Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Den Haag, 28 april 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:14084Zaaknummer C/09/690569 / FA RK 25-6401
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 28 april 2026
- Publicatiedatum
- 11 juni 2026
- Zaaknummer
- C/09/690569 / FA RK 25-6401
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Toewijzing verzoek moeder tot eenhoofdig gezag
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 25-6401
Zaaknummer: C/09/690569
Datum beschikking: 28 april 2026
Gezag
Beschikking op het op 21 augustus 2025 ingekomen verzoek van:
[de moeder],
de moeder,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. S.K. Gopal in Den Haag.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de vader],
de vader,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. N. el Hadje in Rotterdam.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
- het verzoekschrift, met bijlagen, namens de moeder;
- de referteverklaring van de vader, ingekomen op 20 april 2026.
[minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben hun mening gegeven over het verzoek in een gesprek met de kinderrechter.
Gelet op de referteverklaring van de vader heeft de geplande mondelinge behandeling op
21 april 2026 geen doorgang gevonden.
Feiten
- De moeder en de vader zijn gehuwd geweest tot [datum] 2024.
- Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:
- [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2010 in [geboorteplaats 1], [land];
- [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2017 in [geboorteplaats 1], [land].
- De ouders oefenen het gezamenlijk gezag over de kinderen uit.
- De kinderen verblijven bij de moeder.
- Bij beschikking van deze rechtbank van 12 december 2024 is toestemming aan de moeder verleend – welke toestemming die van de vader vervangt – voor de aanvraag van een reisdocument voor de kinderen.
- Volgens de Basisregistratie Personen heeft de moeder in ieder geval de Marokkaanse nationaliteit en hebben de vader en de kinderen in ieder geval de Nederlandse nationaliteit.
Verzoek en verweer
De moeder verzoekt het gezamenlijk gezag te beëindigen, zodat de moeder met het eenhoofdig gezag over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] wordt belast, voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad en kosten rechtens.
De vader heeft één dag voor de geplande mondelinge behandeling een referteverklaring overgelegd.
Beoordeling
Gezag
Rechtsmacht en toepasselijk recht
Aangezien de gewone verblijfplaats van de kinderen in Nederland is, is de Nederlandse rechter bevoegd om naar het recht van Nederland te beslissen op het verzoek tot eenhoofdig gezag.
Juridisch kader
Volgens artikel 1:253n lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan de rechtbank op verzoek van de niet met elkaar gehuwde ouders of één van hen het gezamenlijk gezag dat van rechtswege is ontstaan beëindigen, als nadien de omstandigheden zijn gewijzigd. Op grond van lid 2 van dit artikel zijn de gronden van artikel 1:251a lid 1 BW van overeenkomstige toepassing. Het gezamenlijk gezag kan daarom worden beëindigd, als: (a) er een onaanvaardbaar risico is dat het kind klem of verloren zou raken tussen de ouders en niet te verwachten is dat hierin binnen afzienbare tijd voldoende verbetering zou komen, of (b) wijziging van het gezag anderszins in het belang van het kind noodzakelijk is.
Ontvankelijkheid
De rechtbank is gebleken dat na het ontstaan van het gezamenlijk gezag de omstandigheden zijn gewijzigd, omdat er al langere tijd geen communicatie meer is tussen de ouders en tussen de vader en de kinderen. De rechtbank zal daarom de moeder ontvangen in haar verzoek.
Inhoudelijke beoordeling
De rechtbank zal de moeder belasten met het eenhoofdig gezag over de kinderen. Daarvoor heeft de rechtbank de volgende redenen. Gebleken is dat de vader in ieder geval sinds de echtscheiding uit het leven van de kinderen is. Er is geen contact tussen de vader en de kinderen en ook niet tussen de ouders. De kinderen hebben aangegeven dat zij de vader inmiddels drie jaar niet meer hebben gezien. De vader geeft feitelijk geen invulling aan het gezag. De rechtbank acht het in het belang van de kinderen, gelet op het gebrek aan contact met en betrokkenheid van de vader, dat de moeder in het vervolg zelfstandig gezagsbeslissingen over hen kan nemen. De rechtbank zal daarom het verzoek van de moeder toewijzen.
Proceskosten
Aangezien het hier een procedure van familierechtelijke aard betreft, zal de rechtbank de proceskosten compenseren zoals hierna vermeld.
BeslissingDe rechtbank:
*
bepaalt dat voortaan alleen aan [de moeder], geboren op
[geboortedatum 3] 1974 in [geboorteplaats 2], [land], het gezag zal toekomen over de minderjarigen:
- [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2010 in [geboorteplaats 1], [land];
- [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2017 in [geboorteplaats 1], [land],
en verklaart deze gezagsvoorziening uitvoerbaar bij voorraad;
*
bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.
| Deze beschikking is gegeven door mr. P. Burgers, kinderrechter, bijgestaan door mr. P.M.A. van Oosten als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 28 april 2026. |
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.