Conclusie · Strafrecht

Parket bij de Hoge Raad, 15 januari 2013

ECLI:NL:PHR:2013:BZ0007Zaaknummer 12/02779 B

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
15 januari 2013
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
12/02779 B
Rechtsgebied
Strafrecht
Soort
Conclusie

Inhoudsindicatie

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk op grond van art. 80a RO.

Conclusie inzake:

[Klager]

1. Het beroep in cassatie van klager heeft betrekking op een beschikking van de Rechtbank Rotterdam van 22 mei 2012 waarbij een namens klager ex art. 552a Sv ingediend klaagschrift ongegrond is verklaard.

2. Het middel steunt op de opvatting dat een beslag ex art. 94 Sv en een beslag ex art. 94a Sv niet naast elkaar kunnen bestaan. Die opvatting is onjuist. Zie HR 28 september 2010, LJN BL2823, NJ 2010/654, waarin in rov. 2.7 wordt gesproken van de "bepalingen of bepalingen" die aan het beslag ten grondslag "ligt of liggen" en waarbij ten aanzien van "liggen" voetnootsgewijs wordt verwezen naar onder meer HR 5 september 2006, LJN AU6712, NJ 2006/612 waarin sprake was van een beslag dat - na handhaving ex art. 103 Sv - zowel op art. 94 Sv als op art. 94a Sv was gebaseerd.

3. Uit het voorgaande volgt dat het middel klaarblijkelijk niet tot cassatie kan leiden.

4. Deze conclusie strekt ertoe dat het cassatieberoep niet ontvankelijk wordt verklaard op de voet van art. 80a RO.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden,

AG

Volledige tekst

Nr. 12/02779 B

Mr. Knigge

Zitting: 11 december 2012

Conclusie inzake:

[Klager]

1. Het beroep in cassatie van klager heeft betrekking op een beschikking van de Rechtbank Rotterdam van 22 mei 2012 waarbij een namens klager ex art. 552a Sv ingediend klaagschrift ongegrond is verklaard.

2. Het middel steunt op de opvatting dat een beslag ex art. 94 Sv en een beslag ex art. 94a Sv niet naast elkaar kunnen bestaan. Die opvatting is onjuist. Zie HR 28 september 2010, LJN BL2823, NJ 2010/654, waarin in rov. 2.7 wordt gesproken van de "bepalingen of bepalingen" die aan het beslag ten grondslag "ligt of liggen" en waarbij ten aanzien van "liggen" voetnootsgewijs wordt verwezen naar onder meer HR 5 september 2006, LJN AU6712, NJ 2006/612 waarin sprake was van een beslag dat - na handhaving ex art. 103 Sv - zowel op art. 94 Sv als op art. 94a Sv was gebaseerd.

3. Uit het voorgaande volgt dat het middel klaarblijkelijk niet tot cassatie kan leiden.

4. Deze conclusie strekt ertoe dat het cassatieberoep niet ontvankelijk wordt verklaard op de voet van art. 80a RO.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden,

AG

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.