven en uitgesproken, op verzoek van:
[de vrouw],
de vrouw,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. J.A. Hoste in ’s-Gravenhage, voorheen: mr. L.P. Lagerweij in Delft.
waarin als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de man],
de man,
wonende in [woonplaats],
advocaat: mr. N.T. Vogelaar in Maasdijk.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de brief met bijlage van 12 mei 2026 van de man.
Verzoek en verweer
In de brief van 12 mei 2026 van de vrouw wordt verzocht om een herstelbeschikking af te geven. Partijen hadden overeenstemming bereikt en hebben deze overeenstemming laten vastleggen in de beschikking van 15 april 2026. Ten tijde van de overeenstemming zou Jeugdformaat de betrokken en regie houdende instantie zijn – zodat dit is opgenomen in de beschikking – echter is gebleken dat de regie via [zorginstantie] loopt. In de praktijk lopen partijen tegen problemen aan omdat de hulpverlening niet van de grond komt omdat [zorginstantie] niet expliciet is genoemd in de beschikking, terwijl dit wel noodzakelijk is voor de aanvraag en financiering. De vrouw verzoekt daarom een herstelbeschikking af te geven.
De man is in de gelegenheid gesteld te reageren op voormeld verzoek. Hij heeft geen verweer gevoerd tegen het verzoek.
Beoordeling
Nu de rechtbank gebleken is dat aan de beschikking van 15 april 2026 geen uitvoering kan worden gegeven, en daarmee de beschikking van 15 april 2026 een kennelijke, ook voor partijen kenbare en voor eenvoudige herstel vatbare fout bevat, dient die beschikking op grond van artikel 31 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering te worden verbeterd zoals hierna weergegeven.
Wegens vertrek van mr. G. van Zeben-de Vries is deze beschikking herstel door mr. H.M. Boone, teamvoorzitter en (kinder)rechter.
Beslissing
De rechtbank:
*
verbetert voormelde beschikking van 15 april 2026 in die zin dat het lichaam op pagina 2 komt te luiden:
De ouders hebben op de zitting laten weten overeenstemming te hebben bereikt. Zij hebben afgesproken dat onder regie van [zorginstantie] wordt toegewerkt naar een zorgregeling waarbij de kinderen om de veertien dagen van vrijdag uit school tot zondag 18:00 uur bij de vrouw zijn. De vrouw zal het halen en het brengen voor haar rekening nemen. Onder regie van [zorginstantie] zal verder een verdeling van de vakanties worden gemaakt waar wordt uitgegaan van een verdeling bij helfte.
De rechtbank zal overeenkomstig de tussen de ouders bereikte overeenstemming beslissen, nu niet gebleken is dat het belang van de kinderen zich daartegen verzet. De rechtbank beschouwt de andersluidende verzoeken als ingetrokken.
*
verbetert voormelde beschikking van 15 april 2026 in die zin dat het dictum komt te luiden:
De rechtbank:
*
bepaalt dat onder regie van [zorginstantie] wordt toegewerkt naar een verdeling van de zorg- en de opvoedingstaken waarbij de minderjarigen:
- [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2012 in [geboorteplaats],
- [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2015 in [geboorteplaats],
om de veertien dagen van vrijdag uit school tot zondag 18:00 uur bij de vrouw zijn, waarbij de vrouw de kinderen haalt en terugbrengt naar de man;
*
bepaalt dat onder regie van [zorginstantie] een verdeling van de vakanties bij helfte wordt vastgesteld;
*
handhaaft de beschikking van 15 april 2026 voor het overige.
| De beschikking van 15 april 2026 is hersteld door mr. H.M. Boone, (kinder)rechter, bijgestaan door mr. A.I. Knops als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 11 juni 2026. |
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.