Conclusie · Strafrecht
Parket bij de Hoge Raad, 9 juni 2015
ECLI:NL:PHR:2015:1492Zaaknummer 14/00666
- Instantie
- Parket bij de Hoge Raad
- Datum conclusie
- 9 juni 2015
- Publicatiedatum
- 17 september 2015
- Zaaknummer
- 14/00666
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Soort
- Conclusie
Inhoudsindicatie
Profijtontneming. HR: art. 80a RO.
Volledige tekst
| Nr. 14/00666 P Zitting: 9 juni 2015 | Mr. Hofstee Conclusie inzake: [betrokkene] [_5d414cc7-11df-4912-b25e-62fd58e71ab2] |
1. Het cassatieberoep richt zich tegen een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 22 januari 2014. Namens de betrokkene is tijdig een schriftuur houdende een middel van cassatie ingezonden.
2. Het middel klaagt tevergeefs over de geenszins onbegrijpelijke verwerping door het Hof van het verweer dat op de subpost “Eindsaldi rekeningen” een bedrag van fl. 13.319,25 en op de subposten “Verzekeringen” en “Vaste lasten” een bedrag van fl. 26.289,88 respectievelijk fl. 7.788,00 in mindering moet worden gebracht en kan derhalve klaarblijkelijk niet tot cassatie leiden.
3. Op grond van het voorgaande stel ik mij op het standpunt dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk kan worden verklaard.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:HR:2015:2635 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:HR:2015:2635 Hoge Raad, 15 september 2015 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.