Uitspraak · Insolventierecht

Rechtbank Den Haag, 21 mei 2025

ECLI:NL:RBDHA:2025:15484Zaaknummer insolventienummer: R.09/25/1004

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
21 mei 2025
Publicatiedatum
1 september 2025
Zaaknummer
insolventienummer: R.09/25/1004
Rechtsgebied
Civiel recht, Insolventierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Toewijzing verzoek Wsnp. Eerdere ingangsdatum: vanaf voldoende aantoonbaar solliciteren sinds correcte berekening vtlb.

De rechtbank:

- spreekt de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:

[verzoekster],

geboren op [geboortedatum] -1975 te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ),

wonende te [adres 1], [postcode 1] [woonplaats],

- wijst het verzoek tot het bepalen van een eerdere ingangsdatum toe;

- stelt de termijn van deze regeling vast op achttien maanden, te rekenen vanaf 1 maart 2025;

- stelt vast dat door deze uitspraak alle gelegde beslagen komen te vervallen;

- benoemt tot rechter-commissaris mr. L. Mundt en tot bewindvoerder: [naam 4],

[adres 2], [postcode 2] [plaats];

- geeft de bewindvoerder opdracht om de komende dertien maanden of zoveel eerder als de schuldsaneringsregeling eindigt, de post van [verzoekster] in te zien;

- bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag nemen volgens het Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Dit kan alleen:

o zolang de schuldsaneringsregeling loopt en

o voor zover de boedel toereikend is.

Dit is de beslissing van mr. L. Mundt, rechter, in samenwerking met R. Becker, griffier.

Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 21 mei 2025.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De beoordeling van het verzoek
  3. Toelating tot de WSNP
  4. 3 De beslissing

vonnis

RECHTBANK DEN HAAG

Team Insolventies

insolventienummer: R.09/25/1004

vonnis van 21 mei 2025

op het verzoek van:

[verzoekster],

wonende te [adres 1],

[postcode 1] [woonplaats].

Waar deze zaak over gaat

[verzoekster] bevindt zich in een problematische schuldensituatie. Om tot een oplossing voor haar schulden te komen heeft [verzoekster] een verzoek gedaan te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). De rechtbank wijst dit verzoek toe. Zij legt hierna uit waarom zij zo beslist.

1 De procedure

1.1.

[verzoekster] heeft een verzoek ingediend om te worden toegelaten tot de WSNP.

1.2.

Het verzoek is behandeld op de zitting van 21 mei 2025. Met de uitnodiging voor deze zitting is [verzoekster] een WSNP-informatieboekje toegezonden. Op de zitting zijn verschenen:

- [verzoekster], vergezeld door [naam 1] (oom, tolk),

- de heer [naam 2], schuldhulpverlener van de [gemeente],

- de heer [naam 3], budgetmaatje.

2 De beoordeling van het verzoek

Toelating tot de WSNP

2.1.

[verzoekster] kan alleen worden toegelaten tot de WSNP als zij zich in een problematische schuldensituatie bevindt en zij te goeder trouw was bij het ontstaan en onbetaald laten van haar schulden. De rechtbank kijkt daarbij vooral naar de afgelopen drie jaar. Ook moet de verwachting bestaan dat [verzoekster] aan de verplichtingen van de WSNP zal voldoen. Daarnaast beoordeelt de rechtbank of er aanleiding is een eerdere ingangsdatum van de WSNP te bepalen.

2.2.

[verzoekster] voldoet aan alle eisen en wordt toegelaten tot de WSNP.

2.3.

De verplichtingen waaraan [verzoekster] tijdens de WSNP moet voldoen staan in het WSNP-informatieboekje beschreven. Samengevat komt dit neer op: een informatieverplichting, een inspanningsverplichting, een verplichting geen nieuwe schulden te laten ontstaan en een afdrachtverplichting.

2.4.

De wet schrijft voor dat de eerste dertien maanden van het traject een postblokkade geldt. Gedurende deze periode zal alle post naar de bewindvoerder gaan.

De bewindvoerder stuurt de post na controle weer door aan [verzoekster].

2.5.

Het WSNP-traject duurt in principe achttien maanden. Als [verzoekster] zich gedurende die periode houdt aan alle verplichtingen die de WSNP met zich brengt, eindigt het traject na verloop van die achttien maanden met de zogenoemde “schone lei”. Dit betekent dat schuldeisers hun vorderingen ten aanzien waarvan de WSNP werkt niet meer op [verzoekster] kunnen verhalen.

Ingangsdatum termijn van de WSNP

2.6.

Een termijn van een wettelijke schuldsaneringsregeling kan beginnen te lopen vanaf de dag waarop de eerste aflossing is gedaan in het kader van de buitengerechtelijke schuldregeling als bedoeld in artikel 285, eerste lid, onder f Fw. Het moet gaan om een eerste aflossing tijdens ‘het minnelijk traject van schuldhulpverlening’ (HR 20 december 2024, ECLI:NL:HR:2024:1913, r.o. 3.9-3.10). Vanaf dat moment moet de schuldenaar maximaal aflossen op zijn schulden. Daarnaast moet hij zich in de verzochte periode maximaal inspannen om zoveel mogelijk baten voor de schuldeisers te verwerven.

2.7.

[verzoekster] verzoekt een eerdere ingangsdatum van de termijn van de WSNP te bepalen en bij de aftrek van de betreffende maanden de duur van het minnelijk traject te betrekken.

2.8.

De rechtbank zal het verzoek om een eerdere ingangsdatum te bepalen toewijzen, maar daarbij wel een andere datum bepalen dan gevraagd. Als uitgangspunt voor aanvang van het minnelijk traject hanteert de rechtbank Den Haag het moment waarop de schuldhulpverlener de afloscapaciteit heeft vastgesteld aan de hand van een eerste correcte berekening van het Vrij te laten bedrag (vtlb-berekening). De vtlb-berekening is vastgesteld op 25 november 2024. De rechtbank stelt vast dat [verzoekster] sindsdien per 1 maart 2025 zich maximaal heeft ingespannen zoveel mogelijk baten voor de schuldeisers te verwerven. Vanaf dat moment heeft zij namelijk (ruimschoots) voldoende aantoonbaar gesolliciteerd. Dat heeft geresulteerd in parttime werk per

1 mei 2025. Ook in mei 2025 heeft zij voldoende aantoonbaar aanvullend gesolliciteerd. De rechtbank zal daarom bepalen dat de termijn van een wettelijke schuldsaneringsregeling vanaf 1 maart 2025 begint te lopen.

3 De beslissing

De rechtbank:

- spreekt de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:

[verzoekster],

geboren op [geboortedatum] -1975 te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ),

wonende te [adres 1], [postcode 1] [woonplaats],

- wijst het verzoek tot het bepalen van een eerdere ingangsdatum toe;

- stelt de termijn van deze regeling vast op achttien maanden, te rekenen vanaf 1 maart 2025;

- stelt vast dat door deze uitspraak alle gelegde beslagen komen te vervallen;

- benoemt tot rechter-commissaris mr. L. Mundt en tot bewindvoerder: [naam 4],

[adres 2], [postcode 2] [plaats];

- geeft de bewindvoerder opdracht om de komende dertien maanden of zoveel eerder als de schuldsaneringsregeling eindigt, de post van [verzoekster] in te zien;

- bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag nemen volgens het Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Dit kan alleen:

o zolang de schuldsaneringsregeling loopt en

o voor zover de boedel toereikend is.

Dit is de beslissing van mr. L. Mundt, rechter, in samenwerking met R. Becker, griffier.

Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 21 mei 2025.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Deze uitspraak verwijst naar

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.