Uitspraak · Bestuursrecht

Rechtbank Den Haag, 14 augustus 2023

ECLI:NL:RBDHA:2023:11047Zaaknummer 23_3556

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
14 augustus 2023
Publicatiedatum
27 maart 2024
Zaaknummer
23_3556
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

onbevoegd

Beslissing

De rechtbank verklaart zich onbevoegd.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M. van Nooijen, rechter, in aanwezigheid van

F.J.M. van den Berg, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op

14 augustus 2023.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de datum van verzending verzet worden gedaan bij de rechtbank (artikel 8:55 van de Awb). De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Procesverloop
  2. Overweging
  3. Beslissing
  4. Rechtsmiddel

Rechtbank DEN HAAG

Bestuursrecht

zaaknummer: SGR 23/3556

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 augustus 2023 in de zaak tussen

[eiser], te [woonplaats] (Frankrijk), eiser,

en

het ministerie van Financiën, verweerder.

Procesverloop

Bij brief van 15 mei 2023 heeft eiser beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen van verweerder op zijn klacht van 9 september 2022.

Overweging

1. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

2. Op grond van artikel 9:3 van de Awb kan tegen een besluit inzake de behandeling van een klacht over de gedraging van een bestuursorgaan geen beroep worden ingesteld. Op grond van artikel 6:2, aanhef en onder b, van de Awb wordt voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep, het niet tijdig nemen van een besluit met een besluit gelijkgesteld.

3. De rechtbank stelt vast dat het beroep van eiser gericht is tegen het niet tijdig nemen van een beslissing op de door hem ingediende klacht.

4. Artikel 9:3 van de Awb is op grond van artikel 6:2, aanhef en onder b, van de Awb evenzeer van toepassing op het niet tijdig nemen van een besluit omtrent de behandeling van de klacht. Gelet op het voorgaande komt de rechtbank tot het oordeel dat zij onbevoegd is kennis te nemen van het ingestelde beroep. Het voorgaande brengt met zich dat, nu eiser geen beroep bij de rechtbank kan instellen, hij evenmin een beroep kan doen op de in afdeling 4.1.3.2 van de Awb neergelegde dwangsomregeling. De rechtbank zal zich dan ook onbevoegd verklaren.

5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart zich onbevoegd.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M. van Nooijen, rechter, in aanwezigheid van

F.J.M. van den Berg, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op

14 augustus 2023.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de datum van verzending verzet worden gedaan bij de rechtbank (artikel 8:55 van de Awb). De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.