Uitspraak · Bestuursrecht
Rechtbank Den Haag, 21 mei 2025
ECLI:NL:RBDHA:2025:9398Zaaknummer NL25.18098
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 21 mei 2025
- Publicatiedatum
- 4 juni 2025
- Zaaknummer
- NL25.18098
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Voorlopige voorziening
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Dublin, vovo toegewezen, België, afwachten Afdelingsuitspraak alleenstaande niet-kwetsbare mannen.
Beslissing
De voorzieningenrechter:
- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe in die zin dat verzoeker niet mag worden overgedragen aan België totdat is beslist op het beroep met zaaknummer NL25.18097;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 907,-.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J. Smeets, rechter, in aanwezigheid van V. Nooteboom, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger rechtsmiddel open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.18098
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], V-nummer: [V-nummer], verzoeker
(gemachtigde: mr. W.J. Rohlof),
en
de minister van Asiel en Migratie,
Inleiding
1. Bij besluit van 17 april 2025 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat België verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoeker heeft op 17 april 2025 tegen het bestreden besluit beroep (met zaaknummer NL25.18097) ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
2. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
3. De rechtbank heeft in de beroepszaak (NL25.18097) iedere verdere beslissing aangehouden in afwachting van de uitspraak van de Afdeling[_42bc1896-73ce-4f85-a097-bd4e9e8d8286] naar aanleiding van de zitting van 11 december 2024 over de vraag of overdracht aan België mogelijk is voor alleenstaande niet-kwetsbare mannen, gelet op de opvangvoorzieningen.
4. De voorzieningenrechter ziet alle betrokken belangen afwegend aanleiding het verzoek om een voorlopige voorziening toe te wijzen. Het belang van eiser om zijn beroep hier af te wachten weegt zwaarder dan het belang van verweerder om eiser al over te dragen voordat de Afdeling zich heeft uitgelaten over de mogelijkheid om alleenstaande, niet-kwetsbare mannen aan België over te dragen en voordat op het beroep tegen het bestreden besluit is beslist. Verzoeker mag dus niet worden overgedragen aan de Belgische autoriteiten, totdat op het beroep tegen het bestreden besluit is beslist.
5. De voorzieningenrechter veroordeelt verweerder in de door verzoeker gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 907,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor 1).
Beslissing
De voorzieningenrechter:
- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe in die zin dat verzoeker niet mag worden overgedragen aan België totdat is beslist op het beroep met zaaknummer NL25.18097;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 907,-.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J. Smeets, rechter, in aanwezigheid van V. Nooteboom, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger rechtsmiddel open.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.