Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 18 december 2025

ECLI:NL:RBDHA:2025:24849Zaaknummer AWB 22/4441

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
18 december 2025
Publicatiedatum
23 december 2025
Zaaknummer
AWB 22/4441
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Voorlopige voorziening
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Plakvovo; afgewezen.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan op 18 december 2025 door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M. Gasi, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffiervoorzieningenrechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [verzoeker] , verzoeker
  2. Procesverloop
  3. Overwegingen
  4. Beslissing
  5. Rechtsmiddel

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

Zaaknummer: AWB 22/4441

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker] , verzoeker

V-nummer: [V-nummer],

en

de minister van Asiel en Migratie,[_4919ad29-5705-4929-8221-e4c8e51a9baa] verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 30 juni 2022 (het primaire besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot afgifte van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde niet in behandeling genomen.

Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het primaire besluit. Daarnaast heeft hij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Bij besluit van 18 augustus 2025 heeft verweerder op het bezwaar beslist.

Verzoeker heeft beroep (AWB 22/5625) ingesteld tegen het besluit van 18 augustus 2025. Op grond van artikel 8:81, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) heeft het verzoek te gelden als gedaan hangende het beroep.

De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag in de zaak met nummer AWB 22/5625 heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep waarop dit verzoek om een voorlopige voorziening betrekking heeft. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. Om die reden wordt het verzoek als kennelijk ongegrond afgewezen.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan op 18 december 2025 door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M. Gasi, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffiervoorzieningenrechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.