Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Amsterdam, 10 juli 2026

ECLI:NL:RBAMS:2026:7653Zaaknummer C/13/790360 / FA RK 26/5242

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
10 juli 2026
Publicatiedatum
28 juli 2026
Zaaknummer
C/13/790360 / FA RK 26/5242
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Rekestprocedure, Beschikking
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Wijziging zorgmachtiging toegewezen.

De rechtbank:

3.1.

wijzigt de zorgmachtiging die op 15 mei 2026 is verleend ten aanzien van [betrokkene], geboren op [geboortedatum] 1967 te [geboorteplaats] (Suriname), in die zin dat de zorgmachtiging van 15 mei 2026 wordt uitgebreid met de volgende vorm(en) van zorg:

  • beperken van de bewegingsvrijheid;
  • insluiten;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • opnemen in een accommodatie.
3.2.

bepaalt dat deze uitbreiding geldt voor de resterende duur van de machtiging, zijnde tot en met 15 november 2026.

Deze beschikking is op 10 juli 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door

mr. M.J.M. Marseille, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 24 juli 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Procesverloop
  2. 2 Beoordeling
  3. 3 Beslissing

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd

zaaknummer / rekestnummer: C/13/790360 / FA RK 26/5242

kenmerk: ZM/IND/207303

Machtiging wijziging verplichte zorg Wvggz

Beschikking van 10 juli 2026 van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het wijzigen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 8:12 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:

[betrokkene],

geboren op [geboortedatum] 1967 te [geboorteplaats] (Suriname),

wonende te [adres],

hierna te noemen: betrokkene,

advocaat: mr. J. Bravo Mougán te Amsterdam,

zorgaanbieder: Arkin.

1 Procesverloop

1.1.

Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 30 juni 2026.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 10 juli 2026 op het thuisadres van betrokkene.

Ter zitting waren aanwezig en heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:

- mr. S.I Fonds, namens mr. J. Bravo Mougán, raadsvrouw van betrokkene;

- dhr. [naam], verpleegkundig specialist.

1.2.

Uit artikel 6:1, eerste lid, van de Wvggz volgt dat de rechter de betrokkene hoort na ontvangst van het verzoekschrift voor een zorgmachtiging, tenzij de rechter vaststelt dat betrokkene daartoe niet in staat of bereid is. De rechtbank constateert dat betrokkene niet aanwezig is bij de zitting. De rechter is naar de kamer van betrokkene gelopen om betrokkene te vragen naar de zittingsruimte te komen om met elkaar in gesprek te gaan. Betrokkene wilde niet mee naar de ruimte en heeft aangegeven een andere advocaat te willen maar dit standpunt niet te willen toelichten, omdat betrokkene niet bereid is om in de aangegeven ruimte gehoord te worden.

Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat betrokkene in de gelegenheid is gesteld om te worden gehoord, maar dat hij niet bereid is zich te doen horen. De rechtbank heeft daarop besloten om de mondeling behandeling in afwezigheid van betrokkene voort te zetten.

1.3.

Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig acht, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.

2 Beoordeling

2.1.

Ten aanzien van betrokkene is op 15 mei 2026 een zorgmachtiging afgegeven die geldt tot en met uiterlijk 15 november 2026. Daarbij is bepaald dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:

  • toedienen van medicatie;
  • het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen en het nakomen van afspraken met het ambulant behandelteam.
2.2.

Uit de door de zorgverantwoordelijke [naam] ingediende aanvraag en het advies van de geneesheer-directeur, blijkt dat de bij beschikking van 15 mei 2026 toegewezen vormen van verplichte zorg niet (langer) volstaan, waardoor er sprake is van een (dreigende) noodsituatie als bedoeld in artikel 8:11 van de Wvggz.

2.3.

In het verzoekschrift heeft de officier van justitie verzocht om de zorgmachtiging op de volgende onderdelen te wijzigen door toe te voegen als vormen van verplichte zorg:

  • beperken van de bewegingsvrijheid;
  • insluiten;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • opnemen in een accommodatie.
2.4.

Betrokkene heeft aangegeven een andere advocaat te willen. De raadsvrouw voelt zich om die reden niet gemachtigd om iets te zeggen.

De verpleegkundig specialist heeft toegelicht dat betrokkene op de vorige zitting heeft beloofd medicatie te gaan nemen. Tot op heden gebruikt hij echter geen medicatie en houdt hij zich niet aan de voorwaarden. Betrokkene dreigt zijn woonplek kwijt te raken omdat hij zijn kamer barricadeert en rookt op zijn kamer wat voor onveilige situaties kan zorgen. In het verleden heeft betrokkene lange tijd medicatie onder toezicht gehad en toen werkte hij en was hij vriendelijker. Hopelijk gaat hij uit zichzelf alsnog medicatie nemen, zodat een opname voorkomen kan worden.

2.5.

De voorgestelde gewijzigde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief en

veilig. Uit de stukken en de mondelinge behandeling blijkt dat bij het bepalen van deze zorg rekening

is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het

maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.

2.6.

De voorgestelde wijziging voldoet aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als

bedoeld in de Wvggz. De rechtbank zal het verzoek toewijzen voor de resterende duur van de thans

geldende zorgmachtiging, te weten tot en met uiterlijk 15 november 2026.

3 Beslissing

De rechtbank:

3.1.

wijzigt de zorgmachtiging die op 15 mei 2026 is verleend ten aanzien van [betrokkene], geboren op [geboortedatum] 1967 te [geboorteplaats] (Suriname), in die zin dat de zorgmachtiging van 15 mei 2026 wordt uitgebreid met de volgende vorm(en) van zorg:

  • beperken van de bewegingsvrijheid;
  • insluiten;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • opnemen in een accommodatie.
3.2.

bepaalt dat deze uitbreiding geldt voor de resterende duur van de machtiging, zijnde tot en met 15 november 2026.

Deze beschikking is op 10 juli 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door

mr. M.J.M. Marseille, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 24 juli 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.