Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 30 juli 2024

ECLI:NL:RBDHA:2024:12206Zaaknummer Awb 24_11362

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
30 juli 2024
Publicatiedatum
6 augustus 2024
Zaaknummer
Awb 24_11362
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verzoek om een voorlopige voorziening hangende een bezwaarprocedure – sticker tewerkstellingsvergunning vereist voor arbeid – verweerder verzet zich niet tegen toewijzing van het verzoek – verzoek wordt toegewezen.

Beslissing

De voorzieningenrechter:

- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe;

  • treft de voorlopige voorziening dat verzoeker arbeid in Nederland voor zijn werkgever UAB Work Wise mag verrichten zonder een tewerkstellingsvergunning totdat beslist is op het bezwaar;
  • draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 187 (honderdzevenentachtig euro) aan verzoeker te vergoeden;
  • veroordeelt verweerder in de proceskosten tot een bedrag van € 875 (achthonderdvijfenzeventig euro), te betalen aan verzoeker.

Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. W. van Loon, griffier, op 30 juli 2024 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De rechter is buiten staat deze De griffier is buiten staat deze

uitspraak te ondertekenen. uitspraak te ondertekenen.

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Procesverloop
  2. Overwegingen
  3. Beslissing
  4. Rechtsmiddel

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

Zaaknummer: AWB 24/11362

uitspraak van de voorzieningenrechter op het verzoek om voorlopige voorziening in de zaak tussen

[verzoeker], verzoeker,

V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. D.O. Wernsing),

en

de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,

(gemachtigde: [gemachtigde] ).

Procesverloop

Op 13 juni 2024 is aan verzoeker een verblijfssticker afgegeven met de arbeidsmarktaantekening ‘arbeid wel toegestaan: tewerkstellingsvergunning wel vereist’, geldig tot 4 oktober 2024 (hierna: het primaire besluit).

Verzoeker heeft tegen het primaire besluit bezwaar gemaakt. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen die ertoe strekt dat hij specifieke arbeid mag verrichten gedurende de bezwaarprocedure.

Op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) doet de voorzieningenrechter uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Op grond van artikel 8:81 van de Awb kan indien voorafgaand aan een mogelijk beroep bij de rechtbank, tegen een besluit bezwaar is gemaakt, de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd is of kan worden in de hoofdzaak, op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.

2. Verweerder heeft op 25 juli 2024 laten weten dat hij zich niet verzet tegen toewijzing van het verzoek tot het treffen van de voorlopige voorziening hangende de bezwaarprocedure.

3. Nu verweerder zich niet verzet tegen toewijzing van de gevraagde voorlopige voorziening, zal de voorzieningenrechter het verzoek als kennelijk gegrond toewijzen.

4. Omdat de voorzieningenrechter het verzoek toewijst, bepaalt de voorzieningenrechter dat verweerder aan verzoeker het door hem betaalde griffierecht vergoedt. Verder moet verweerder een vergoeding betalen voor de proceskosten die verzoeker heeft gemaakt. De voorzieningenrechter stelt de proceskosten op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 875.

Beslissing

De voorzieningenrechter:

- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe;

  • treft de voorlopige voorziening dat verzoeker arbeid in Nederland voor zijn werkgever UAB Work Wise mag verrichten zonder een tewerkstellingsvergunning totdat beslist is op het bezwaar;
  • draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 187 (honderdzevenentachtig euro) aan verzoeker te vergoeden;
  • veroordeelt verweerder in de proceskosten tot een bedrag van € 875 (achthonderdvijfenzeventig euro), te betalen aan verzoeker.

Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. W. van Loon, griffier, op 30 juli 2024 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De rechter is buiten staat deze De griffier is buiten staat deze

uitspraak te ondertekenen. uitspraak te ondertekenen.

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.