Conclusie · Strafrecht
Parket bij de Hoge Raad, 2 december 2014
ECLI:NL:PHR:2014:2747Zaaknummer 13/03398
- Instantie
- Parket bij de Hoge Raad
- Datum conclusie
- 2 december 2014
- Publicatiedatum
- 5 februari 2015
- Zaaknummer
- 13/03398
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Soort
- Conclusie
Inhoudsindicatie
HR: art. 80a RO
Volledige tekst
| Nr. 13/03398 Zitting: 2 december 2014 | Mr. Knigge Conclusie inzake: [verdachte] |
1. Het beroep in cassatie van verdachte heeft betrekking op een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.[_50c3fcbc-e1f0-4d14-9a15-763272ddae18]
2. Het middel, dat klaagt dat Hof onvoldoende gemotiveerd voorbij is gegaan aan het uitdrukkelijk onderbouwde standpunt strekkende tot vrijspraak, faalt. Het hof heeft in een bewijsmotivering overwogen dat en waarom het, in afwijking van de verdediging, wel geloof hecht aan de tot bewijs gebezigde verklaringen van de aangever, en mede gelet daarop vindt het standpunt van de verdediging dat van de ten laste gelegde poging tot afpersing geen sprake is geweest, zijn weerlegging in de door het Hof gebezigde bewijsmiddelen. Het voorgaande betekent dat het middel klaarblijkelijk niet tot cassatie kan leiden.
3. Op grond van het voorgaande stel ik mij op het standpunt dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk wordt verklaard.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,
AG
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:HR:2015:196 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:HR:2015:196 Hoge Raad, 3 februari 2015 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.