Uitspraak · Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag, 19 november 2025
ECLI:NL:RBDHA:2025:21993Zaaknummer NL25.49187
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 19 november 2025
- Publicatiedatum
- 21 november 2025
- Zaaknummer
- NL25.49187
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Verzoek om een voorlopige voorziening – verzoek toegewezen – ordemaatregel – schorst het bestreden besluit en bepaalt dat verzoekster niet mag worden uitgezet.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.49187
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoekster], verzoekster
V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. S.J. van der Woude),
en
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
In het besluit van 2 oktober 2025 (het bestreden besluit) heeft verweerder verzoekster haar bezwaar tegen de afwijzing van de aanvraag tot afgifte van een document waaruit blijkt dat zij een afgeleid verblijfsrecht heeft op grond van artikel 20 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie ongegrond verklaard.
Verzoekster heeft beroep (NL25.49185) ingesteld tegen het bestreden besluit. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen, die inhoudt dat zij de beroepsprocedure in Nederland mag afwachten.
Verweerder is niet ingegaan op het (herhaalde) verzoek van de voorzieningenrechter om een verweerschrift in te dienen.
De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak buiten zitting.
Overwegingen
1. Op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Awb kan de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd is of kan worden in de hoofdzaak op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een eventuele bodemzaak niet.
2. Verweerder heeft zich niet verzet tegen het treffen van een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter ziet hierin aanleiding om bij wijze van ordemaatregel het verzoek toe te wijzen, het bestreden besluit te schorsen en te bepalen dat verzoekster niet mag worden uitgezet tot vier weken nadat op het beroep is beslist, omdat zij op grond van artikel 8, eerste lid, onder h, van de Vreemdelingenwet 2000 rechtmatig in Nederland verblijft.
3. In de toewijzing van het verzoek ziet de voorzieningenrechter aanleiding om verweerder te veroordelen in de door verzoekster gemaakte proceskosten. Deze worden op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vastgesteld op € 907, bestaande uit een punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van € 907 en vermenigvuldigd met wegingsfactor 1 (gemiddeld). Ook dient verweerder het door verzoekster betaalde griffierecht van € 194 vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter:
- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe;
- treft de voorlopige voorziening dat het bestreden besluit wordt geschorst en dat verzoekster niet mag worden uitgezet tot vier weken nadat op het beroep (NL25.49185) is beslist;
- veroordeelt verweerder in de door verzoekster gemaakte proceskosten ter hoogte van € 907;
- bepaalt dat verweerder het griffierecht van € 194 aan verzoekster moet vergoeden.
Deze uitspraak is gedaan op 19 november 2025 door mr. M.L. Weerkamp, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. R. de Mul, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Aangehaald in
- ECLI:NL:RBDHA:2026:30899 Rechtbank Den Haag, 20 oktober 2026 (vreemdelingenrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.